11 december 1997

Palmbomenplantage

Dit is een over­zicht van de palm­boom­plan­ta­ge (da­dels) waar­in ook het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel ligt, links, maar net voor­bij de lin­ker rand van de fo­to. De hui­zen op de ach­ter­grond ho­ren bij de woon­wijk Aydīd en Tarīm zelf ligt rechts in beeld. De bo­ven­kant van de ‘ber­gen’ heet Yool en be­zocht ik op 31 mei 1996. De kijk­rich­ting is naar het noor­den. De po­si­tie van­waar ik de­ze fo­to (dia) maak­te is ook van­af de Yool, die ik op 14 december 1997 zal be­zoe­ken.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9448) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Mak­ta­bat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – De ont­van­ger van het ge­schenk van de Ne­der­land­se re­ge­ring komt van­daag he­le­maal uit Ṣanaᶜā’ om ons te com­man­de­ren wat wij moe­ten gaan doen. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Donderdag, 11 december 1997.
Tariem: 23/25.
Op 6.30 uur. Wer­ken aan mijn brief naar Ne­der­land.
Om 7.30 uur ont­bijt.
Met de taxi voor de deur, voor 600 rial (goed­ko­per dan ooit) naar Say’ūn om daar te con­sta­te­ren dat Abd al-Raḥ­mān niet op on­ze af­spraak is, maar Dr. Yoe­soef A. van de lucht­ha­ven af­haalt, die ons zal ko­men ver­tel­len, wat be­te­kent: com­man­de­ren, wat we nog moe­ten doen.
Ik ga mijn vi­sum la­ten ver­len­gen en vul, waar­schijn­lijk tot er­ger­nis van [col­le­ga] Taw­fīq, het Ara­bische for­mu­lier in het En­gels in. Dat le­vert pro­ble­men op, maar de ka­pi­tein laat zich niet aan­gaan dat hij geen En­gels kent, ten over­staan van het ge­me­ne volk, zo­als Taw­fīq voor­speld had. Een an­de­re l*l, die­zelf­de die de ver­len­ging ver­le­den jaar trai­neer­de, doet dat dit jaar weer.
Toen vul­den Nico en ik het ook in het En­gels in.
Na anderhalf uur staan we bui­ten, ruim een uur te laat voor on­ze af­spraak in de Bi­blio­theek, ar­ri­ve­ren we daar, waar tot mijn gro­te er­ger­nis dr. Yoe­soef ons com­man­deert wat er moet ge­beu­ren.
Tijdens de lunch, op hun kos­ten, in het ho­tel Gaṣr al-Goebba ka­pit­tel ik hem daar­over, mis­schien ook wel tot er­ger­nis van Taw­fīq.
Ik zeg hem (in­di­rect) dat hij in Ṣanaᶜā’ op zijn luie kont zit en zich door wes­ter­se re­ge­rin­gen van geld laat voor­zien, ter­wijl hier puis­sant rij­ke per­so­nen zijn die geen stui­ver bij­dra­gen. Ik zeg hem dat zijn or­ga­ni­sa­tie die per­so­nen moet aan­spre­ken en geld moet vra­gen als bij­drage in hun cul­tu­reel erf­goed.
Dr. Yoe­soef zegt dat ze dat niet zul­len doen. Hij zegt dit zon­der dat hij hen ooit ge­vraagd heeft.
Later in de avond ben ik nog kwaad over zijn on­ge­hoord ge­com­man­deer. Ik be­denk dat dr. Yoe­soef A. geld moet gaan ver­za­me­len. Als hij niets vindt, krijgt hij van Ne­der­land ook niets. Vindt hij één rial, dan krijgt hij van ons ook één rial. Vindt hij een mil­joen, dan krijgt hij van ons ook een mil­joen rial. En­zo­voorts.
Dan zal de geld­schie­ter mis­schien eni­ge con­tro­le uit­oe­fe­nen.
Dat zou wel eens het ein­de van mijn in­kom­sten kun­nen be­te­ke­nen en ze­ker het ein­de van mijn er­ger­nis. Dus dr. Yoe­soef A. zelf uit zijn luie stoel la­ten op­staan. (En hem niet hel­pen!)
Zwemmen.
Brief naar Ne­der­land tot tien blad­zij­den vol­schrij­ven, maar ik zal hem in­krim­pen of niet?
Anderhalf uur sla­pen.
Met Taw­fīq brood eten op het ter­ras.
Nu 23.30 uur.
Op het vi­sum­kan­toor was een mooie zwar­te jon­gen. Ik zou met die wel eens heb­ben wil­len ‘spe­len’.
Temperatuur, ma­xi­mum: 39,5°C. Vocht, mi­ni­mum: 21%.
Temperatuur, mi­ni­mum: 15,6°C. Vocht, ma­xi­mum: 54%.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Brief

Ik schreef, op mijn lap­top­com­pu­ter, een tien blad­zij­den (A4) lan­ge brief voor mijn re­la­ties in Ne­der­land. Die be­vat in­te­res­san­te ach­ter­grond­in­for­ma­tie, die ei­gen­lijk te veel was om ook nog eens ex­tra in mijn dag­boek neer te pen­nen. Ik ci­teer hier uit die brief, maar uit een ge­deel­te dat ik niet ver­stuur­de.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Succes?

Is het Tarīm-pro­ject nu een suc­ces of niet? Ver­le­den jaar le­ver­den we meu­bi­lair, com­pu­ters, ge­reed­schap en na­slag­wer­ken. Dat spul is er nog al­lemaal. Maar is in die an­der­half jaar dat ik weg was ook wat ge­beurd? Is er pro­gres­sie bij het per­so­neel zelf wat be­treft ken­nis en vaar­dig­heid in het wer­ken met ma­nus­crip­ten en ge­le­ver­de ap­pa­ra­tuur? Heb­ben ze enig idee hoe het ver­der moet in de toe­komst en zelfs plan­nen daar­voor ont­wik­keld? Heb­ben ze zelf in­kom­sten­bron­nen kun­nen aan­bo­ren voor het ge­val de geld­stroom uit het rij­ke west­en op­droogt? Heb­ben ze dat werk uit­ge­voerd waar­voor ik de vo­ri­ge keer geld heb ach­ter­ge­la­ten en waar­voor ik een con­tract had ge­maakt?

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Commandant

Op don­der­dag 11 de­cem­ber stond hier to­taal on­ver­wacht en voor ons on­aan­ge­kon­digd de hoog­ste baas van de Al­ge­me­ne Or­ga­ni­sa­tie van An­ti­qui­tei­ten, Mu­sea en Hand­schrif­ten, die ver­leden jaar het Ne­der­land­se ge­schenk van 250 dui­zend gul­den, na­mens de Aḥgāf-bi­blio­theek, in ont­vangst nam, op de lucht­ha­ven van Say’ūn. Die man, dr. Yoesoef A. uit Ṣanaᶜā’, kwam niet met ons over­leg­gen waar­voor wij het res­te­ren­de geld zou­den kun­nen ge­brui­ken. Ook kwam hij niet vra­gen hoe we dat sa­men het bes­te zou­den kun­nen doen. Nee, hij kwam ons op­dra­gen wat er nog ge­kocht moest wor­den en wel­ke per­so­nen er­van be­taald moe­ten wor­den. (Niet dat we zijn oe­ka­ze zul­len op­vol­gen, wij heb­ben ver­ant­woor­ding af te leg­gen bij dr. Jan Just Wit­kam en niet bij eni­ge Je­me­niet).

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Miljonairs

Ik hoop hier nog ve­le ma­len te ko­men, des­noods op kos­ten van Ḥaḍra-ma­je­steit de Ko­ning­in der Ne­der­lan­den. Als free­lan­cer heb ik er zelfs fi­nan­ci­eel be­lang bij dat het pro­ject tot in leng­te van ja­ren wordt voort­ge­zet. Maar als mij zou wor­den ge­vraagd de Mi­ni­ster van Ont­wik­ke­lings­sa­men­wer­king te ad­vi­se­ren over dit pro­ject, dan weet ik wel wat ik te­gen hem zou wil­len zeg­gen. Dat zou mis­schien niet in het be­lang zijn van mij als free­lan­cer, maar wel als be­las­ting­be­ta­ler.
Er zitten in het rijke wes­ten, op re­ge­rings­ni­veau, waar­schijn­lijk veel men­sen met een soort van schuld­ge­voel om­dat wij ken­ne­lijk puis­sant rijk zijn en dat er an­de­ren zijn die dat niet zijn. Ik denk dat de wes­ter­se re­ge­rin­gen in hun ijver gro­te hoe­veel­he­den geld te slij­ten, bij ar­me lan­den in de rij staan. Dr. Yoe­soef hoeft maar “Ja” te zeg­gen op de vraag of er in Je­men nog er­gens geld ge­dumpt kan wor­den. Waar komt an­ders die on­ge­hoor­de bru­ta­li­teit van­daan om ons, ge­vers van een ge­schenk, op te dra­gen waar­aan wij het moe­ten be­ste­den? Ter­wijl we ons ui­ter­ste best doen die Bi­blio­theek in te rich­ten en te la­ten draai­en zo­als het een mo­der­ne bi­blio­theek be­taamt en de “coun­ter­part” in Je­men het op al­le fron­ten laat af­we­ten.
Hier in Tarīm zijn men­sen die er trots op zijn in Sin­ga­po­re en in Sa­oedi-Ara­bië ve­le mil­jar­den dol­lars ver­diend te heb­ben. Geen een van hen draagt ook maar één rial (an­der­hal­ve cent) bij aan het be­houd van de ei­gen cul­tuur. Al­les, el­ke stui­ver, wordt door de be­las­ting­be­ta­ler in de Euro­pe­se Ge­meen­schap be­taald.
Ik heb dr. Yoe­soef ge­vraagd of hij niet eens met die, wer­ke­lijk puis­sant rij­ke, men­sen kan gaan pra­ten over een bij­drage in de kos­ten van het on­der­houd van die, door hen zelf zo ge­pre­zen, rij­ke cul­tuur. Mijn op­mer­king werd door hem zon­der meer van de ta­fel ge­veegd om­dat die rijkaards toch niet zou­den wil­len bij­dra­gen. Maar dr. Yoe­soef heeft er tot nu toe niet eens over ge­dacht dat te vra­gen. Zo ver­wend is hij en zo ge­mak­ke­lijk stroomt het geld uit het wes­ten bin­nen dat je als Je­me­niet zelfs ei­sen gaat stel­len over de be­ste­ding van dat ge­schon­ken geld.
De ontvanger zal er­op ge­we­zen moe­ten wor­den dat wij van hem wat ei­sen en niet om­ge­keerd, na­me­lijk dat hij zijn ui­ter­ste best doet dit pro­ject tot een suc­ces te ma­ken door zelf ook ini­tia­tie­ven te to­nen en te ont­wik­ke­len.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

10 december 1997

Tarim

Tarīm vanaf een heu­vel ge­zien. Dit is een sa­men­stel van ze­ven fo­to’s.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9427) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Mak­ta­bat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Woensdag, 10 december 1997.
Tariem: 22/26.
Op 6.30 uur.
Ik schaaf aan de brief naar huis en werk aan de da­ta­ba­se.
Bibliotheek van cir­ca 10.00 tot 13.00 uur. Ḥu­sayn al-Ḥ. is pas na 11.30 uur be­schik­baar om te wer­ken aan de op­zet van de da­ta­ba­se.
Na werktijd lo­pen Taw­fīq en ik door het dorp, zien en­ke­le vrou­we­lij­ke schoon­he­den en be­klim­men (Taw­fīq veel ho­ger dan ik) een stei­le berg­hel­ling, die uit­zicht geeft over Tarīm.
Hotel.
Zwembad.
Lunchen.
Dorp in.
Thee drin­ken en on­der an­de­re klet­sen met de in­te­res­san­te en ook wel knap­pe Abd al-Ka­rīm, on­der an­de­re over hun [de men­sen hier] op­vat­ting over toe­ris­tes.
Om 20.00 uur eten in het res­tau­rant. Nog met Taw­fīq klet­sen tot 22.00 uur.
Maximale tem­pe­ra­tuur: 39,4°C. [Ma­xi­ma­le] lucht­voch­tig­heid: 69%.
Mini­ma­le tem­pe­ra­tuur: 16,5°C. [Mi­ni­ma­le] lucht­voch­tig­heid: 21%.
Nu 22.34 [sic] uur: 19,9°C. / 37%.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Brief

Ik schreef, op mijn lap­top­com­pu­ter, een tien blad­zij­den (A4) lan­ge brief voor mijn re­la­ties in Ne­der­land. Die be­vat in­te­res­san­te ach­ter­grond­in­for­ma­tie, die ei­gen­lijk te veel was om ook nog eens ex­tra in mijn dag­boek neer te pen­nen. Ik ci­teer hier uit die brief.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Werk, maar geen sa­la­ris

Een an­de­re in­wo­ner van Tarīm, Abd al-Ka­rīm, stu­deer­de En­gels aan de uni­ver­si­teit van Ṣanaᶜā’ [de hoofd­stad van Je­men]. Daar gaf hij ook cur­sus­sen En­gels, soms wel aan hon­derd(!) leer­lin­gen te­ge­lijk. Nu werkt hij als le­raar En­gels in een school in een bui­ten­wijk van Ta­rīm. Hij ont­vangt daar geen sa­la­ris. Hij mag zich ge­luk­kig prij­zen dat hij werk vond. Als hij maar lang ge­noeg bij die school blijft wer­ken komt er een mo­ment dat een van de ou­de­re le­ra­ren met pen­si­oen gaat, waar­na Abd al-Ka­rīm mis­schien kan wor­den aan­ge­no­men en dan een sa­la­ris zal gaan ont­van­gen. Vol dank­baar­heid sprak hij over de hem ge­bo­den kans. Me­ni­ge le­raar vindt geen werk, zo zei hij, ook geen on­be­taald werk.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Geheime missies

Hij licht­te ons in over de op­vat­ting van de Ta­rīmī’s over bui­ten­land­se toe­ris­ten. Veel be­wo­ners vra­gen zich af wat al die bui­ten­lan­ders hier ko­men doen. Die be­schik­ken over veel geld en ko­men toch naar die ar­moe­di­ge om­ge­ving en ar­me men­sen kij­ken. Er zijn hier men­sen die er­van over­tuigd zijn dat al die vreem­de­lin­gen op een ge­hei­me mis­sie zijn*. Dat idee werd on­langs ‘be­we­zen’ toen in Jor­da­nië twee toe­ris­ten in wer­ke­lijk­heid le­den van de Is­ra­ë­lische ge­hei­me dienst ble­ken te zijn en daar een (mis­luk­te) po­ging on­der­namen om een te­gen­stan­der van Is­raël te ver­moor­den. (Was dat niet in ok­to­ber ’97?) Dit voor­val had een enor­me im­pact in Ta­rīm.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Af­schuw

Abd al-Karīm wees er speciaal op dat vrou­wen die hier al­leen ko­men met af­schuw wor­den be­ke­ken en als min­der­waar­dig wor­den be­schouwd. Een vrouw hoort niet zon­der haar echt­ge­noot te rei­zen. Een vrouw die wel al­leen reist wordt hier ge­zien als be­ho­rend tot het laag­ste soort.
Ook Abd al-Ka­rīm be­schouwt on­ze mo­raal als ver­dor­ven. Hij kan en wil niet ge­lo­ven dat de ge­mid­del­de toe­rist zich thuis vaak heel an­ders ge­draagt dan op va­kan­tie. Bo­ven­dien zien de mensen hier op de te­le­vi­sie in films en do­cu­men­tai­res (zij kun­nen hier vijf­tig ka­na­len ont­van­gen) dui­de­lijk dat on­ze wes­ter­se maat­schap­pij be­zig is in te stor­ten.
Ik zie na­tuur­lijk ook dat veel wes­ter­se vrou­we­lij­ke toe­ris­ten zich kle­den in over­een­stem­ming met de tem­pe­ra­tuur hier en zich ge­dra­gen in over­een­stem­ming met hun ge­woon­tes thuis en niet in­stem­men met de hier heer­sen­de gods­dien­sti­ge op­vat­ting over kle­ding en ge­drag. Dit stoort de lo­ka­le be­vol­king enorm en zij be­kijkt dat al­les met toe­ne­men­de af­schuw.
Zo werd de Bi­blio­theek, die bo­ven de Gro­te Mos­kee ligt, door het mos­kee­be­stuur ge­dwon­gen om op ei­gen kos­ten een an­de­re in­gang te ma­ken, om­dat schaam­te­loos ge­kle­de be­zoek­sters van de Bi­blio­theek voort­du­rend de er­ger­nis op­rie­pen van de man­ne­lij­ke mos­kee­gan­gers. De in­gang van de mos­kee en de in­gang van de Bi­blio­theek la­gen na­me­lijk sa­men aan het be­gin van de­zelf­de trap.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*
Geheime missie. De di­plo­maat uit een van de Golf­sta­ten bij wie wij op 29 de­cem­ber a.s. in Ṣanaᶜā’ aan een gaat-ses­sie (qāt) deel­ne­men, fluis­tert mij (toen het over het Ara­bisch – Is­raë­lisch con­flict ging en de rol daar­in van Ne­der­land in de jaren ze­ven­tig), in het oor: “ … de mees­te Ara­bie­ren zoe­ken wat ach­ter al die Wes­ter­se be­lang­stel­ling voor de is­la­mi­tische we­reld, een sa­men­zwe­ring of iets der­ge­lijks“.

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

9 december 1997

Krot

Er staan niet alleen prach­tige pa­lei­zen in Tarīm, zo­als het ᶜIššah-pa­leis (ﻗﺼﺮ ﻋﺸﺔ) waar­van ik op 6 december jl. een fo­to toon­de, maar ook krot­ten. Wan­neer zo’n le­men huis niet voort­du­rend on­der­hou­den wordt, stort het op ge­ge­ven mo­ment in. De ‘bouw­ste­nen’ zijn per slot van re­ke­ning al­leen maar ge­maakt van in de zon ge­droog­de mod­der: mud brick.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9446) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Mak­ta­bat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

Dinsdag, 9 december 1997.
Tariem: 21/27.
Op 6.30 uur. Het is 14,3°C., koud dus. Tot circa 8.00 uur werk ik aan de brief naar huis.
Van 8.00 tot 10.00 uur werk­ont­bijt sa­men met Taw­fīq.
Daar­na blijft hij nog zeker twee uur ‘han­gen’ in de boek­han­del Mak­ta­bat Ta­rīm al-Ḥa­dī­ṯa. [De Nieu­we / Mo­der­ne Ta­riem­se Boek­han­del.] Ik word er zelfs ner­veus van.
We komen pas om 12.00 uur in de bi­blio­theek, waar Abd al-Raḥ­mān op ons wacht, al de he­le och­tend en ook zijn on­ge­noe­gen ven­ti­leert.
Taw­fīq be­gint nog een be­spre­king met Abd al-Raḥ­mān in het En­gels, om het per­so­neel niet van al­le ins and outs op de hoog­te te bren­gen.
De door ons he­den­och­tend, door brain­stor­men, bij­een ge­brach­te idee­ën slaan niet aan. Abd al-Raḥ­mān wil een nieuw ge­bouw als eer­ste.
Taw­fīq wil spij­kers met kop­pen slaan. Dat gaat ech­ter niet in de­ze cul­tuur.
Enerzijds ben ik voor de veel con­cre­te­re aan­pak van Taw­fīq. An­der­zijds be­te­kent dat ook dat Abd al-Raḥ­mān, be­te­kent voel ik een ze­ke­re … Ik weet het nu (23.00 uur) niet meer. We wa­ren vre­se­lijk laat in de bi­blio­theek.
Ik wilde van­daag Ḥu­sayn al-Ḥ. hel­pen om een for­mu­lier te con­stru­e­ren in de da­ta­ba­se.
Hotel rond 14.00 uur.
Lunch op mijn adres. [Ter­ras?]
Taw­fīq is erg te­leur­ge­steld dat on­ze en­thou­si­as­te idee­ën voor public re­la­tions steeds ver­zan­den in het feit dat dit ge­bouw niet ge­schikt is en het on­wil­li­ge mos­kee­be­stuur, dat geen bij­zon­de­re ac­ti­vi­tei­ten toe­staat. Dat het geld al­le­maal van een over­heid moet ko­men en dat er niet aan fund­rai­sing ge­daan wordt.
Na de mid­dag gaan we nog eens naar de Mak­ta­bat Ta­rīm al-Ḥa­dī­ṯa, waar ik koop, vijf woor­den­boe­ken*.
Teaching Dic­tio­nary Iron and Steel In­dus­try.
Teaching Dic­tio­nary Textile In­dus­try.
Teaching Dic­tio­nary In­dus­trial Fur­naces and Re­frac­to­ries.
Teaching Dic­tio­nary Agri­cul­tu­ral En­gi­nee­ring.
(Uit een se­rie waar­van ik er al drie van in Lei­den heb.) Elk 200 Rial – f. 3,00 per stuk.
Van alle vier is de kaft [band] ern­stig be­scha­digd. Ze zijn zo goed­koop om­dat ze uit de DDR ko­men, an­ders zou­den ze ze­ker f. 15,00 kos­ten.
Ik koop ook nog Eng­lish – Ara­bic Rea­ders Dic­tio­na­ry: 400 Rial. (f. 6,00)
Thee drinken op het taxi­chauf­feurs­ter­ras.
Hotel: warm eten in het res­tau­rant.
Daar op het ter­ras nog klet­sen.
Nu circa 23.30 uur. Ik luis­ter Underworld Acid Music. [Op mijn Walk­man.]
Temperaturen: 14,3°C en 39,8°C.
Lucht­voch­tig­heid: 45% en LO%.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*
De woor­den­boe­ken zijn Ara­bisch naar En­gels, Frans en Duits en En­gels naar Ara­bisch, Frans naar Ara­bisch en Duits naar Ara­bisch. Edi­tion Leip­zig, Leip­zig. (Ver­schil­len­de jaar­tal­len van uit­gif­te.)

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

8 december 1997

Eerstedagenveloppe
Eer­ste­dag­en­ve­lop­pe van 30 no­vem­ber 1996 met bij­zon­de­re plan­ten in Je­men en op het Je­me­ni­tische ei­land So­co­tra.
www.ohmygosh.on.ca/stamps/yemen/roy96.htm

30 November 1996
Rare Yemeni plants
20 rials – Parodia maasii
50 rials – Notocatus cris­tata
60 rials – Adenium obessum So­co­tra­numi
70 rials – Dracaena cin­na­bari
100 rials – Mammil­la­ria erythro­sper­ma

Bovenstaande tekst komt van ge­noem­de web­si­te, maar de na­men van de plan­ten ko­men niet he­le­maal over­een met de tekst op de post­ze­gels.


Post­zegel (uiterst links bo­ven): 70 rials. Dra­caena Cin­na­bari is een plant die al­leen voor­komt op het eiland So­co­tra voor de kust van Je­men. Hier zijn plaat­se­lijk nog re­de­lijk gro­te po­pu­la­ties te vin­den, met na­me op de Hagh­ier-ber­gen en de na­bij­ge­le­gen kalk­steen­pla­teaus. El­ders op het ei­land zijn nog enige re­lict­po­pu­la­ties en de soort is he­le­maal ver­dwe­nen van het wes­te­lijk uit­ein­de van het ei­land. (Bron: Wi­ki­pe­dia.)
Post­zegel (vier­kant, links bo­ven): 50 rials. No­to­ca­tus Cris­tata. (Ver­moe­de­lijk gaat het hier­bij om een druk­fout en moet de naam zijn: No­to­cac­tus Cris­tata), maar een plant met slechts de­ze (een­vou­di­ge) aan­dui­ding is op in­ter­net niet be­kend.
Post­zegel (vier­kant, rechts bo­ven): 20 rials. Pa­ro­dia Maasii.
Post­zegel (vier­kant, links be­ne­den): 60 rials. Ade­nium Obe­sum So­co­tra­num. Ade­nium is een ge­slacht uit de maag­den­palm­fa­mi­lie (Apo­cy­na­ceae). De soor­ten ko­men voor in Afri­ka en op het Ara­bisch Schier­ei­land. Een be­ken­de soort is de woes­tijn­roos (Ade­nium obe­sum). (Bron: Wi­ki­pe­dia.)
Post­zegel (vier­kant, rechts be­ne­den): 100 rials. Mam­mil­la­ria Erythro­sper­ma ist ei­ne Pflan­zen­art aus der Gat­tung Mam­mil­la­ria in der Fa­mi­lie der Kak­teen­ge­wächse (Cac­taceae). Das Arte­pi­the­ton erythro­sper­ma be­deu­tet mit ro­tem Sa­men. (Bron: Wi­ki­pe­dia.)

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9445) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Maktabat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

Maandag, 8 december 1997.
Tariem: 20/28.
Op 5.15 uur!
Werken aan de da­ta­ba­se tot 8.00 uur. Dit is te gek. Ik wil niet meer zo vroeg be­gin­nen, maar al die be­spre­kin­gen met Taw­fīq kos­ten veel an­de­re werk­tijd, hoe­wel al­les zeer nut­tig is.
Taw­fīq maakt me at­tent op mooie Je­me­ni­tische post­zegels en ik be­sluit er over­al twee van te ko­pen, sa­men voor 6.480 Rial, cir­ca f. 100,00.
Ik begin met het on­der­wij­zen van Ḥu­sayn al-H. over het ge­bruik van de da­ta­ba­se.
Op mijn ter­ras eten met Taw­fīq.
Even met een Duit­ser, Hans Die­ter …, apo­the­ker uit Bie­le­feld pra­ten.
Even zwemmen.
Dagboek bij­wer­ken.
Min: 17,5°C. 21%.
Max: 37,4°C. 48%.
Ik werk tot circa 23.30 aan de da­ta­base en weet daar­bij de be­vei­li­ging te re­ge­len.
Ik at brood op mijn ka­mer.
Bed circa 00.00 uur.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Meer informatie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wi­ki­pe­dia. – Web.: website. – F.: foto’s in Google Maps.
Socotra:
GM., Wi., F.
:ﺳﻘﻄﺮﻯ

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

7 december 1997

Bibliotheek

Deze enigs­zins over­be­lich­te dia, ge­maakt op 21 mei 1996 met een groot­hoek­lens, tij­dens mijn eer­ste ver­blijf in Tarīm, geeft een in­druk van de in­de­ling de Aḥ­gāf-bi­blio­theek. De ijze­ren kas­ten met de hand­schrif­ten staan langs de wan­den, links en rechts, op­ge­steld en heb­ben gla­zen deu­ren.
Ik schoot deze dia tij­dens het be­zoek van de Ne­der­land­se Am­bas­sa­deur aan de bi­blio­theek. De man­nen / me­de­wer­kers van de bi­blio­theek zit­ten schijn­baar niets te doen, maar wach­ten tot­dat de Am­bas­sa­deur ver­trekt, zo­dat ze weer aan het werk kun­nen gaan.
Links in de hoek zit de heer Ḥu­sayn al-K. die el­ke ge­le­gen­heid aan­greep om de ge­druk­te boe­ken, die een on­der­deel van het Ne­der­land­se ge­schenk aan de bi­blio­theek vorm­den, te be­stu­de­ren. De­ze boe­ken heb­ben be­trek­king op Je­men in het al­ge­meen en de Ha­dra­maut in het bij­zon­der. Na­slag­wer­ken vorm­en te­vens een be­lang­rijk on­der­deel van het ge­schenk.
Het meu­bi­lair, zo­als de ta­fels links op de ach­ter­grond, maak­ten deel uit van het ge­schenk. Al­les uit Ne­der­land was per con­tai­ner aan­ge­voerd. (Zie daar­voor 23 april 1996.)
De man­nen dra­gen al­le­maal een sa­rong (voor­na­me­lijk van In­do­ne­sische ma­ke­lij), want dat is de tra­di­tio­ne­le kle­ding in de Ḥaḍramaut.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9444) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Mak­ta­bat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

Zondag, 7 december 1997.
Tariem: 19/29.
Op 6.45 uur.
Circa 9.30 uur in de bi­blio­theek. Er zijn men­sen van de We­reld­bank.
Thuis [hotel] cir­ca 13.30 uur.
Lunch.
Zwemmen.
Nu 16.30 uur.
Ik voer veel be­spre­kin­gen met [col­le­ga] Taw­fīq. Hij wil zeer door­tas­tend op­tre­den en over ie­de­re stui­ver on­der­han­de­len. Hij heeft veel idee­ën om een en an­der hier aan te pak­ken. Hij is zeer ge­dre­ven.
Met het be­spre­ken van al­ler­lei za­ken ver­lies ik veel werk­tijd waar­in ik de da­ta­ba­se zou kun­nen ver­be­te­ren.
Van circa 21.30 tot 00.00 uur werk ik er­aan.
Weer:
Min: 17,5°C. / 21% [Lucht­voch­tig­heid.]
Max: 39,9°C. / 52%.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

6 december 1997

9443-1997-12-05 (Tarim 97-XI_020 kopie)

Dit is het ᶜIššah-pa­leis (ﻗﺼﺮ ﻋﺸﺔ)* te Tarīm. Dit pa­leis is he­le­maal van leem ge­bouwd (mud brick) en de ar­chi­tec­tuur is be­ïn­vloed door de een In­dia­se is­lam­stijl (Moghul). Te­gen­woor­dig (2017) zijn de kleu­ren, die hier, op deze dia uit 1997, vaal­blauw zijn, weer fel don­ker­blauw ge­schil­derd.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9443) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Maktabat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

Zaterdag, 6 december 1997.
Tariem: 18/30.
Toen ik om 8.00 naar be­ne­den kwam om te gaan ont­bij­ten, stond [col­le­ga] Taw­fiq in de re­cep­tie. Even had ik een mo­ment dat ik dacht dat ik droom­de, maar dat was niet zo. Hij en de si­tu­a­tie was echt.
Ik had voor 9.00 uur een taxi be­steld om cir­ca 10.00 uur op de lucht­ha­ven van Say’ūn te zijn om hem te ont­van­gen.
DK. van de Ne­der­land­se Am­bas­sa­de had be­weerd dat men te­gen­woor­dig om 9.00 uur ver­trekt uit Ṣanaᶜā’. Ik had Abd al-Raḥ­mān twee­maal ver­geefs ver­zocht dat te ve­ri­fië­ren.
We namen samen het ont­bijt in het ho­tel en Taw­fiq ging mee naar de lucht­ha­ven, waar ik ook met Abd al-Raḥ­mān had af­ge­spro­ken.
We kochten daar­na een ge­ne­ra­tor voor de bi­blio­theek van 1.810 US$: 3 KW / Ben­zi­ne / vrij stil.
Dan gaan we naar de bi­blio­theek waar Taw­fiq veel in­druk maakt met zijn feil­loos Ara­bisch.
In het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel bied ik Taw­fiq, Abd al-Raḥ­mān en de taxi­chauf­feur een lunch aan.
Daarna bespreken we met Abd al-Raḥ­mān het pro­ject en la­ter Taw­fiq en ik sa­men.
We wandelen door het don­ke­re stad­je en drin­ken er­gens thee.
We eten in het res­tau­rant [van het ho­tel] een lich­te maal­tijd en ver­bren­gen de avond door, al klet­send, op mijn ter­ras tot cir­ca mid­der­nacht.
Daarna doe ik de pro­ject­ad­mi­ni­stra­tie.
Bed circa 01.30 uur.
Max 39,4°C., min: 17,3°C.
Max: 54%, min: LO%.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*
ᶜIššah-pa­leis (ﻗﺼﺮ ﻋﺸﺔ).
Klik hier voor een aan­tal re­cen­te fo­to’s. De tekst is in het Ara­bisch.
Wi­ki­pe­dia: Moghul-stijl / -achitectuur. Mughal (Engels).

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

5 december 1997

Moske

Een mos­kee in Tarīm, één van de 365 die het stad­je rijk is. De­ze is, even­als zo­veel ge­bou­wen in Tarīm, ge­heel van leem (mud brick) ge­bouwd. In de bo­gen van het por­taal is te zien hoe dik de mu­ren moe­ten zijn om de con­struc­tie zon­der in­stor­tings­ge­vaar te dra­gen. De wit­te kalk, die over de leem is aan­ge­bracht heet nū­rah en kan, mits bin­nen ge­bruikt, wel vijf­tig jaar mee­gaan. Bui­ten dient de­ze voor­al om de le­men ti­chels te­gen het (spo­ra­disch voor­ko­men­de) re­gen­wa­ter te be­scher­men.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9442) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Maktabat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten), maar van­daag is het vrij­dag, de is­la­mi­tische rust­dag. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

Vrijdag, 5 december 1997.
Tariem: 17/31.
Van­nacht was het 16,4°C en 68%. [Lucht­voch­tig­heid.]
Op circa 8.00 uur.
Ontbijt in het ho­tel.
Brief naar Neder­land bij­scha­ven.
Ik hoor verschil­lende vo­gels flui­ten.
Circa tweeënhalf uur aan de da­ta­ba­se wer­ken.
Ik blijf bijna twee uur in het heer­lijk war­me zwem­bad, on­der an­de­re met En­gels­ta­lige toe­ris­tes ver­tel­len, waar­van er een (een Aus­tra­lische) in Sa­oedi-Ara­bië werkt.
Weer scha­ven aan de brief naar Ne­der­land, ge­pland voor rond 14-12-97.
Tempera­tuur, mi­ni­maal: 16,4°C., ma­xi­maal vocht: 65%.
Tempera­tuur, ma­xi­maal: 39,4°C., mi­ni­maal vocht: LO% (??).

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Computer­verslag

De eerste drie we­ken van dit ver­blijf in Je­men hield ik op mijn lap­top­com­pu­ter ook een ver­slag bij, waar­in soms din­gen staan die niet in mijn dag­boek voor­komen.
Hier volgt een uit­trek­sel daar­van.

Hāšim, de och­tend­re­cep­tio­nist (Sā­lim T. is de avond­re­cep­tio­nist) ver­telt me on­ge­vraagd, maar daar­om niet min­der ge­wenst, dat hij vijf jaar in Irak Land­bouw­eco­no­mie stu­deer­de in de stad Mo­sul [Mawṣoel].
Hij is zeer te spre­ken over het land, want on­danks de ver­schrik­ke­lij­ke dic­ta­tuur heerst er toch een sys­teem. Als je je daar be­klaagt over wan­ge­drag van een an­der wordt er wat aan ge­daan. Hier in Je­men is geen sys­teem. Het is een land zon­der wet­ten, of wet­ten die niet toe­ge­past [ge­hand­haafd] wor­den.
Daar staat te­gen­over dat je hier wel vrij­heid van me­nings­ui­ting hebt. An­ders dan in de rest van de Ara­bische we­reld. Hij zegt dat het in Jor­da­nië ver­boden is over de ko­ning te spre­ken even­als in Sy­rië waar het ver­bo­den is de naam van Ha­fez al-As­sad*(1) te noe­men. Als je dat in Irak doet gaat je kop er­af. In Je­men spreekt men ge­woon over de pre­si­dent.
Hāšhim ver­telt dat voor de Golf­oor­log*(2) de di­nar drie dol­lar waard was. Nu is de 3.000 dinar één dol­lar waard. Hāšhim kreeg 100 dol­lar per maand van de Je­me­ni­tische am­bas­sa­de per maand. Dat was dan 300.000 di­nar. Daar was hij een rijk man. Hier in Je­men is er geen werk in zijn dis­ci­pli­ne en moet hij in zijn le­vens­on­der­houd voor­zien als ho­tel­re­cep­tio­nist.
Hij noemt zich mijn vriend en daar ga ik wel mee ak­koord. Ik vrees ech­ter dat hij mij, een­maal te­rug in Ne­der­land, zal be­sto­ken met brie­ven om hem te hel­pen een toe­gang tot Ne­der­land te ver­schaf­fen, want hij zal ze­ker we­ten van on­ze ster­ke land­bouw­po­si­tie. Maar mis­schien valt het wel mee.
Minimum tem­pe­ra­tuur af­ge­lo­pen nacht: 16,4°C, ma­xi­mum tem­pe­ra­tuur over­dag: 39,4°C. Ma­xi­mum voch­tig­heid ’s nachts: 68%, mi­ni­mum: L0% (wat be­te­kent: L?)

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*(1)
Ḥāfiẓ al-‘Asad. Wi­ki­pe­dia: (Ḥāfiẓ al-‘Asad). De president van Syrië.

Te­rug.

*(2)
De Golfoorlog. Wi­ki­pe­dia: Golfoorlog. 1990 – 1991.

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Meer informatie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wi­ki­pe­dia. – Web.: website. – F.: foto’s in Google Maps.
Mawṣoel:
GM., Wi., F.
:ﺍﻟﻤﻮﺻﻞ

MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

4 december 1997

Qabr al-Nabi Hoed

Een im­pres­sie van Qabr al-Na­bi Hoed, een stad­je / dorp ten oos­ten van Tarīm en een be­de­vaarts­oord voor de pro­feet Hoed / Hūd. Het dorp is buiten de twee da­gen van de be­de­vaart (9 en 10 Ša’abān, jaar­lijks) on­be­woond. Een spook­stad­je dus.
(Foto: 19 april 1996.)

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9441) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten. – Een me­de­wer­ker van de bi­blio­theek wil mij on­der­wij­zen in de groots­heid en de wijs­heid van de is­lam. Een en­ke­le vraag van mij brengt hem ver­ward tot zwij­gen. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Donderdag, 4 december 1997.
Tariem: 16/32.
Uit de bibliotheek loop ik naar huis. Er is bij de taxi’s geen chauf­feur te be­ken­nen.
Ik denk dat ik lo­pend mis­schien nog in­te­res­san­te men­sen kan ont­moe­ten, maar ik ben daar ech­ter niet ge­heel van over­tuigd. Toch ge­beurt het.
Ḥusayn al-A., de jon­ge­man die ver­le­den jaar de te­le­foon-win­kel (bel-win­kel) had, zit bij een vriend in de auto. Ik krijg een lift. Net zo­als in de te­le­foon­win­kel, in het ver­le­den, zit hij met een deel van zijn mooie sexy be­nen bloot. Hij is vrien­de­lijk en voor­al knap. Wat zou ik graag het bed met hem wil­len de­len en aan zijn to­ver­staf wil­len zui­gen.
Ik was al om 04.30 uur wakker.
Ik probeerde vanochtend Jan Just Wit­kam [in Ne­der­land] te bel­len. Toen er ein­de­lijk ver­bin­ding was, na cir­ca twin­tig mi­nu­ten en toen ik al veel mooie vrou­wen­ogen had ge­zien, pak­te een mij on­be­ken­de vrouw op. Ik vroeg of Jan Just thuis was. Zij zou gaan kij­ken, maar keer­de niet meer terug. Na een poos­je werd de lijn ver­bro­ken. Ik had geen zin in nog een twee­de keer te wach­ten.
Onderweg naar de bi­blio­theek zag ik een meis­je he­le­maal in het zwart, [ni­qāb] met een bre­de gouden rand over haar kle­ding. Zij had bloe­men in haar hand.
Toen haar broertje vrien­de­lijk groet­te en ik dat ook deed, deed zij dat ook.
In de bibliotheek wil Alī B. mij van de kracht van de is­lam over­tui­gen en be­gint over Adam en Eva*(01).
Ik vraag hem hoe die ene over­ge­ble­ven zoon van Adam en Eva voor na­ge­slacht kon zor­gen. Alī ver­zint de schep­ping van een meis­je, maar daar­over staat niets in de ko­ran en, bo­ven­dien, dan zou het een zus­ter zijn ge­weest en een hu­we­lijk met een zus­ter is ḥarām [streng ver­bo­den]. Hij is over­vraagd. Heeft hier nooit eer­der aan ge­dacht en zal dat aan een ge­leer­de gaan vra­gen. Vol­gen­de week za­ter­dag zal ik ant­woord krij­gen. Eerst gaat hij vier da­gen op pel­grims­tocht (Ziyāra) naar Gabr al-Nabī Hūd*(02) [het graf van de pro­feet Hoed], op 9 en 10 Ša’abān. (10 en 11 december, plus één dag heen en één dag terug.) Het is daar ver­bo­den voor vrou­wen.
Ik at pa­tat met een stuk­je kip in het res­tau­rant van het ho­tel. Soep voor­af, brood en sa­la­de, twee ba­na­nen na.
Weer: min: 17,1°C. Max: 40,4°C. [Bui­ten­tem­pe­ra­tuur.] Max: 66%. Min: 21%. [Lucht­voch­tig­heid.]

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Computerverslag

De eerste drie we­ken van dit ver­blijf in Je­men hield ik op mijn lap­top­com­pu­ter ook een ver­slag bij, waar­in soms din­gen staan die niet in mijn dag­boek voor­komen.
Hier volgt een uit­trek­sel daar­van.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Ra­ma­ḍān

Ik sprak met Ḥussein al-K., in de bi­blio­theek, over de is­lam. Hij ver­tel­de over Ra­maḍān, die nu in de win­ter niet zo zwaar is, maar in de zo­mer wel. Hij zei, de zo vaak ge­hoor­de on­zin, dat de maand Ra­ma­ḍān zo ge­zond is voor de men­sen. Toen ik te­gen hem zei dat ik in al-Zi­rik­ly, al-ᶜĀ­lām*(03) vaak ge­le­zen had dat fulān fulān [die en die: zo ve­len] ge­stor­ven wa­ren in Ra­maḍān, zei hij dat de men­sen in Ra­maḍān niet dood gaan.
Hij vertelde ook over de ied al-fiṭr*(04), maar had daar een an­de­re naam voor (soen­na, geloof ik). Dan slacht hij vier scha­pen, per stuk voor meer dan 12.000 rial, (on­ge­veer 180 gul­den, twee maand­lo­nen voor één schaap).
Meer over de vastenmaand Ra­ma­ḍān, zie 29 december a.s.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Bedevaart

Alī B. werk­te ver­le­den jaar en­ke­le maan­den op kos­ten van Ha­re Ma­je­steit de Ko­nin­gin der Ne­der­lan­den [geld uit het Tarīm-pro­ject] in de Bi­blio­theek. Hij zou een vas­te aan­stel­ling krij­gen, maar die is er, nu an­der­half jaar la­ter, nog steeds niet en die zal ook ze­ker niet plaats­vin­den voor 1 ja­nu­a­ri 1998, mo­ge­lijk nog veel later. Op dit mo­ment is hij, 25 jaar oud en va­der van twee kin­de­ren, werk­loos. (Hij trouw­de vijf jaar ge­le­den met een vijf­tien­ja­rig meis­je dat hij niet ken­de, pas na het hu­we­lijk be­gon hij van haar te hou­den, maar dit ter­zij­de).
Hij vertelde dat hij over een week op be­de­vaart gaat naar het graf van de pro­feet Hūd. De be­de­vaart is op 9 en 10 Ša’abān (dit jaar over­een­ko­mend met 10 en 11 de­cem­ber). Het feit dat hij op be­de­vaart gaat bij een graf geeft aan dat hij soe­fi is. Hij behoort tot de Tarīqat Alawiyya*(05).
Het graf van Hūd be­vindt zich on­ge­veer hon­derd ki­lo­me­ter ten oos­ten van Ta­rīm. Nico en ik be­zoch­ten het ver­le­den jaar, maar het graf en de bij­be­ho­ren­de stad is ei­gen­lijk ver­bo­den ge­bied voor niet-mos­lims (en voor is­la­mi­tische vrou­wen, hoor­de ik nu van Alī, en dat was maar goed ook vond hij, dat zou maar af­lei­den van de ḏikr (het prij­zen van God)). Maar om­dat het een spook­stad is en er al­leen tij­dens de da­gen van de be­de­vaart men­sen wo­nen, was er [in 1996] nie­mand die ons een stro­breed in de weg kon leg­gen.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Adam en zijn vrouw

Alī ver­tel­de met vuur over de is­lam. Nor­maal ge­spro­ken ben ik geen voor­stan­der van gods­diens­ti­ge dis­cus­sies. Maar dit was goed voor mijn Ara­bisch en voor ver­de­re uit­die­ping van mijn ken­nis van die gods­dienst en het soe­fis­me.
Het ging op ge­ge­ven mo­ment over de schep­ping. Waar kom je van­daan? Van je moe­der, en waar komt die van­daan? Enz. Na­tuur­lijk was het de be­doe­ling dat we bij Adam en Eva uit­kwa­men. Dat luk­te on­der lei­ding van Alī pro­bleem­loos en hij was in zijn nop­jes toen ik con­sta­teer­de dat we ei­gen­lijk broers wa­ren.
Ik vroeg hem hoe het nu ei­gen­lijk met dat na­ge­slacht zat van Adam en Eva zat. Zij had­den slechts twee zo­nen (waar­van de een de an­der ook nog ver­moord­de). Met wie was die ar­me jon­gen ei­gen­lijk ge­trouwd, om voor zo­veel na­ge­slacht te kun­nen zor­gen? Alī zei dat God ook nog meis­jes ge­scha­pen had. Ik wees hem er­op dat daar niets van in de ko­ran staat en dat hij dat hier ter plek­ke, in de Bi­blio­theek, ver­zon. Bo­ven­dien, als die meis­jes er wa­ren ge­weest dan wa­ren dat zus­ters van Kaïn. Een hu­we­lijk met je zus­ter heeft Al­lah ten streng­ste ver­bo­den (harām). Uit­zon­de­rings­re­gels zijn er niet.
Met nauwelijks te ver­hul­len dui­vels ge­noe­gen con­sta­teer­de ik dat hij het ant­woord niet wist. Over de­ze kwes­tie had hij nog nooit na­ge­dacht, zei hij. Dit was iets dat hij aan zijn le­raar moest gaan vra­gen. Za­ter­dag over een week zal hij mij het ant­woord ge­ven.
Ongetwijfeld zal hij met een ge­smeerd ant­woord ko­men, mis­schien vaag, mis­schien fi­lo­so­fisch, maar van zulk een aard dat ik het niet zal be­grij­pen, om­dat mijn ken­nis van het Ara­bisch te ge­ring is. Niet­te­min is het toch mee­ge­no­men dat ie­mand ook eens an­de­re vraag ge­steld krijgt dan de voor de hand lig­gen­de vra­gen die men el­kaar stelt en waar­van het ant­woord van te vo­ren al be­kend is.
(Hoe heten ze ook al weer de is­lam, die twee zo­nen van Adam en Eva. Ik kan hen niet vin­den in de tafsīr*(06) die ik mee­bracht).

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Sheikh AB.

Sheikh AB., de vo­ri­ge di­rec­teur van de Bi­blio­theek be­zocht zijn voor­ma­li­ge werk­plek. Ik sprak kort met hem en ver­tel­de hem dat ik het in­ter­view met hem in The Ye­men Ti­mes*(07) ge­le­zen had.
Alī B. ver­tel­de even la­ter dat de sheikh*(08) vroe­ger een soe­fi was, maar dat hij dat al­le­maal op­ge­ge­ven heeft en nu over­ge­stapt is naar het Wah­hab­isme, waar­van hij nu de hoog­ste lei­der is in Tarīm en om­ge­ving. De Wah­ha­biyya is sterk ge­kant te­gen het soe­fis­me en de maw­lids*(09) bij de gra­ven van hei­li­gen. Toch zit het ver­schil niet in het ge­loof of de ge­loofs­op­vat­ting maar in de furūᶜ*(10), zo ver­telt Alī.
Verleden jaar al la­gen op het bu­reau van sheikh AB. boek­jes van Hamas*(11). Hij had de Bi­blio­theek ver­an­derd in een hoofd­kan­toor van zijn po­li­tie­ke be­zig­heden. Soefis wil­len zich niet met po­li­tiek be­zig hou­den. De we­reld (al-dunyā) gaat aan hen voor­bij. Zij wer­ken slechts aan ont­hech­ting.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Boerinnen.

Alī zit dus werk­loos thuis. Ex­pres, om­dat ik wel be­ter weet, vroeg ik hem of zijn vrouw niet kon wer­ken.
Ver­ont­waar­digd wees hij die ge­dachte van de hand. “Vrou­wen wer­ken niet bui­tens­huis.”
“Maar”, zei ik, “ik zie toch over­al vrou­wen in de vel­den wer­ken.”
Hij trok zijn neus op en zei: “Dat zijn boe­rin­nen.”

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*(01)
Adam en Eva. Moslims spre­ken ook over Adam en Eva (Ādam en Ḥawā’) maar in de ko­ran heeft zij geen naam. Daar is het slechts Adam en zijn vrouw. (Ge­heel vol­gens de tra­di­tie zo­als ik die in de Ḥa­ḍra­maut ont­moet­te. Daar heeft de echt­ge­no­te ook geen naam en je mag, als bui­ten­staan­der, ook niet naar haar (wel­zijn) in­for­me­ren en als je het wel doet, zo­als ik al­tijd op­zet­te­lijk doe, zorgt dat tel­kens voor veel hi­la­ri­teit en ver­le­gen re­ac­ties, ook bij die men­sen bij wie ik het da­ge­lijks doe, zo­als de me­de­wer­kers van het ho­tel.)

Te­rug.

*(02)
Gabr al-Nabī Hūd Het graf van de pro­feet Hoed. Dit graf ligt in de Wādī Masilah, ten oos­ten van Tarīm. De pro­feet Hoed, die in het chris­ten­dom niet voor­komt, (som­mi­ge pro­fe­ten heb­ben de is­lam en het chris­ten­dom ge­meen­schap­pe­lijk) wordt in de ko­ran ge­noemd als de waar­schu­wer van het volk van ᶜĀd. De­ze waar­schu­wing is on­der an­de­re neer­ge­schre­ven in het hoofd­stuk De Zand­dui­nen (Sū­rat al-Aḥ­gāf) van de ko­ran. De bi­blio­theek in Tarīm, waar ik dus werk, is naar de­ze soe­ra ver­noemd: al-Aḥ­gāf, maar in de oud­heid be­stond ook een ge­bied in deze stre­ken van zuid­oost Je­men dat al-Aḥgāf heet­te, dus het hoofd­stuk in de ko­ran is naar die streek ge­noemd.
Wi­ki­pe­dia: de profeet Hūd.
Wi­ki­pe­dia: het volk van ᶜĀd.
Mijn bezoek aan Gabr al-Nabī Hūd in 1996. 19 april 1996.
Sha­’a­baan (Šaᶜbān :ﺷﻌﺒﻮﻥ). Šaᶜbān is de acht­ste maand van de is­la­mi­tische ka­len­der.
Zie Wi­ki­pe­dia: de is­la­mi­tische ka­len­der.

Te­rug.

*(03)
al-Ziriklī: Ḵayr al-Dīn al-Ziriklī (1893 – 1976) is de auteur van ﻣﻌﺠﻢ ﺗﺮﺍﺟﻢ ﻷﺷﻬﺮ ﺍﻟﺮﺟﺎﻝ ﻭﺍﻟﻨﺴﺎﺀ ﻣﻦ ﺍﻟﻌﺮﺏ ﻭﺍﻟﻤﺴﺘﻌﺮﺑﻴﻦ ﻭﺍﻟﻤﺴﺘﺸﺮﻗﻴﻦ (Muᶜǧam tarāǧim li-a’šhar al-riǧāl wa-l-nisā’ min al-ᶜarab wa-l-mustaᶜribīn wa-l-mustašriqīn) En­cy­clo­pe­die van emi­nen­te per­soon­lijk­he­den: bio­gra­fisch le­xi­con van de be­roemd­ste man­nen en vrou­wen on­der de Ara­bie­ren, de Ara­bis­ten en de oriën­ta­lis­ten. WorldCat.
Deze en­cy­clo­pe­die be­vat (dus) de na­men van de meest be­roem­de per­so­nen uit de groep men­sen zo­als in de ti­tel wordt weer­ge­ge­ven. Vaak, maar niet al­tijd, wordt be­hal­ve hun sterf­jaar ook de maand weer­ge­ge­ven waar­in zij over­le­den. Ik weet dat om­dat ik de en­cyc­lo­pe­die, die uit acht de­len be­staat van elk cir­ca 350 blad­zij­den, bij­na ge­heel heb over­ge­typt in een da­ta­ba­se.

Te­rug.

*(04)
Ied al-fiṭr. Het ᶜĪd al-fiṭr is de Ara­bische naam van wat in on­ze stre­ken te­gen­woordig een ver­taal­de Turk­se naam heeft, na­me­lijk het Sui­ker­feest dat ge­vierd wordt aan het ein­de van de Ra­ma­dan, de is­la­mi­tische vas­ten­maand. ᶜĪd al-fiṭr be­te­kent: het feest van het vas­ten­bre­ken. Ied: feest.
Wi­ki­pe­dia: Sui­ker­feest.

Te­rug.

*(05)
Ṭarīgat Ala­wiy­ya (Ṭarīgat Āl BāᶜAlawī :ﻃﺮﻳﻘﺔ ﺁﻝ ﺑﺎﻋﻠﻮﻱ) dat on­ge­veer be­te­kent: De te vol­gen weg / me­tho­de / de ‘or­de’ van het volk van va­der Ala­wi en is een Ḥa­ḍra­mi­tische soe­fi-or­de. Zo’n soe­fi-or­de heet over het al­ge­meen een ṭa­rī­ga (mv.: ṭa­rī­gāt of ook wel ṭoe­roeg: ṭu­rug).
Wi­ki­pe­dia: Ala­wiy­ya soe­fi-or­de (Engels).
Wi­ki­pe­dia: lijst van ṭa­rī­gāt.
Wi­ki­pe­dia: Soe­fisme (Engels). (Met een uit­ge­brei­de be­schrij­ving van soe­fis­me en ver­schil­len­de soe­fi-or­des.)

Te­rug.

*(06)
Tafsīr (ﺗﻔﺴﻴﺮ) Een Tafsīr (mv. tafāsīr) is een boek (boe­ken­se­rie) waar­in een po­ging tot exe­ge­se en in­ter­pre­ta­tie van de ko­ran wordt ge­daan, een ver­kla­ring van de ko­ran­tekst wordt ge­ge­ven.
De al­mach­ti­ge en al­we­ten­de god van de is­lam heeft een boek naar de ge­lo­vi­gen ne­der­ge­zon­den dat geen van hen be­grijpt en ook de on­ge­lo­vi­gen niet. Daar­om zijn er in de loop der eeu­wen tien­tal­len me­ters lan­ge rij­en aan tafāsīr vol ge­schre­ven die al­le pro­be­ren te ver­kla­ren wat god nu ei­gen­lijk be­doeld heeft. Voor­waar, het is nog steeds on­dui­de­lijk, an­ders wa­ren zo­veel boe­ken niet no­dig ge­weest, dan had één vol­staan en had de rest weg­ge­gooid kun­nen wor­den.
Wi­ki­pe­dia: Tafsīr.

Te­rug.

*(07)
The Yemen Times is een week­blad in Je­men dat in het En­gels ver­schijnt. Ik las het ar­ti­kel over Sheikh AB. op 19 november jl.

Te­rug.

*(08)
Sheikh / sjeik: Šayḵ, mv. Šoeyoeḵ / Šuyūḵ (ﺷﻴﺦ / ﺷﻴﻮﺥ mv.) be­te­kent let­ter­lijk ‘ou­de man’. Aan­ge­zien in de Ara­bische / is­la­mi­tische cul­tuur ou­de­re men­sen over het al­ge­meen ge­waar­deerd wor­den we­gens hun le­vens­er­va­ring, is de aan­dui­ding ook een soort ere­ti­tel, om aan te ge­ven dat de per­soon in kwes­tie als een wijs man wordt be­schouwd. (Voor de ou­de­re / wij­ze vrou­wen be­staat de term Šayḵa, mv. Šayḵāt.)
Wi­ki­pe­dia: Sjeik.

Te­rug.

*(09)
Mawlid, mv.: mawālid (ﻣﻮﻟﺪ / ﻣﻮﺍﻟﺪ) be­te­kent let­ter­lijk ge­boor­te­dag (ver­jaar­dag). Wan­neer een hei­li­ge bin­nen de is­lam ja­rig is, wordt zijn graf be­zocht door soe­fi’s. Dit ri­tu­eel, namelijk gra­ven be­zoe­ken, is een doorn in het oog van de fun­da­men­ta­lis­ten / de Wah­ha­biy­ya.
Dit fun­da­men­te­le ver­schil kan lei­den tot hoog­op­lo­pen­de ru­zies. Abd al-Raḥ­mān, de di­rec­teur van de Aḥ­gāf-bi­blio­theek in Tarām ver­tel­de me ver­le­den jaar (1996) dat en­ke­le we­ken voor on­ze komst er in de Gro­te Mos­kee een scho­ten­wis­se­ling had plaats­ge­von­den tus­sen een soe­fi en een lid van de Wah­ha­biy­ya over een maw­lid. In Je­men zijn veel wa­pens in om­loop: het land staat in de top­tien van de lan­den met het hoog­ste wa­pen­be­zit op de twee­de plaats na de Ver­enig­de Sta­ten van Ame­ri­ka. Ove­ri­gens staat Zwit­ser­land op de der­de plaats en Fin­land op de vier­de plaats!
Interne link: Ziyāra.
Wi­ki­pe­dia: Wa­ha­bis­me.
Wi­ki­pe­dia (uitgebreide versie): Wah­ha­bism (Engels).
Mens en samenleving: Wapenbezit in de wereld.

Te­rug.

*(10)
Foeroeᶜ / Furūᶜ / (ev.: ﻓﺮﻉ / mv.: ﻓﺮﻭﻉ)
Uit het feit dat ik in 1997 het woord Foe­roeᶜ ge­woon neer­pen­de zon­der ver­de­re vra­gen te stel­len, duidt er­op dat ik toen­ter­tijd niet wist wat dit be­grip in­hield, an­ders had ik wel naar de de­tails ge­vraagd. Ook nu, in 2017, heb ik eni­ge moei­te om een goed ant­woord te for­mu­le­ren wat foe­roeᶜ ei­gen­lijk is.
Bij de be­stu­de­ring van de figh voor de noot met die­zelf­de naam, gis­te­ren, 3 de­cem­ber 1997, kwam ik wel wat meer te we­ten, maar het blijft een moei­lijk on­der­werp, voor een niet-in­ge­voer­de in de fi­nes­ses van de is­la­mi­tische wet­teks­ten, zo­als ik.
Lees eerst de noot over de figh van gis­te­ren.
Onthoud daar­na het vol­gen­de.
Verschillende van de foe­ga­hā’ die zich bij een co­ry­fee met ge­zag­heb­ben­de me­ning had­den aan­ge­slo­ten heb­ben daar­na toch nog nieuwe figh-re­gels vast­ge­steld voor on­be­slist ge­ble­ven ge­val­len. Hun ar­beid wordt door la­te­re schrij­vers wel om­schre­ven als: “het af­lei­den van ver­tak­kin­gen (foe­roeᶜ) uit de wor­te­len (oe­ṣoel) van de mees­ter.” [dixit TH. W. Jyun­boll.]
Belangrijk om te we­ten is dat de re­li­gi­eu­ze stro­ming, de Wah­ha­biy­ya, die zich­zelf Sa­la­fiy­ya (Sa­la­fis­ten) noe­men, op zoek zijn naar, en wil­len le­ven vol­gens, de strik­te re­gels van de oor­spron­ke­lij­ke is­lam en daar hoort per­soons­ver­heer­lij­king niet bij. Dat is nu juist wat de soe­fi’s doen, na­me­lijk zij be­zoe­ken de gra­ven van vroe­ge­re hei­li­gen (pel­grims­toch­ten), voor con­tem­pla­tie en ont­hech­ting. Ook ma­ken zij [het gaat bij de soe­fi’s in Tarīm uit­slui­tend om man­nen] trom­mel­mu­ziek en voe­ren op straat een dans uit (die Šab­wā­ni heet ﺷﺒﻮﺍﻧﻲ) met stok­ken, die zwaar­den re­pre­sen­te­ren en zin­gen daar­bij ou­de re­li­gi­eu­ze lie­de­ren.
Het ma­ken van mu­ziek en zin­gen is in de Sa­la­fis­tische vorm van de is­lam ver­bo­den. Trom­mel­mu­ziek is slechts toe­ge­staan wan­neer men ten strij­de trekt in de hei­li­ge oor­log: ǧi­hād. (Ji­haad.)
Ik meen hier­uit te mo­gen af­lei­den dat dit on­der­deel dan het punt van (soms ge­wel­da­di­ge) dis­cus­sies is tus­sen soe­fi’s en de Wah­ha­biy­ya, na­me­lijk het graf­be­zoek, zin­gen en dan­sen, te­meer daar Bi­blio­theek­me­de­wer­ker Ḥu­sayn al-K. me ver­le­den jaar ver­tel­de dat een man niet met zijn vrouw thuis mag zin­gen. Hij of zij mag ook niet in zijn of haar een­tje zin­gen, ove­ri­gens. Dat wordt ver­bo­den door de ex­tre­mis­ten. 7 mei 1996.
Wi­ki­pe­dia: (En­ke­le ar­ti­ke­len zijn in het En­gels, omdat die veel uit­ge­brei­der, meer ge­de­tail­leerd, zijn dan de Ne­der­land­se ver­sie, als die er al is.)
You­Tube: Šabwāni in Tarīm: dans.
Wi­ki­pe­dia: Ǧi­hād / jihad.
Wi­ki­pe­dia: Oeṣoel al-figh (En­gels).
Wi­ki­pe­dia: Sa­la­fisme.
Wi­ki­pe­dia: Soe­fis­me.
Wi­ki­pe­dia: Wah­ha­biy­ya (En­gels).
Interne link: Ziyāra (graf­be­zoek, pel­gri­ma­ge).
New York Ti­mes: Who Are Sufi Mus­lims and Why Do Some Ex­tre­mists Hate Them? (Pu­bli­ca­tie: 24 no­vem­ber 2017.)
Een deel van bo­ven­staan­de tekst is ge­ba­seerd op:
Hand­lei­ding tot de ken­nis van De Mo­ham­me­daan­sche wet vol­gens de leer der Sjā­fiᶜi­tische school, door Dr. Th. W. Juyn­boll. 4e druk. Lei­den, E.J. Brill (1930).
WorldCat: Hand­lei­ding tot de ken­nis … etc.
(Ik heb de spel­ling ge­mo­der­ni­seerd.)

Te­rug.

*(11)
Hamas. Wi­ki­pe­dia: Hamas (Engels).

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

3 december 1997

Toegangsdeur

Tim­mer­man ᶜAwaḍ (in 1996) be­zig met het af­wer­ken van de, door hem ge­maak­te, nieuwe tra­di­tio­ne­le toe­gangs­deur van de Aḥgāf-bi­blio­theek. De per­soon op de ach­ter­grond is een me­de­wer­ker van de bi­blio­theek die me naar de werk­plaats van ᶜAwaḍ be­gleid­de.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9440) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Maktabat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten). – Ik ont­moet van­daag een aar­di­ge Zuid-Afri­kaan die in Tarīm gods­dienst wil gaan stu­de­ren. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Woensdag, 3 december 1997.
Tariem 15/33.
Ik werkte tussen 6 en 8 aan de da­ta­base.
Ik installeer Word 97 op de com­pu­ter van de bi­blio­theek.
Ik ontving een brief uit Ne­der­land, die ne­gen da­gen (aan­ge­te­kend) on­der­weg was en die al-Mu­kal­la, in te­gen­stel­ling met ver­le­den jaar, niet aan­ge­daan had.
(Maandag) 24 no­vem­ber ge­post in Leiden, 27 no­vem­ber in Ṣanaᶜā’. (Dus per KLM ge­ko­men, want vluch­ten zijn op zon­dag en woens­dag.) 29 No­vem­ber: Say’ūn. 3 de­cem­ber in Tarīm.
De inhoud? Wat ze de af­ge­lo­pen da­gen ge­daan heeft. KV. stu­deer­de af en zij hielp bij de ca­te­ring.
Ik zwem niet, want het wa­ter is bij­na groen.
In de bibliotheek ont­moet­te ik van­daag R. (mos­lim sinds ’92), die uit Kaap­stad, Zuid-Afri­ka, komt. We spra­ken een tijd­je on­ze moers­taal.
Hij gaat hier fiqh* stu­de­ren en wil dan pro­mo­ve­ren in Lei­den bij Is­la­mi­tische Stu­dies. Hij gaat hier met vrouw en drie kin­de­ren vier jaar wo­nen.
Hij zag eruit als een stren­ge fun­da­men­ta­list, maar viel me toch op door een on-Ta­rīm­se zwier en vrien­de­lijk­heid. Hij was in het wit, als een soort Pash­toen(?) / of Pesh­mer­ga(?) ge­kleed, met een flin­ke baard.
Hij was / is bij­zon­der aar­dig. Werk­te in het ver­le­den in prin­ting en is dus in fei­te een col­le­ga van Ḥusayn al-Ḥ., die dat stu­deer­de op de aca­de­mie van Lvov [Lviv] in de Oe­kra­ïne. (Lem­berg?)
Nu 17.30 uur.
Minimum tem­pe­ra­tuur: 17,3°C. Ma­xi­ma­le lucht­voch­tig­heid: 67%.
Maximum tem­pe­ra­tuur: 39,5°C. Mi­ni­ma­le lucht­voch­tig­heid: 21%.
Op mijn kamer brood eten.
De verslagen schrijven.
De brief, bestemd voor Ne­der­land, bij­scha­ven.
Bed circa 00.00 uur.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Computerverslag

De eerste drie we­ken van dit ver­blijf in Je­men hield ik op mijn lap­top­com­pu­ter ook een ver­slag bij, waar­in soms din­gen staan die niet in mijn dag­boek voor­komen.
Hier volgt een uit­trek­sel daar­van.

Verleden jaar be­zocht ik de werk­plaats van ᶜAwaḍ B., de tim­mer­man die de mooie tra­di­tio­ne­le toe­gangs­deur voor de bi­blio­theek maak­te. Hij toon­de mij toen hoe een Tarīmī tim­mer­man ga­ten in hout boort. Met een soort strijk­stok, waar­van de snaar een­maal om het hou­ten heft van een boor wordt ge­sla­gen. Door zaag­be­we­gin­gen te ma­ken (op en neer of heen en weer) draait de boor een gat in het hout. Ik ge­loof­de toen dat ᶜAwaḍ een goe­de to­neel­spe­ler was en een kunst­stuk­je voor mij op­voer­de.
Hedenochtend, op weg naar de bi­blio­theek zag ik on­der­weg een tim­mer­man zo aan het werk. Het is hier toch echt de mid­del­eeu­wen, hoe­wel som­mi­gen een di­gi­ta­le ca­me­ra heb­ben.
Ook onder­weg zag ik dat er weer een nieu­we mos­kee bij­komt. Dat is hoog no­dig, ze heb­ben hier maar 365 mos­kee­ën. [Echt waar!] Het ge­bouw is he­le­maal van be­ton ge­maakt. [In te­gen­stel­ling met de mees­te an­de­re ge­bou­wen. Die zijn van leem (mud brick) ge­maakt.]
Vroeg opstaan, laat naar bed eist zijn tol. In het ho­tel sliep ik een paar uur in de mid­dag.
Evenals gisteren­avond neem ik geen maal­tijd in het ho­tel, maar vol­sta met een brood­maal­tijd op mijn ka­mer.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

*
Noten

GrondslagᶜIlm al-fighMadhhabsBron.

Figh (Plichtenleer) (ﺍﻟﻔﻘﻪ)
In­lei­ding.

De ge­open­baar­de of ca­no­nische wet van de is­lam, de is­la­mi­tische wet, heet Sha­ri’a en wordt be­schouwd als van god­de­lij­ke oor­sprong en is tot stand ge­ko­men zon­der tus­sen­komst en / of in­vloed van de mens. De Sha­ri’a is ge­ba­seerd op de ko­ran en de over­le­ve­rin­gen / tra­di­ties: van de profeet Mu­ham­mad. Deze over­le­ve­rin­gen / tra­di­ties zijn de da­den en uit­spra­ken van de pro­feet Mu­ham­mad en he­ten (in het Ne­der­lands-Ara­bisch) ha­dith‘s. (Ara­bisch (ev.): Ḥa­dīṯ / (mv.): Aḥā­diṯ.

Figh of de plich­ten­leer wordt bin­nen de is­lam ge­zien als de ju­ris­pru­den­tie van de Šarīᶜa (Sha­ria: is­la­mi­tische wet). Let­ter­lijk be­te­kent dit het goe­de in­zicht in iets heb­ben, het we­ten en het be­grij­pen van wat iets be­te­kent. Figh gaat zo­wel over is­la­mi­tische ri­tu­e­len als over het is­la­mi­tisch recht.
[Wi­ki­pe­dia: figh.]

MenuFo­toBe­gin FighIndex en het eindeTrans­criptie.

Te­rug.

Grondslag

De ken­nis van de ge­wij­de tek­sten, hoe ge­wenst ook op zich zelf, ver­schaf­te de mos­lim op den duur toch niet ten vol­le wat hij no­dig had. Daar­ge­la­ten, dat na ver­loop van tijd bij­na nie­mand meer in staat was be­hal­ve de ko­ran ook nog de steeds aan­groei­en­de mas­sa over­le­ve­rin­gen be­hoor­lijk in het ge­heu­gen te pren­ten, was het bo­ven­dien niet vol­doen­de, al­leen de let­ter­lij­ke zin van de tekst te ken­nen. Ook de be­doe­ling van die tek­sten moest wor­den be­gre­pen. Juist daar­over was dik­wijls een groot ver­schil van in­zicht mo­ge­lijk ge­ble­ken en waar het ten­slot­te toch op aan­kwam was im­mers te we­ten, wat uit de tek­sten moest wor­den af­ge­leid en wel­ke leer daar­in lag op­ge­slo­ten.

MenuFo­toBe­gin FighIndex en het eindeTrans­criptie.

Te­rug.

ᶜIlm al-figh

Het vak van we­ten­schap, dat zich de be­ant­woor­ding van die vra­gen ten doel stelt, wordt in het Ara­bisch de ᶜilm al-figh (ﻋﻠﻢ ﺍﻟﻔﻘﻪ), dit is de we­ten­schap van de plich­ten­leer, ge­noemd. Een ge­leerde die de stu­die van de figh be­oe­fent, heet daar­naar fa­gīh. [(mv.): foe­ga­hā’]
De figh-we­ten­schap ont­wik­kel­de zich aan­van­ke­lijk in het nauw­ste ver­band met de stu­die van de ko­ran en tra­di­tie, daar zij im­mers be­stond in het vast­stel­len van de re­gels van de plich­ten­leer over­een­koms­tig het­geen men uit de teks­ten meen­de te moe­ten af­lei­den. Toch werd de figh op den duur voor de gro­te meer­der­heid der mos­lims een op zich­zelf staand vak van we­ten­schap. Voor de mees­ten was het im­mers vol­doen­de, om een­vou­dig de re­sul­ta­ten te ken­nen, waar­toe de in­ter­pre­ta­tie van de ge­wij­de tekst leid­de. De stu­die van de bron­nen kon­den zij wel aan an­de­ren over­la­ten. De figh op zich­zelf vol­deed reeds aan al­le prak­tische be­hoef­ten en werd dan ook steeds meer dé we­ten­schap bij uit­ne­mend­heid in de is­lam.[…]

MenuFo­toBe­gin FighIndex en het eindeTrans­criptie.

Te­rug.

Maḏhab‘s

[De foe­ga­hā’ ope­reer­den zelf­stan­dig en al­leen, daar­door ont­ston­den er in­ter­pre­ta­tie­ver­schil­len.]
Deze zelf­stan­di­ge werk­zaam­heid [van de foe­ga­hā’] duur­de in ze­ke­re ma­te nog voort tot in de 3e eeuw van de hi­ǧra [de is­la­mi­tische jaar­tel­ling, cir­ca 850 AD.] Toch acht­te de gro­te meer­der­heid der ge­leer­den zich reeds toen niet meer be­voegd tot zelf­stan­dig on­der­zoek van de bron­nen en meen­de, dat daar­voor een mate van ken­nis, ge­leerd­heid en scherp­zin­nig­heid werd ver­eist, dat al­leen het voor­ge­slacht be­ze­ten had. Men be­gon zich dus steeds meer bij de re­sul­ta­ten, door vroe­ge­re co­ry­fee­ën ver­kre­gen, neer te leg­gen en placht zich in al­le hoofd­za­ken van de plich­ten­leer bij de­ze of ge­ne be­roem­de figh-au­to­ri­teit aan te slui­ten, wiens me­nin­gen en uit­spra­ken in ze­ke­re kring als ge­zag­heb­bend gol­den.
Dit leidde tot het ont­staan van een aan­tal zo­ge­naam­de figh-scho­len [Ara­bisch: (ev.) Maḏ­hab), (mv.): Maḏā­hib. Ne­der­lands-Ara­bisch: Maḏ­hab‘s, dit is: ‘rich­tin­gen’] die ie­der in een [ge­o­gra­fisch] deel van de is­lam­tische we­reld een ze­ke­re aan­hang kre­gen. [Ve­le van de­ze gin­gen weer ten on­der, maar in de Soen­ni­tische is­lam ble­ven er vier over.]
Te weten de:
1. Wi­ki­pe­dia: Ṣāfiᶜie­ten.
2. Wi­ki­pe­dia: Ḥa­na­fie­ten.
3. Wi­ki­pe­dia: Ma­li­kie­ten.
4. Wi­ki­pe­dia: Han­ba­lie­ten.
Wi­ki­pe­dia: Madh­hab / Maḏ­hab.
[In Tarīm geldt de Soen­ni­tische is­lam, dus ik be­perk me tot daar­toe. Er be­staat ook nog de Sji­’i­tische is­lam, maar daar gel­den weer enigs­zins an­de­re re­gels.
Soen­ni­tische mos­lims mo­gen, wan­neer hen dat be­ter uit­komt, kie­zen wel­ke Soen­ni­tische Maḏ­hab ze wil­len vol­gen in een spe­ci­fiek ge­val, maar zeer gro­te ver­schil­len on­der­ling zijn er ech­ter niet. Het gaat om de­tails.]

MenuFo­toBe­gin FighIndex en het eindeTrans­criptie.

Te­rug.

Bron

[Bo­ven­staande tekst, van­af de tus­sen­kop ‘Grond­slag’ is gro­ten­deels ge­ba­seerd op:
Hand­lei­ding tot de ken­nis van De Mo­ham­me­daan­sche wet vol­gens de leer der Sjā­fiᶜi­tische school, door Dr. Th. W. Juyn­boll. 4e druk. Lei­den, E.J. Brill (1930).
WorldCat: Hand­lei­ding tot de ken­nis ….
Ik heb de spel­ling ge­mo­der­ni­seerd en hier en daar de tekst iets in­ge­kort of, waar ik dat no­dig acht­te, iets uit­ge­breid. Tekst­blok­ken tus­sen vier­kan­te ha­ken zijn van mijn hand, ook de ver­wij­zin­gen naar Wi­ki­pe­dia, na­tuur­lijk.]

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

2 december 1997

Tarim

Over­zicht van de stad Tarīm. Rechts op de foto zijn twee ho­ge mi­na­ret­ten te zien. De link­se van die twee is de mi­na­ret van de Gro­te Mos­kee van Tarīm en on­der het dak van dat ge­bouw is de Aḥ­gāf-bi­blio­theek ge­ves­tigd. De­ze mos­kee is ge­bouwd van steen en be­ton. De recht­se lan­ge mi­na­ret is de mi­na­ret is de Miḥ­ḍār*(1), van de ge­lijk­na­mi­ge mos­kee. De­ze mi­na­ret is ge­heel van leem ge­bouwd. (Mud brick.)
Ove­ri­gens zijn op YouTube on­der het zoek­woord ﺗﺮﻳﻢ (=Tarīm)
links en rechts prach­ti­ge video­beel­den van Tarīm en om­ge­ving, men­sen en hun be­zig­he­den, te zien. (He­laas wei­nig vrou­wen: die wo­nen er ken­ne­lijk niet.)

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 3439) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten. – Het ge­schenk van de Ne­der­land­se re­ge­ring aan de­ze bi­blio­theek in Tarīm be­droeg 250.000 gul­den. Di­rec­teur van de bi­blio­theek, Abd al-Raḥ­mān, wil we­ten waar­aan dat geld is be­steed en hoe groot het res­tant ervan is. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Dinsdag, 2 december 1997.
Tariem: 14/34.
Op 6.00 uur. (Zoals ge­woon­lijk.) Tot 8.00 uur de da­ta­ba­se ver­be­te­ren.
Ontbijt in het hotel en naar de bi­blio­theek.
Ik installeer Microsoft Access 2.0 Ara­bisch, maar het pro­gram­ma kan mijn da­ta­base, die ik op de lap­top on­der Win­dows 95 maak­te, niet le­zen, dus in­stal­leer ik ook mijn ko­pie van Win­dows 95. Daar­na gaat al­les goed.
Abd al-Raḥ­mān is vandaag in de bi­blio­theek en vraagt naar de rest van het geld van het ge­schenk.
Ik zeg dat er slechts 7.500 US$ over is en dat een ge­deelte van het geld aan sa­la­ris­sen is be­steed, ook in 1996, om­dat wij, Ne­der­lan­ders, net zo­als hij ook, voor het werk aan het pro­ject be­taald moe­ten wor­den. Ik ga ech­ter niet in op de de­tails. Mijn col­le­ga Tawfīq, die op 6 de­cem­ber komt, krijgt ook een ver­goe­ding en zal ook kos­ten ma­ken. Ook de vlucht per KLM moet er­van be­taald wor­den. Tienduizend dollar nam ik mee en be­steed­de daar­van op Schip­hol 420 voor over­ge­wicht.
Ik zwem maar even, want het wa­ter is koud. Daar­na werk ik tot laat aan de brief naar Ne­der­land.
Ik at brood op mijn ka­mer.
Bed 01.00 uur.
Temperaturen: mini­maal 17,0°C. Lucht­voch­tig­heid: 59%. Ma­xi­maal ?°C. [Lucht­voch­tig­heid] circa 20%.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Computerverslag

De eerste drie we­ken van dit ver­blijf in Je­men hield ik op mijn lap­top­com­pu­ter ook een ver­slag bij, waar­in soms din­gen staan die niet in mijn dag­boek voor­komen.
Hier volgt een uit­trek­sel daar­van.

Het geschenk

Bij de be­spre­king van de voort­gang van het Tarīm-pro­ject vraagt Abd al-Raḥ­mān waaraan die 250.000 gul­den*(2) van het Ne­der­land­se ge­schenk zijn be­steed. Voor­al om­dat niet al­le doel­stel­lin­gen, zo­als ge­noemd in het oor­spron­ke­lij­ke pro­ject­voor­stel, zijn be­haald. Des­on­danks is er bij­na geen geld meer over. Ik ver­mijd om over de­tails te spre­ken.
De Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten) wil graag nog en­ke­le za­ken in de na­bije toe­komst ge­re­geld zien.
Men wil graag een apart ge­bouw heb­ben, sa­men met de bi­blio­theek voor ge­druk­te boe­ken. [De Aḥgāf-bi­blio­theek is nu ge­huis­vest op de eer­ste ver­die­ping van de Gro­te Mos­kee in Tarīm maar het mos­kee­be­stuur is on­wil­lig en de bi­blio­theek heeft vaak bon­je met hem.]
Ik stel voor dat Abd al-Raḥ­mān zijn wen­sen in een nieuw voor­stel op pa­pier zet en het aan mij te over­han­digt voor­dat ik naar Ne­der­land te­rug­keer.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Eigendomsrechten

Er moe­ten ook no­gal wat za­ken uit het ver­le­den recht ge­zet wor­den voor­dat de bi­blio­theek als zo­da­nig goed kan func­tio­ne­ren.
In de be­gin­tijd van het com­mu­nis­me in Zuid-Je­men*(3) heb­ben som­mi­ge groe­pen re­vo­lu­tio­nai­ren (fir­qa / meerv.: fi­raq) he­le par­ti­cu­lie­re bi­blio­the­ken met (re­li­gi­eu­ze) hand­schrif­ten ge­plun­derd, met het doel al de­ze gods­dien­stig ge­ïn­spi­reer­de boe­ken te ver­bran­den. Een van de lei­ders in de­ze com­mu­nis­tische dic­ta­tuur ver­bood dat, want het was mo­ge­lijk dat daar­bij nog teks­ten zou­den kun­nen zijn die het com­mu­nis­me recht­vaar­dig­den of nog iets bij zou­den kun­nen dra­gen aan de ge­schie­de­nis van Je­men.
De boeken wer­den ja­ren­lang op­ge­sla­gen in ou­de zak­ken en uit­ein­de­lijk in de Gro­te Mos­kee van Tarīm ge­plaatst, waar­mee de Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten ont­stond.
De oor­spron­ke­lijke ei­ge­na­ren van die boe­ken wer­den be­schouwd als re­vi­sio­nis­ten*(3).
Van de familie al-Ay­darūs in al-Ḥazm werd de ge­he­le bi­blio­theek leeg­ge­roofd, met meer dan hon­derd hand­schrif­ten. De vroe­ge­re ei­ge­naars wil­len nu hun boe­ken te­rug. Ook de Roe­bāṭ*(4) (de re­li­gi­eu­ze school in Tarīm) wil zijn boe­ken te­rug.
Abd al-Raḥ­mān denkt dat de over­heid de­ze kwes­tie moet re­ge­len met het be­ta­len van een ver­goe­ding. Hij wil ook een Raad van Be­stuur voor de Aḥgāf-bi­blio­theek in­stel­len waar­in le­den van die fa­mi­lie’s waar­van boe­ken ge­dwon­gen wer­den on­tei­gend, zit­ting moe­ten heb­ben, uit vrije wil, of ge­dwon­gen. [Nog meer dwang!] De boe­ken kun­nen ech­ter niet meer ge­re­tour­neerd wor­den.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*(1)
De Miḥḍār is de be­roem­de mi­na­ret van de ge­lijk­na­mi­ge mos­kee in Tarīm. De­ze is ge­heel van leem (mud brick) ge­bouwd en is 46 me­ter hoog.
Wi­ki­pe­dia: Ta­rim, Mos­ques_and_li­bra­ries. (Waar de­ze mi­na­ret abu­sie­ve­lijk Muḥ­ḍār (= Moeḥ­ḍār) wordt ge­noemd.)

Te­rug.

*(2)
Nederlands geschenk. Lees de ge­schie­de­nis van het Ne­der­land­se ge­schenk aan de Aḥ­gāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten in Tarīm

Te­rug.

*(3)
Democratische Volksrepubliek Jemen. (DPRY.) Tot 1990 be­stond er een Noord-Je­men en een Zuid-Je­men. Noord-Je­men was re­li­gi­eus ge­ïn­spi­reerd en Zuid-Je­men was sinds 1832 een ko­lo­nie van het Brit­se rijk, maar van­af 30 no­vem­ber 1967 vol­le­dig on­af­han­ke­lijk en com­mu­nis­tisch: Mos­kou-ge­zind.
Wi­ki­pe­dia: Volks­re­pu­bliek Je­men

Te­rug.

*(4)
Revisionisten. De be­schul­di­ging een re­vi­si­o­nist te zijn kon ver­strek­ken­de na­de­li­ge ge­vol­gen voor een per­soon heb­ in een com­mu­nis­tisch ge­ïn­spi­reer­de maat­schap­pij.
Wi­ki­pe­dia: Re­vi­sio­nis­me.

Te­rug.

*(5)
Roebāṭ Tarīm. Dit is de re­li­gi­eu­ze school in Tarīm. Wi­ki­pe­dia.
In het klas­siek Ara­bisch heet zulk een in­stel­ling Ri­bāṭ. Bij Wi­ki­pe­dia heet de­ze Ra­bāṭ en zelf spre­ken ze over Ru­bāṭ (= Roebāṭ). Wie het weet mag het zeg­gen.
Vol­gens dit on­li­ne-woor­den­boek al-Maᶜānī (ﺍﻟﻤﻌﺎﻧﻲ) be­staat het woord Rubāṭ niet. Noch­tans schrijft dit in­sti­tuut op Face­book Ru­bat Ta­reem (dus: Roebāṭ Tarīm), maar op hun web­site staat in de cal­li­gra­fie: Ri­bāṭ
(ﺭﺑﺎﻁ ﺗﺮﻳﻢ ﻟﺘﺪﺭﻳﺲ ﺍﻟﻌﻠﻮﻡ ﺍﻟﺪﻳﻨﻴﺔ ﻭﺍﻟﻌﺮﺑﻴﺔ) Deze lan­ge tekst in het Ara­bisch (op Face­book en de web­site) be­te­kent: Gast­huis (= Ribāṭ) Tarīm voor de stu­die van de gods­dienst­we­ten­schap­pen en het Ara­bisch.

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

Tarim

Over­zicht van de stad Tarīm. Rechts op de foto zijn twee ho­ge mi­na­ret­ten te zien. De link­se van die twee is de mi­na­ret van de Gro­te Mos­kee van Tarīm en on­der het dak van dat ge­bouw is de Aḥ­gāf-bi­blio­theek ge­ves­tigd. De­ze mos­kee is ge­bouwd van steen en be­ton. De recht­se lan­ge mi­na­ret is de mi­na­ret is de Miḥ­ḍār*(1), van de ge­lijk­na­mi­ge mos­kee. De­ze mi­na­ret is ge­heel van leem ge­bouwd. (Mud brick.)
Ove­ri­gens zijn op YouTube on­der het zoek­woord ﺗﺮﻳﻢ (=Tarīm)
links en rechts prach­ti­ge video­beel­den van Tarīm en om­ge­ving, men­sen en hun be­zig­he­den, te zien. (He­laas wei­nig vrou­wen: die wo­nen er ken­ne­lijk niet.)

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 3439) Ik ben in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm. Ik lo­geer daar in het Gaṣr al-Goeb­ba-ho­tel (Koe­pel­pa­leis-ho­tel) en werk in de Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten. – Het ge­schenk van de Ne­der­land­se re­ge­ring aan de­ze bi­blio­theek in Tarīm be­droeg 250.000 gul­den. Di­rec­teur van de bi­blio­theek, Abd al-Raḥ­mān, wil we­ten waar­aan dat geld is be­steed en hoe groot het res­tant ervan is. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Dinsdag, 2 december 1997.
Tariem: 14/34.
Op 6.00 uur. (Zoals ge­woon­lijk.) Tot 8.00 uur de da­ta­ba­se ver­be­te­ren.
Ontbijt in het hotel en naar de bi­blio­theek.
Ik installeer Microsoft Access 2.0 Ara­bisch, maar het pro­gram­ma kan mijn da­ta­base, die ik op de lap­top on­der Win­dows 95 maak­te, niet le­zen, dus in­stal­leer ik ook mijn ko­pie van Win­dows 95. Daar­na gaat al­les goed.
Abd al-Raḥ­mān is vandaag in de bi­blio­theek en vraagt naar de rest van het geld van het ge­schenk.
Ik zeg dat er slechts 7.500 US$ over is en dat een ge­deelte van het geld aan sa­la­ris­sen is be­steed, ook in 1996, om­dat wij, Ne­der­lan­ders, net zo­als hij ook, voor het werk aan het pro­ject be­taald moe­ten wor­den. Ik ga ech­ter niet in op de de­tails. Mijn col­le­ga Tawfīq, die op 6 de­cem­ber komt, krijgt ook een ver­goe­ding en zal ook kos­ten ma­ken. Ook de vlucht per KLM moet er­van be­taald wor­den. Tienduizend dollar nam ik mee en be­steed­de daar­van op Schip­hol 420 voor over­ge­wicht.
Ik zwem maar even, want het wa­ter is koud. Daar­na werk ik tot laat aan de brief naar Ne­der­land.
Ik at brood op mijn ka­mer.
Bed 01.00 uur.
Temperaturen: mini­maal 17,0°C. Lucht­voch­tig­heid: 59%. Ma­xi­maal ?°C. [Lucht­voch­tig­heid] circa 20%.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Computerverslag

De eerste drie we­ken van dit ver­blijf in Je­men hield ik op mijn lap­top­com­pu­ter ook een ver­slag bij, waar­in soms din­gen staan die niet in mijn dag­boek voor­komen.
Hier volgt een uit­trek­sel daar­van.

Het geschenk

Bij de be­spre­king van de voort­gang van het Tarīm-pro­ject vraagt Abd al-Raḥ­mān waaraan die 250.000 gul­den*(2) van het Ne­der­land­se ge­schenk zijn be­steed. Voor­al om­dat niet al­le doel­stel­lin­gen, zo­als ge­noemd in het oor­spron­ke­lij­ke pro­ject­voor­stel, zijn be­haald. Des­on­danks is er bij­na geen geld meer over. Ik ver­mijd om over de­tails te spre­ken.
De Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten) wil graag nog en­ke­le za­ken in de na­bije toe­komst ge­re­geld zien.
Men wil graag een apart ge­bouw heb­ben, sa­men met de bi­blio­theek voor ge­druk­te boe­ken. [De Aḥgāf-bi­blio­theek is nu ge­huis­vest op de eer­ste ver­die­ping van de Gro­te Mos­kee in Tarīm maar het mos­kee­be­stuur is on­wil­lig en de bi­blio­theek heeft vaak bon­je met hem.]
Ik stel voor dat Abd al-Raḥ­mān zijn wen­sen in een nieuw voor­stel op pa­pier zet en het aan mij te over­han­digt voor­dat ik naar Ne­der­land te­rug­keer.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Eigendomsrechten

Er moe­ten ook no­gal wat za­ken uit het ver­le­den recht ge­zet wor­den voor­dat de bi­blio­theek als zo­da­nig goed kan func­tio­ne­ren.
In de be­gin­tijd van het com­mu­nis­me in Zuid-Je­men*(3) heb­ben som­mi­ge groe­pen re­vo­lu­tio­nai­ren (fir­qa / meerv.: fi­raq) he­le par­ti­cu­lie­re bi­blio­the­ken met (re­li­gi­eu­ze) hand­schrif­ten ge­plun­derd, met het doel al de­ze gods­dien­stig ge­ïn­spi­reer­de boe­ken te ver­bran­den. Een van de lei­ders in de­ze com­mu­nis­tische dic­ta­tuur ver­bood dat, want het was mo­ge­lijk dat daar­bij nog teks­ten zou­den kun­nen zijn die het com­mu­nis­me recht­vaar­dig­den of nog iets bij zou­den kun­nen dra­gen aan de ge­schie­de­nis van Je­men.
De boeken wer­den ja­ren­lang op­ge­sla­gen in ou­de zak­ken en uit­ein­de­lijk in de Gro­te Mos­kee van Tarīm ge­plaatst, waar­mee de Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten ont­stond.
De oor­spron­ke­lijke ei­ge­na­ren van die boe­ken wer­den be­schouwd als re­vi­sio­nis­ten*(3).
Van de familie al-Ay­darūs in al-Ḥazm werd de ge­he­le bi­blio­theek leeg­ge­roofd, met meer dan hon­derd hand­schrif­ten. De vroe­ge­re ei­ge­naars wil­len nu hun boe­ken te­rug. Ook de Roe­bāṭ*(4) (de re­li­gi­eu­ze school in Tarīm) wil zijn boe­ken te­rug.
Abd al-Raḥ­mān denkt dat de over­heid de­ze kwes­tie moet re­ge­len met het be­ta­len van een ver­goe­ding. Hij wil ook een Raad van Be­stuur voor de Aḥgāf-bi­blio­theek in­stel­len waar­in le­den van die fa­mi­lie’s waar­van boe­ken ge­dwon­gen wer­den on­tei­gend, zit­ting moe­ten heb­ben, uit vrije wil, of ge­dwon­gen. [Nog meer dwang!] De boe­ken kun­nen ech­ter niet meer ge­re­tour­neerd wor­den.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*(1)
De Miḥḍār is de be­roem­de mi­na­ret van de ge­lijk­na­mi­ge mos­kee in Tarīm. De­ze is ge­heel van leem (mud brick) ge­bouwd en is 46 me­ter hoog.
Wi­ki­pe­dia: Ta­rim, Mos­ques_and_li­bra­ries. (Waar de­ze mi­na­ret abu­sie­ve­lijk Muḥ­ḍār (= Moeḥ­ḍār) wordt ge­noemd.)

Te­rug.

*(2)
Nederlands geschenk. Lees de ge­schie­de­nis van het Ne­der­land­se ge­schenk aan de Aḥ­gāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten in Tarīm

Te­rug.

*(3)
Democratische Volksrepubliek Jemen. (DPRY.) Tot 1990 be­stond er een Noord-Je­men en een Zuid-Je­men. Noord-Je­men was re­li­gi­eus ge­ïn­spi­reerd en Zuid-Je­men was sinds 1832 een ko­lo­nie van het Brit­se rijk, maar van­af 30 no­vem­ber 1967 vol­le­dig on­af­han­ke­lijk en com­mu­nis­tisch: Mos­kou-ge­zind.
Wi­ki­pe­dia: Volks­re­pu­bliek Je­men

Te­rug.

*(4)
Revisionisten. De be­schul­di­ging een re­vi­si­o­nist te zijn kon ver­strek­ken­de na­de­li­ge ge­vol­gen voor een per­soon heb­ in een com­mu­nis­tisch ge­ïn­spi­reer­de maat­schap­pij.
Wi­ki­pe­dia: Re­vi­sio­nis­me.

Te­rug.

*(5)
Roebāṭ Tarīm. Dit is de re­li­gi­eu­ze school in Tarīm. Wi­ki­pe­dia.
In het klas­siek Ara­bisch heet zulk een in­stel­ling Ri­bāṭ. Bij Wi­ki­pe­dia heet de­ze Ra­bāṭ en zelf spre­ken ze over Ru­bāṭ (= Roebāṭ). Wie het weet mag het zeg­gen.
Vol­gens dit on­li­ne-woor­den­boek al-Maᶜānī (ﺍﻟﻤﻌﺎﻧﻲ) be­staat het woord Rubāṭ niet. Noch­tans schrijft dit in­sti­tuut op Face­book Ru­bat Ta­reem (dus: Roebāṭ Tarīm), maar op hun web­site staat in de cal­li­gra­fie: Ri­bāṭ
(ﺭﺑﺎﻁ ﺗﺮﻳﻢ ﻟﺘﺪﺭﻳﺲ ﺍﻟﻌﻠﻮﻡ ﺍﻟﺪﻳﻨﻴﺔ ﻭﺍﻟﻌﺮﺑﻴﺔ) Deze lan­ge tekst in het Ara­bisch (op Face­book en de web­site) be­te­kent: Gast­huis (= Ribāṭ) Tarīm voor de stu­die van de gods­dienst­we­ten­schap­pen en het Ara­bisch.

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.