Jemen, 29 maart 1996

Een van de drie zwembaden bij het hotel in Tarim.
Het derde zwembad van het Gasr al-goebba hotel, Slegs vir blankes, maar ik mocht ook niet in de andere baden zwemmen. Ik werd dus ook gediscrimineerd.

Athaaf al-Nadiem AR en NL

Twintig jaar geleden: dagboekfragment 29 maart 1996 (vrijdag).

Tarim (Tarim, Say’un).
Op 7.00 uur.
Vannacht sliep ik enerzijds goed en anderzijds slecht: goed, omdat met airco en ventilatie de kamer goed koel is en er dus weinig muggen zijn. Slecht omdat de airco steeds met veel lawaai aan- en uitschakelt en omdat ik het zelfs even koud had en ik een deken moest zoeken.
We gaan naar Say’un en zoeken er het kantoor van al-Yemenia (de nationale luchtvaartmaatschappij): vergeefs.
Wat huishoudelijke boodschappen doen.
Hotel Tarim.
Zwembad, circa anderhalf uur. Enkele rondborstige Franse dames liggen in het water. (Ook mannen; niet rondborstig.)
Kamer.
Fihrist(1) van de al-Ahgaaf bibilotheek bewerken.
Samen dineren, tegen 19.30 uur. Tot 21.30 nutteloos buiten zitten.
Weer: vanochtend bewolkt. Verder warm. Prachtige sterrenhemel.(2)
Alcoholvrij bier werkt verdovend.

(1) Fihrist betekent catalogus. Die catalogus van de al-Ahgaf-Bibliotheek Tarim voerde ik al voor de helft in Nederland in de computer in. De Uni­ver­si­teits­bi­blio­theek Leiden bezit een kopie van die catalogus.

(2) Omdat Tarim midden in de woestijn ligt en omdat in het stadje zelf weinig verlichting te zien is, is de hemel diepzwart met de overweldigende pracht van de sterrenhemel en de Melkweg. Later, nadat Nico terug naar Nederland was (eind april) en ik zijn kamer met terras had overgenomen, sliep ik vaak buiten op dat terras, letterlijk onder de sterren.

Dit is het einde van dag 13 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996. Naar dag 1. (Naar alle gepubliceerde dagen.)

Top

Door op de twee eerste letters van een link te klikken, wordt in een nieuw tabblad de geografische locatie van de plaats in Google Maps weergegeven. Wanneer u op de derde en volgende letters klikt wordt u in een nieuw tabblad verbonden met de Wikipediapagina over deze locatie. Bij begrippen wordt alleen Wikipedia geopend.

Jemen, 28 maart 1996

Hotel Tarim.
Het Gasr al-Goebba hotel in Tarim. (Eigendom van de familie Aal Kaaf.) Helemaal opgetrokken van ‘mudbrick’ (zonsteen).

Athaaf al-Nadiem AR en NL

Twintig jaar geleden: dagboekfragment 28 maart 1996 (donderdag).

Tarim (Tarim, Wadi Hadramaut, mudbrick, zonsteen).
Op 7.15 uur.
Ontbijt. [In het restaurant van het hotel.]
Bibliotheek, circa twee uur. Kennis gemaakt met de sjeik A. Āl Kāf. (Aal Kaaf)(1)
Werken met de computer.
Pauze in een cafeetje(2) van Abd al-Rahmaan.
Met de taxi naar het hotel.
Tweeënhalf uur in het zwembad.(3)
Bij Nico op zijn terras(4), maltbier(5) drinken. (Alcoholvrij, maar ik merk al­co­hol.)
Door de stad wandelen. Wat ik gisteren over Tarim schreef is gedeeltelijk ge­ba­seerd op ervaringen van vandaag.
Avondeten in het restaurant van het hotel.
Van 20.15 tot 23.00 samen buiten zitten vertellen, met een maltbier: ik merk de alcohol.
Nu 23.30 uur.
Weer: een beetje regen.

(Mahaarim)
(1) Sjeik bin Aḥmad al-K. was een geletterde, die altijd zat te lezen, als hij in de bibliotheek was. Hij sprak ook Engels. Hij was een verarmd lid van de beroemde Aal Kaaf-familie in de Hadramaut.

(2) Het cafeetje lag niet ver van de bibliotheek en je kon er ook eten. Ik ben er verschillende keren geweest. Ik weet nog dat de afwas werd gedaan door een jongman die ik erg knap vond.

(3) Hotel Gasr al-goebba (het Koepelpaleis) had drie zwembaden: één voor fa­mi­lies (maar één familie per keer, vrouwen mogen immers alleen maar door fa­mi­lie­leden gezien worden: de mahaarim), één zwembad voor Jemenitische man­nen en één voor toeristen. In dat laatste bad kwam ik uitsluitend, vaak moe­der­ziel alleen.

(4) Nico had een grote kamer met een terras. Hij vertrok na zes weken en ik heb daarna die kamer overgenomen.

(5) In Jemen was voor de hereniging met het Noorden (1990), ook een bier­brou­werij nabij Aden. Bij de burgeroorlog van 1994 werd die vernietigd. Maltbier werd dus nog wel gedronken. In het noorden waren de mensen verslaafd aan qat, maar dat was in het zuiden niet het geval. Daar had men dus (malt)bier. Ik, omdat ik nooit veel alcohol dronk, merkte meteen het effect van het ‘al­co­hol­vrije’ bier of er moet sprake zijn geweest van autosuggestie / zelfbedrog.

Dit is het einde van dag 12 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996. Naar dag 1. (Naar alle gepubliceerde dagen.)

Top

Door op de twee eerste letters van een link te klikken, wordt in een nieuw tabblad de geografische locatie van de plaats in Google Maps weergegeven. Wanneer u op de derde en volgende letters klikt wordt u in een nieuw tabblad verbonden met de Wikipediapagina over deze locatie. Bij begrippen wordt alleen Wikipedia geopend.

Jemen, 27 maart 1996

Wadi Hadramaut
Een eerste indruk van de Wadi Hadramaut. Geologisch gezien: dit is een onderdeel van een den­dri­tisch drainagepatroon. Ook vanuit de lucht ziet het er interessant uit.

Athaaf al-Nadiem AR en NL

Twintig jaar geleden: dagboekfragment 27 maart 1996 (woensdag).

Sana’a – Tarim (Sana’a, Tarim, Wadi Hadramaut, drainagepatroon). (Satellietweergave en uitzoomen!)
Op 03.00 uur.
Douche.
Om 04.00 met een taxi naar de luchthaven. (De taxi kwam bij het hotel.) Een en ander kost 15 $. Sjouwers (twee) kosten elk 100 rial. In de vertrekhal is het een puinhoop met Italianen en Arabieren.
Driehonderd rial ben ik kwijt om twee jongens mijn spullen op de lopende band van het doorlichtapparaat te laten plaatsen.
In de vertrekhal is het rustig. [sic]
We vertrekken niet om 06.00 maar rond 06.20 uur. Tot 07.00 vliegen we rich­ting Say’un en praten even met een leuke Canadese stewardess, die op deze vlucht werkt om de kwaliteit van de service te verbeteren. (Op meerdere vluch­ten.)
Een kwartier voor de landing horen we over een zware zandstorm in Say’un en het vliegtuig wijkt uit naar al-Mukalla, om daar anderhalf uur in de zon te blij­ven staan, met de motoren uit. (En dus de airco uit.) Dan vliegen we in twintig minuten naar Say’un.
Met een taxi voor 1.500 rial naar Tarim.
In het hotel Gasr al-goebba(1) is voor ons niets gereserveerd en we worden dus tijdelijk geplaatst. Morgenochtend moeten we naar een andere kamer ver­kas­sen.
We lopen de stad in en onderweg komen we de curator van de al-Ahgaaf-bi­blio­theek tegen, Sjeik AB. Hij informeert [onleesbaar] in het hotel waar iemand zijn hand kust.

Hij praat met de manager. Daarna gaan Nico en ik naar de bibliotheek. Onderweg drinken we wat.
In de bibliotheek constateren we dat er nieuwe vloerbedekking wordt gelegd. Later horen we dat dit een geschenk is van een Saoediër van Hadramitische oorsprong. (Tarim ligt in de Wadi Hadramaut.)
Al snel kom ik tot de conclusie dat al die geschenken te veel is. We presenteren nu de helft. Volgend jaar nog meer, dat is ‘overdone’. Ik bespreek mijn idee met Nico en we zijn het erover eens.
Al eerder, met MN (van de Nederlandse Ambassade), hadden we het erover ge­had dat het Museum van Handschriften in Sana’a wel wat referentiewerken zou kunnen gebruiken. MN stelde toen voor om vijftienduizend gulden zo­ge­naam­de ‘Kleine Projecten’ in Sana’a te besteden voor meubilair.
Wij denken nu dat een ‘ombuiging’ van het geld van Tarim naar Sana’a zeker te prefereren is, temeer daar, zoals ons donderdag (28 maart) bekend werd, de bi­blio­theek bijna geen bezoekers(2) meer ontvangt wegens de fun­da­men­ta­lis­tische praktijken van sjeik AB. (Hij houdt toespraken in de bibliotheek. Als hij er niet is zijn alle boekenkasten afgesloten: dus zonder sleutel.)
Na een tijdje bezoeken we een ‘cafeetje’. (Nico en ik.) We wandelen door de stad.
Meer nog dan in Sana’a heb ik hier het gevoel in de middeleeuwen te zijn be­land. Er zijn auto’s en veel motorfietsen. Er zijn gemotoriseerde waterpompen en er is elektrisch licht. Op een enkel dak staat een schotelantenne. In de stad brandt sporadisch een lamp. Na zonsondergang (circa 18.00 uur) is alles don­ker.
Vrijwel alle vrouwen zijn in het zwart. De boerinnen dragen over hun gesluierd hoofd strooien hoeden(3). Slechts een enkele laat haar gezicht zien. Kinderen en vrouwen stuiven weg als je hen nadert. (Sommige niet.) Mannen (veel zien er uit als Indonesiërs(4), sommige zijn donkerbruin) dragen tulbanden en sa­rongs. Veel mannen zijn exotisch mooi. In lange rijen zitten ze op de stoep, voor de moskee, op de gebedstijd te wachten, in het halfdonker.
Overal ligt afval en op de meeste straten ligt een dikke laag stuifzand.(5)
Negenennegentig procent van de huizen is van modder, ‘mudbrick'(6), gebouwd. Er is veel verval. Veel huizen hebben waterschade, sommige zijn gedeeltelijk ingestort. Veel paleizen(7) zijn onbewoond.
In het hotel komt een personeelslid van de bibliotheek informatie verstrekken en om geld bedelen. (Beide ongevraagd.)
Warm eten in het hotel. Nico vertelt (en ik luister) met Jemenieten.
Bed tegen 23.00 uur.
Moe.
Weer: heet, heet, heet.

(Arabische Singaporezen, Arabische Indonesiërs, mudbrickCommunistisch Zuid-Jemen)
(1) Het hotel heet in het Hadramitisch Arabisch Gasr al-goebba (Het koe­pel­pa­leis), maar in het Arabische schrift wordt die naam geschreven met de Qaaf: de ‘q’ dus, als Qasr al-qoebba. Dit geldt ook voor ons reisdoel in Tarim: al-Ahgaaf-bibliotheek, geschreven staat er al-Ahqaaf. Ik hou mij in mijn verslag aan de lokale uitspraak van de woorden.

(2) Door de fundamentalistische toespraken van de curator, sjeik AB, kwamen er maar weinig lokale bewoners, maar de bibliotheek was wel een trekpleister voor toeristen van alle nationaliteiten. Er kwamen in de tijd dat ik er was re­la­tief veel toeristen.

(3) De hoeden van de boerinnen zijn een soort hoge puntmutsen en een brede rand.

(4) De Hadarim (meervoud van Hadrami: een mannelijke bewoner van de Ha­dra­maut) zijn van oudsher handelslieden. Zij dreven handel met Singapore en Indonesië, velen van hen gingen daar ook wonen en trouwden met lokale schoon­heden. Een van die mannen vertelde mij dat hij als kind zijn oma niet kon verstaan, want die sprak gebrekkig Arabisch, omdat ze een Indonesische was.

(5) In een brief naar Nederland schreef ik toentertijd dat het lijkt alsof je in een sneeuwstorm terecht bent gekomen, wanneer je ’s avonds, in het donker, door Tarim loopt. In het lamplicht van de auto’s hangt het stuifzand als een bijna on­doorzichtige waas in de straten. Tarim ligt in het midden van de woestijn en stuifzand is er altijd. Als je een weeklang een tafelblad niet schoon zou maken ligt er al gauw een halve centimeter, of meer, stof op.

(6) Alle traditionele huizen zijn van mudbrick gebouwd. Een huis ziet er voor een toerist aan de buitenkant romantisch en groot uit, maar de buitenmuren zijn zo’n 80 centimeter dik en binnen staan massieve pilaren om de boven­ver­diepingen te dragen, waardoor er binnen maar een beperkte ruimte is. Verder bestaat het gevaar dat na een stevige regenbui (het regent niet veel in de Ha­dra­maut) een pand gedeeltelijk, of helemaal, kan instorten. Vandaar dat te­gen­woor­dig beton favoriet is. Dat scheelt handen vol geld voor het on­der­houd. (Bovendien: over honderd jaar is beton ook ‘traditioneel’.)

(7) Omdat veel Hadarim erg rijk waren geworden met hun handel op zuid-oost Azië en zij hun oude dag in hun geboortestreek wilden doorbrengen, stopten ze veel geld in de bouw van paleizen (ook van mudbrick gebouwd). De ‘hele’ Wadi Hadramaut staat vol met in suikertaartkleuren opschilderde machtig grote pa­lei­zen, met een architectuur die aan India doet denken. De paleizen staan leeg en vervallen dus, omdat alle rijke lieden na de communistische machts­over­na­me in 1970 zijn gevlucht of verdreven.

Dit is het einde van dag 11 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996. Naar dag 1. (Naar alle gepubliceerde dagen.)

Top

Door op de twee eerste letters van een link te klikken, wordt in een nieuw tabblad de geografische locatie van de plaats in Google Maps weergegeven. Wanneer u op de derde en volgende letters klikt wordt u in een nieuw tabblad verbonden met de Wikipediapagina over deze locatie. Bij begrippen wordt alleen Wikipedia geopend.

Jemen, 26 maart 1996

25 jaar geleden

26 maart 1996 / 26 maart 2021

Werken in Jemen

Sana'a: oude stad.

Sana’a (oude stad)

De dia van 25 jaar ge­le­den is een beet­je ver­geeld, maar het stuc­werk op de hui­zen, rond de ra­men, is in wer­ke­lijk­heid sneeuw­wit. De he­le oude stad ziet er­uit als een sprook­je uit 1001 nacht. (Zoek op YouTube naar: Le Mura Di Sana’a – Pier Paolo Pa­so­li­ni (1971), een do­cu­men­tai­re over Sana’a, met een po­li­tie­ke bood­schap, want Pa­so­li­ni was een com­mu­nist, Ita­li­aans ge­spro­ken, na­tuur­lijk.)


Menu – 26/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is ge­ba­seerd op mijn dag­boek en an­de­re no­ti­ties uit 1996 en is mijn in­ter­pre­ta­tie van de wer­ke­lijk­heid.


Dag 10 van 93 dagen in Jemen

Mijn collega Nico en ik ma­ken ons van­daag reis­vaar­dig, want mor­gen vlie­gen we naar de Ha­dra­maut, ons reis­doel, waar we in Tariem gaan wer­ken.


Dinsdag, 26 maart 1996
Ik sliep voor het eerst door de Azaan (ge­beds­op­roep) heen, zo ver­moeid was ik.

Opstaan rond 7.00 uur.
Na het ont­bijt gaan Nico en ik naar de Ne­der­land­se Am­bas­sa­de om daar ons ge­stal­de con­tant geld op te ha­len. Mor­gen­och­tend vlie­gen we naar Sei­yun in de Ha­dra­maut.
We nodigen CR uit om ons daar te be­zoe­ken, na­tuur­lijk op haar kos­ten, sa­men met LA, die zelfs een week daar wil blij­ven. (Bei­de da­mes zul­len uit­ein­de­lijk niet ko­men.)

In het al-Gasmi-hotel betalen we onze rekening. Die be­draagt voor ons bei­den ge­za­me­lijk 48.170 Rial (f. 703.30), al­les in­be­gre­pen.

Het wisselen van van 500 USD blijkt niet ge­noeg op te le­ve­ren en we wis­se­len een uur la­ter nog­maals zo’n be­drag. Door de koers­val be­draagt de scha­de f. 125,00 (f. 6,25 per per­soon, per dag.) De koers van de rial is nu 115 voor 1 dol­lar. Een week ge­le­den kre­gen we nog 138 Rial voor 1 dol­lar.

Koffers inpakken en ik schrijf ne­gen an­sicht­kaar­ten voor fa­mi­lie en vrien­den. Daar­na be­zoe­ken we kort de Cul­tu­reel At­ta­ché MN thuis, rond 17.00 uur en gaan in het Taj She­ba ho­tel eten.

Op het binnenterras van het ho­tel zit een Bel­gi­sche gast en we ver­tel­len een tijd­je met haar voor­dat we te­gen 22.45 uur ie­der naar onze ei­gen ka­mer gaan.

Weer: vandaag regende het weer eens, nu pij­pen­ste­len. Het was erg fris, van­daag.


Menu – 26/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: CRNico.

Index locaties.

Locaties: HadramautSana’aSeiyun – Say’unTariem – Tarim.

Index termen.

Termen: Guldenal-Gasmi-HotelRial.


Dit is het einde van dag 10 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 26/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 25 maart 1996

25 jaar geleden

25 maart 1996 / 25 maart 2021

Werken in Jemen

Museum van manuscripten.

Sana’a

V.r.n.l.: dr. AM, directeur van de Daar al-Makh­toe­taat (Huis / Mu­se­um van de Ma­nu­scrip­ten), dr. Nico, drs. LA en een tolk Ara­bisch-Engels, al­le­maal op het dak van het mu­se­um. Dr. AM is tra­di­tio­neel Ara­bisch-Je­me­ni­tisch ge­kleed in een thawb met een col­bert­jas­je er over­heen en een djambia (dolk) op zijn buik. Zon­der djam­bia gaat een zich­zelf res­pec­te­ren­de Noord-Je­me­niet niet op straat, als hij in tra­di­ti­o­ne­le kle­ding is.


Menu – 25/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is ge­ba­seerd op mijn dag­boek en an­de­re no­ti­ties uit 1996 en is mijn in­ter­pre­ta­tie van de wer­ke­lijk­heid.


Dag 9 van 93 dagen in Jemen

Ik maak geluidsopnames op cassettebandjes. – Van­daag be­zoeken we het Mu­se­um van Hand­schrif­ten / Ma­nu­scrip­ten.


Maandag, 25 maart 1996
Opstaan, rond 4.00 uur. Tot circa 05.00 het geluid van het nachtleven van Sana’a op­ne­men op een cas­set­te.

Om 8.45 uur is de Cultureel Attaché MN hier, sa­men met de Kan­se­lier van de Ne­der­land­se Am­bas­sa­de. Met zijn al­len, en ook met LA, gaan we naar Daar al-Makh­toe­taat, waar we door de di­rec­teur AM wor­den rond­ge­leid, van 9.00 tot 11.30 uur. We wor­den ook op het dak van het mu­se­um toe­ge­laten.

In het museum leest Nico zo maar cor­rect voor uit niet-ge­vo­ca­li­seer­de oude ko­ran­teks­ten. (Wel voor­zien van de nu ob­so­le­te kleu­ren­co­des uit de be­gin­jaren van het ko­ran-ko­piëren.).

Na afloop gaan LA, Nico en ik gaan de stad in en lun­chen we in het res­tau­rant van het Taj She­ba ho­tel.
We halen onze visitekaartjes op, die we ver­le­den week be­stel­den. Daar­na gaan we te­rug naar het ho­tel.
Ik ben moe*1 en slaap twee uur.

Ik neem muziek op van het enige ra­dio­sta­tion dat we hier kun­nen ont­van­gen (FM en AM): Radio Sana’a.
We gaan eten in Taj She­ba.
De wisselkoers van de dollar kel­der­de van 138 naar 120 rial. Nu is 1 rial niet meer 1,2 cent waard, maar 1,4 cent.

Nico en ik maken een verslag van de ma­nu­scrip­ten die we gis­te­ren bij de fixer van de Am­bas­sa­de zagen.


Menu – 25/03-96: BeginEinde.


Noten:

Noot *: moe.

Sana’s ligt op 2.300 meter boven de zee­spie­gel, dus er is per­ma­nent ‘zuur­stof­te­kort’ in die ijle lucht, wat zich voor­al uit in snel­le ver­moeid­heid bij eni­ge in­span­ning.

Terug naar de tekst.


Menu – 25/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: Nico.

Index locaties.

Locaties: Sana’a.

Index termen.

Termen: GuldenRial.


Dit is het einde van dag 9 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 25/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 24 maart 1996

25 jaar geleden

24 maart 1996 / 24 maart 2021

Werken in Jemen

Graffiti in Sana'a.

Sana’a

Graffiti in Sana’a.


Menu – 24/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is ge­ba­seerd op mijn dag­boek en an­de­re no­ti­ties uit 1996 en is mijn in­ter­pre­ta­tie van de wer­ke­lijk­heid.


Dag 8 van 93 dagen in Jemen

Collega Nico en ik kopen software en ’s avond be­zoe­ken we een ‘al­co­holic par­ty’. – Er is uit Ne­der­land een con­tai­ner on­der­weg naar Je­men, met spul­len voor de bi­blio­theek waar wij in de loop van de week gaan werken.


Zondag, 24 maart 1996
’s Ochtends na het ontbijt gaan we in de di­plo­ma­ten­wijk kij­ken / in­for­me­ren naar soft­ware: tekst­ver­wer­kers. Zo­als ge­woon­lijk is Nico erg con­ser­va­tief en durft tekst­ver­wer­ken on­der Win­dows niet aan. Een­vou­di­ge tekst­ver­wer­kers voor MS-DOS heeft deze Apple Macintosh dealer niet.

Nederlandse Ambassade: de in­stal­la­tie van soft­ware van de Ara­bi­sche ver­sie van Word­Per­fect op de com­pu­ter van CR mis­lukt door een fout op een van de schij­ven.

Via het handelskantoor dat het trans­port van de con­tai­ner uit Ne­der­land in al-Mu­kal­la moet re­ge­len, gaan we naar ons ho­tel.

Rond 16.30 uur op bezoek bij de ad­vi­seur (fixer*1) van de Ne­der­land­se am­bas­sa­de, die voor drieën­half dui­zend gul­den drie ma­nus­crip­ten te koop heeft. (Hier­over is over­leg met JJW, de pro­ject­lei­der in Ne­der­land, no­dig.)
Rond 18.30 uur zijn we weer in ons hotel.

Tegen 19.30 uur, vinden we, na lang zoe­ken, het woon­huis van de Cul­tu­reel At­ta­ché MN. Er is daar, ter on­zer ere, een party waar­bij en­ke­le bin­nen- en bui­ten­land­se gas­ten aan­we­zig zijn. Men­sen van de Ame­ri­kaan­se am­bas­sa­de, Ne­der­lan­ders en dr. BY uit Tariem.
Er is ruimschoots alcohol beschik­baar en vrij­wel ie­der­een maakt er ge­bruik van, ook BY en zijn chris­te­lij­ke echt­ge­no­te.
Een Jemenitische man die jaren­lang oog­arts in Bei­roet was ge­weest, dronk wis­ky uit een long­drink­glas dat tot de rand ge­vuld was. Hij had aan één glas niet genoeg.
Ik val rond 01.00 uur in mijn hotelbed.
Weer: de hele dag droog!


Menu – 24/03-96: BeginEinde.


Noten:

Noot *: fixer.

De adviseur in kwes­tie werd door de Ne­der­land­se Am­bas­sa­de een fixer ge­noemd en zo noem­de hij zich­zelf ook, maar vol­gens Wi­ki­pe­dia is een fi­xer ie­mand die in het cri­mi­ne­le cir­cuit ope­reert. Een fixer was, vol­gens de am­bas­sa­de, ie­mand die ‘con­nec­ties’ had bij de lo­ka­le over­heid en za­ken snel kon re­ge­len, die an­ders, in het cor­rup­te sys­teem in Jemen, lang kon­den du­ren.
Aan het einde van mijn verblijf in Jemen maak ik ken­nis met nog een an­de­re fixer. Toen werd me min of meer dui­de­lijk dat ‘ie­der­een’ die wat ge­re­geld moet heb­ben met een fixer werkt. Zo houd je een cor­rupt sys­teem in stand.

Terug naar de tekst.


Index personen.

Personen: CRNicoJJW: Witkam, J.J.

Index locaties.

Locaties: Sana’aal-Mukalla.

Index termen.

Termen: Gulden.


Dit is het einde van dag 8 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 24/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 23 maart 1996

25 jaar geleden

23 maart 1996 / 23 maart 2021

Werken in Jemen

Toegangspoort van het al-Gasmi-hotel in Sana'a.

Sana’a

De toegangspoort tot het al-Gasmi-hotel.

De calligrafie boven de poort is las­tig te le­zen om­dat de let­ters in el­kaar ge­vloch­ten zijn en de pun­ten vaak niet on­der of bo­ven de let­ter staan waar ze bij ho­ren. Het eer­ste woord staat rechts, om­dat Ara­bisch nu een­maal van rechts naar links ge­schre­ven wordt.
In vrijwel alle Arabische cal­li­gra­fiën zijn de let­ters kun­stig in el­kaar ge­vloch­ten, om op zo wei­nig mo­ge­lijk ruim­te zo­veel mo­ge­lijk te kun­nen schrij­ven en ook van­we­ge de schoon­heid van zo’n cal­li­gra­fie.


Menu – 23/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dag­boek en an­de­re no­ti­ties uit 1996 en is mijn in­ter­pre­ta­tie van de wer­ke­lijk­heid.


Dag 7 van 93 dagen in Jemen

Collega Nico en ik werken van­daag veel in het ho­tel, want het re­gent zowat de hele dag.


Zaterdag, 23 maart 1996
Opstaan tegen 8.15 uur. Ik ben nog steeds erg moe.
Omdat het slecht weer is blij­ven Nico en ik binnen. Ik werk op mijn lap­top aan Fox­Pro, tot een uur of vijf, ’s middags.

Nico ik wandelen een tijd­je door de oude stad, maar de re­gen ver­drijft ons.

We eten in het Taj Sheba hotel voor 2.000 Rial per per­soon, cir­ca f. 20,00. Daar­na wan­de­len we nog even door de stad.
Weer: eerst benauwd, daarna veel re­gen en fris.


Het al-Gasmi-hotel schijnt ook het Hol­land House te he­ten. Ik heb me la­ten ver­tel­len dat een Ne­der­land­se club het ou­de pand he­le­maal ge­res­tau­reerd had met de be­doe­ling er club­ac­ti­vi­tei­ten in te or­ga­ni­se­ren. He­laas had­den de da­mes en he­ren ver­ge­ten een en an­der in een con­tract vast te leg­gen, of mis­schien he­le­maal geen con­tract la­ten ma­ken. In ie­der ge­val, toen de res­tau­ra­tie ge­reed was heeft de ei­ge­naar de res­tau­ra­teurs be­dankt en hen vrien­de­lijk doch drin­gend ver­zocht het pand te ver­la­ten. De club had geen (ju­ri­di­sche) poot om op te staan.


Menu – 23/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: Nico.

Index locaties.

Locaties: Sana’a.

Index termen.

Termen: GuldenRial.


Dit is het einde van dag 7 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 23/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 22 maart 1996

25 jaar geleden

22 maart 1996 / 22 maart 2021

Werken in Jemen

Kawkabaan Jemen

Kawkabaan

Deze twee schoonheden, (ik heb hun ge­zicht niet ge­zien, maar hun kle­ren zijn in ieder ge­val mooi) wil­den wel op de foto. Eerst ke­ken ze rond of er geen Je­me­ni­ti­sche man­nen in de buurt wa­ren. Toen dat niet het ge­val was, moch­ten we fo­to­gra­fe­ren. Na het druk­ken van de slui­ter rie­pen ze in koor Baksjisj (fooi) en vroe­gen 50 rial. (on­geveer ƒ 0,55) per per­soon.
Nico zit op de ach­ter­grond te wach­ten en is in het he­le ge­beu­ren ken­ne­lijk niet geïn­te­res­seerd.


Menu – 22/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dag­boek en an­de­re no­ti­ties uit 1996 en is mijn in­ter­pre­ta­tie van de wer­ke­lijk­heid.


Vrijdag 6 van 93 dagen in Jemen

Vandaag bezoeken Nico en ik, met nog twee an­de­ren, en­ke­le dor­pen ten noor­den van Sa­na’a: Shi­baam, Kaw­kab­aan en Thula.


Vrijdag, 22 maart 1996
Om 7.40 uur op Maidan al-Tahrir (het Be­vrij­dings­plein) waar Brian en LA al zijn.
Nico gaat direct akkoord met de prijs van USD 50, die een chauf­feur vraagt voor een dag Shi­baam, Kaw­kab­aan en Thula. We had­den dat al af­ge­spro­ken. Brian is het daar niet mee eens en ook LA eigen­lijk niet. We ver­trek­ken uit­ein­de­lijk voor een prijs van 1.250 rial voor hen bei­den en USD 20 voor ons bei­den. (To­taal: USD 38) We rij­den door een prach­tig land­schap noord­waarts.

Vanuit Shibaam beklimmen we de berg naar Kaw­kab­aan. Met ons mee loopt een heel klein, elf­jarig jon­getje, die Hamid heet. Hij is aar­dig en niet op­drin­ge­rig. Dat ver­an­dert als zijn broer(?) Hoesein er­bij komt. Ze wil­len dat ik voor hen schoe­nen koop, in Ne­der­land, en die naar Kaw­kab­aan op­stuur. Ik ben in­mid­dels ver ach­ter­op ge­raakt van de an­de­ren.
De con­ver­sa­tie ver­loopt in het En­gels en het Ara­bisch. Hun ken­nis van het En­gels is ge­ring, mijn ken­nis van het Ara­bisch laat te wen­sen over. (Hun schoen­ma­ten zijn res­pec­tie­ve­lijk 32 en 40.)

Het uitzicht na de lange klim is fan­tas­tisch. De af­da­ling en het be­zoek aan Thula ma­ken me ge­luk­kig. Bij bei­de ge­le­gen­he­den la­ten jon­ge meis­jes zich fo­to­gra­fe­ren, wel­is­waar te­gen be­ta­ling en ge­slui­erd, maar toch!
Vrouwen op de foto: dat lukt over het al­ge­meen niet. Dat het nu wel lukt, maakt de dag echt waar­de­vol. Een fo­to kost 50 rial baksjisj, (Geen Ara­bisch woord, maar het be­te­kent ‘fooi’ of ‘ge­schenk’.)
De gesluierde meisjes letten goed op dat er geen man­nen in de buurt zijn.
Echt confuus waren ze toen ik riep “Baksjisj!”, na­dat ze mij ge­fo­to­gra­feerd had­den.

Tegen 18.uur zijn we weer in ons hotel in Sana’a.

Tussen 19.45 en 20.30 uur eten in Taj Sheba: 1.400 rial. (f. 16,80)
Bij de Muwaasalaat (de telefoonmaatschappij) koop ik voor 760 rial een kaart met 40 units om naar Nederland te kunnen bellen.

Weer: fris, behalve in Thula.

In Kawkabaan gaf ik een (gesluierd) meisje een rijks­daal­der. Zij pro­beer­de ons zil­ver­werk te ver­ko­pen. (Zij wilde nog niet voor 1.000 rial op de foto.)

Wat opviel is dat zowel in Thula als in Kaw­kab­aan (en ook in Shi­baam) de vrou­wen ge­woon in de toe­ris­ten­in­dus­trie wer­ken. (Als ver­koop­sters van waren, of als ‘bak­sjisj-vraag­sters’.)

Het zal me later duidelijk worden dat in de regio waar wij gaan wer­ken, in de Wadi Hadramaut in het zui­den van Je­men, ook nog een an­der Shi­baam ligt en dat we­reld­be­roemd is als cul­tu­reel erf­goed.

Kawkabaan, uitgesproken als kaw­ke­baan, be­te­kent: ‘twee ster­ren’. Het Ara­bisch kent een en­kel­voud: kaw­kab, (ster) een twee­voud: kaw­ka­baan of kaw­ka­bayn, af­han­ke­lijk van de naam­val. Het meer­voud is ka­waa­kib: ster­ren.


Menu – 22/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: Nico.

Index locaties.

Locaties: KawabaanSana’aShibaamTula / Thula.

Index termen.

Termen: GuldenRial.


Dit is het einde van dag 6 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 22/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 21 maart 1996

25 jaar geleden

21 maart 1996 / 21 maart 2021

Werken in Jemen

Binnendeuren.

Sana’a

Een prachtig beslagen deur in het Gasmi-hotel. Duidelijk is te zien tot welke godsdienst de vroegere eigenaars van dit pand behoorden.


Menu – 21/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dagboek en andere notities uit 1996 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.


Dag 5 van 93 dagen in Jemen

Collega Nico en ik zoeken Arabisch toetsenborden voor een computer. Vrouwen in Sana’a zijn iets ‘losser’ dan verwacht. Het regent veel in Sana’a.


Donderdag, 21 maart 1996
Ik sta al om 4.30 op en neem in drie kwartier een cassettebandje op met straat- en moskeegeluiden van deze ontwakende stad.
Ik slaap weer tussen 5.30 en 7.30 uur.

Na het douchen ontbijten Nico en ik samen. Vervolgens gaan we de nieuwe stad in en beginnen we aan een zoektocht naar toetsenborden. We slagen uiteindelijk voor USD 25 voor een gemengd Arabisch-Latijns toetsenbord.

In een winkel waar we landkaarten kopen wordt ik opmerkzaam op een paar glimmende ogen in de spleet van een niqaab. Zij knikt mij toe. Ik krijg een lichte blos van deze onverwachte ontmoeting en ik knik haar ook toe. In het Duits vraagt ze of we Duitsers zijn. (Ze hoorde ons praten.)
“Holland,” zeg ik en vraag: “Und du?”
Nee, natuurlijk niet. Dan zou ze er toch niet zo bij lopen, zegt ze en wijst naar haar niqaab.
Dit is, helaas, al het einde van het gesprek. Waarschijnlik omdat ze geen opzien wil veroorzaken bij de mannen in deze winkel. Vrouwen horen niet met vreemde mannen te praten.


Menu – 21/03-96: BeginEinde.


Later, in de stad, staat een meisje in een deur, met een hand houdt ze haar sluier half voor haar gezicht. Als we dichtbij komen laat ze de sluier vallen. Ik zwaai goeiedag. Ze lacht vriendelijk en zwaait ook. Ze is niet uitzonderlijk mooi, maar: ‘it’s what’s inside that counts’.

In het hotel werk ik met mijn laptop. Ik heb geen tafel en zit dus met dat ding op bed, wat erg ongemakkelijk is.

Nico en ik lopen door de stromende regen (pijpenstelen) naar het restaurant van het Taj Sheba hotel. We houden de Nederlandse Arabiste, die na een half uurtje komt, vrij. Deze keer is alles heel erg duur. We betalen samen 6.600 Rial (f. 66,00), zonder fooi. We zijn tegen 22.30 uur weer terug in ons hotel.


Conclusie van vandaag: enkele vrouwen worden dus iets losser, maar … LA, met haar Arabische uiterlijk (Arabische vader, Nederlandse moeder, wel donkerblond haar), kreeg op straat van vrijwel alle mannen “eeb” te horen (schande), omdat ze geen niqaab droeg, wel een hoofddoek. Daar staat tegenover dat alle Somalische vrouwen in Sana’a wel een hoofddoek dragen, maar geen niqaab. Dat wordt kennelijk wel geaccepteerd.


Menu – 21/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: Nico.

Index locaties.

Locaties: Sana’a.

Index termen.

Termen: GuldenGasmi-hotelNiqaabRial.


Dit is het einde van dag 5 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 21/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 20 maart 1996

25 jaar geleden

20 maart 1996 / 20 maart 2021

Werken in Jemen

al-Gasmi-hotel, Sana'a.

Sana’a.

Ons hotel, het al-Gasmi-hotel in de al-Gasmi-wijk in de oude stad van Sana’a. Helemaal bovenop is mijn kamer, de mafradj. Daar zijn ook de qamariyya’s te zien die ik gisteren fotografeerde. Er is geen overeenkomst, want aan de buitenkant zit vaak een ander kunstig raamwerk dan aan de binnenkant. Misschien om het kleurijke effect nog te verhogen.
Rechts boven en links beneden staat ‘Allah’.


Menu – 20/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dagboek en andere notities uit 1996 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.


Dag 4 van 93 dagen in Jemen

Ik ben met collega Nico in Sana’s. Het is de bedoeling dat we binnenkort naar de plaats Tariem in de Hadramaut vertrekken, daarvoor boeken we vandaag de tickets. Vanavond gaan we met twee Nederlandse Arabistes op stap.


Woensdag, 20 maart 1996
Ik sta tegen 7.30 uur op. Hoewel mijn verblijf overweldigend is in deze mooie en interessante stad, denk ik af en toe, tegen mijn verwachting in, nog wel eens aan mijn vrienden en kennissen die in Nederland zijn achtergebleven.

Nico en ik ontbijten in het hotel. Daarna wisselen USD 100 voor 13.800 rial. Vervolgens boeken we op het Tahrierplein voor ons beiden voor woensdag 27 maart, een vlucht naar Say’un in de Hadramaut, die USD 123 per persoon kost.

Bij het Taj Sheba Hotel wachten we op de Cultureel Attaché van de Nederlandse Ambassade, die ons begeleidt naar het Instituut voor Cultuur en Handschriften.
We moeten onszelf voorstellen en ik vertel dat ik, voordat ik Arabisch ging studeren, vijfentwintig jaar als technicus bij de Nederlandse telefoonmaatschappij PTT gewerkt heb. Ook vermeld ik mijn catalogiseercursus voor Arabische Manuscripten, die ik in Londen bij de al-Furqaan-stichting volgde, alsmede mijn catalogiseerwerkzaamheden in de Palestijnse Khalidiyya-bibliotheek in Jeruzalem.


Menu – 20/03-96: BeginEinde.


We laten visitekaartjes drukken, die zaterdag a.s. gereed zijn. Daarna gaan we naar ons hotel en lunchen daar.
We beginnen met een kasboek om onze uitgaven na afloop van het project te kunnen verantwoorden.

Rond 17.00 uur komen de twee Nederlandse Arabistes, die we gisteren ontmoetten, LA en CR. We wandelen door de soek (markt) en tegen 19.00 uur nemen we met z’n vieren een taxi naar een buitenwijk van Sana’a en eten in het restaurant Chicken Tickle in de Ammanstreet.

De rit ernaar toe duurt heel lang, want het rechter achterwiel van de taxi slingert en schuurt tegen de carrosserie. (Vrijwel alle taxi’s in Sana’s zijn zeer slecht, sommige missen zelfs een deel van de vloer, zodat je aan het voorbij glijdende asfalt (als dat er al is) kunt schatten hoe snel je ongeveer rijdt.)

Het eten in het restaurant is niet slecht en we hebben een gezellige avond, met Brian, een Amerikaanse vriend van CR, die een visum voor Irak kreeg.
Het eten kost voor ons vijven 4070 rial, circa f. 40,70. Nico en ik betalen samen 2050 rial. CR at weinig en betaalde dus weinig.

Met een taxi rijden we naar het Frans Instituur, waar LA logeert en gaan dan naar ons hotel. Daar is de elektriciteit (weer eens) uitgevallen en ik schrijf mijn dagboek bij het licht van mijn zaklantaarn.

Weer: in de namiddag en avond stortbuien.


Menu – 20/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: CRNico.

Index locaties.

Locaties: HadramautSana’aSay’un.

Index termen.

Termen: AllahGasmi-hotelGuldenHandschriftRial.


Dit is het einde van dag 4 van 93 dagen totaal van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 20/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.