(Dag 7843) Ik ben met Kenau*, Bullebak* (Bull) en Adelheid* onderweg in Pakistan. We willen naar China. – Gisteren kwamen we in Gilgit (Kashmir) aan. Kenau wilde direct verder reizen, maar ik wilde dat niet, dus besloot ik de anderen te verlaten. – Wij overnachtten in Gilgit in de Marco Polo Huts. 1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps. 2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.) 3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com. 4.) * De namen Kenau, Bullebak (Bull) en Adelheid zijn om privacyredenen gefingeerd. Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Dinsdag, 20 juli 1993.
Dag 10. Gilgit.
’s Nachts slaap ik goed, maar word wel een paar keer wakker. Wat moet ik doen? Ik denk erover één of twee dagen in Gilgit te blijven en dan naar Karimabad en vervolgens Sust te gaan. Dan naar Kashgar. Ik zal proberen de vlucht naar huis [oorspronkelijk eind augustus] met enkele weken te vervroegen, telefonisch vanuit Islamabad. Dan naar Lahore te gaan en als laatste stad Karachi. Dit alles als ik geen geschikte reisgenote of reisgenoot vind.
Na de afrekening (financieel) met de groep, heb ik 3.684 Roepies over. De kosten zijn tot nu toe f. 27,63 per dag, inclusief de vluchten Karachi-Multan en Rawalpindi-Skardu en andere reiskosten.
Ik voel me nu verlaten en denk erover om toch met hen mee te gaan naar Sust, maar ik zie dat echter als een soort overgave en ik besluit voet bij stuk te houden. Na veel vijven en zessen gaan we eindelijk uit het hotel weg. Ik wil gewoon een goedkoper of ander hotel zoeken. De groep nodigt me uit voor de rit naar Gilgit-centrum en het ontbijt. Dat neem ik aan. Een lekker ontbijt: bonen en rijst en het sterkt me, want ik had honger en in hongerige toestand heb ik altijd een wanhopig gevoel. Na het eten kan ik de wereld weer aan. Zij drieën gaan de bus naar Sust boeken, maar kunnen vandaag niet meer vertrekken, pas morgenochtend om acht uur. Ik wil de bus voor Karimabad boeken. Kenau vraagt me of ik toch niet mee wil naar Sust, omdat zij en ik op één C-formulier staan en ik zonder, misschien Pakistan niet uit kan. Zonder nadenken zeg ik: “Ja!” en zo zal ik dus toch met hen naar Kashgar reizen. (Ik voel me eigenlijk ook opgelucht, dat ik met hen tot Kashgar reis.)
We zoeken een hotel en zonder schaamte besluiten Kenau en Bull weer terug te gaan naar de Marco Polo Huts, waar ze gisteren stampij over de service maakten. Nu krijgen we zelfs een betere kamer aangeboden!
Buiten, in de tuin, probeer ik wat te tekenen, maar het wordt niet veel bijzonders. Ik lig daarna in bed en lees: Wuthering Heights van Emily Brontë*(1). Daarna gaan we de stad in. We wandelen over de hangbrug van Gilgit*(2). Bull gaat naar de kapper en laat zich knippen en scheren voor respectievelijk vijf en tien Roepies. [Scheren met een klap-scheermes / open scheermes. Dat weet ik nog, maar het staat niet in mijn dagboek.] We eten lekkere zoete koekjes en drinken thee.
We eten een Pakistaans lokaal restaurant en gaan terug naar het hotel. In de riksja hebben we het over houden van. (Waarom weet ik niet meer.) Bull vraagt op gegeven moment: “En wie houdt er van mij.” Het is even stil en dan zeggen Kenau en Adelheid bijna gelijktijdig: “Niemand.” Zijn blik verhardt. Hij is van de kaart en zwijgt een zeer lange tijd. Bed circa 21.00 uur.
Emily Brontë (1818-1848) was een Engelse schrijfster die leefde in de eerste helft van de negentiende eeuw. Zij schreef de wereldberoemd geworden roman Wuthering Heights, in het Nederlands vertaald als ‘Woeste Hoogten’. Wikipedia: Emily Brontë.
De Hangbrug van Gilgit / the Gilgit Suspension Bridge over de rivier de Gilgit, hier te zien in Google Maps: Gilgit Suspension Bridge. Vrijwel zeker is dit de brug die wij in 1993 bezochten. Hier een foto van Gilgit rivier, met de machtige bergen van de Karakoram op achtergrond en een halve betonnen brug op de voorgrond: Gilgit River.
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken. Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.
Dit is een foto (screenshots) uit Google Earth met de weg in rood weergegeven van onze autorit van Skardu naar Gilgit. Het noorden ligt ongeveer daar, waarheen de pijl in de rechterbovenhoek wijst. Skardu ligt vlakbij de bovenrand van de foto, links naast het midden en Gilgit ligt beneden. De totale rit is in Google Earth circa 200 km lang, maar in mijn dagboek staat dat we 170 kilometer reden. De weg van Skardu naar Gilgit ligt in het dal van de Indus-rivier, soms vlak naast het water. Ik heb in de foto de namen aangegeven van twee dorpen: Sassi en Chhamugarh, waarvan in de sectie Meer informatie een link staat naar de betreffende pagina’s van Google Maps.
Karakoram Highway
1993 – 2018: vijfentwintig jaar geleden
Pakistan – Kashmir – China
Dagboek 1993
(Dag 7842) Ik ben met Kenau*, Bullebak* (Bull) en Adelheid* onderweg in Pakistan. We willen naar China. – We vertrekken van de luchthaven in Islamabad en vliegen naar Skardu. Vandaar gaan met een Ford Transit naar Gilgit langs de Indus, in Kashmir, door het overweldigend mooie Karakoram-gebergte. Hierbeneden, bij ‘Meer informatie’ heb ik de plaatsen Sassi en Chhamugarh toegevoegd. Wij bezochten die plaatsen niet, maar reden er wel (vlak) langs. De foto’s in Google Maps geven een aardig beeld van het landschap, met soms ook de mensen die er wonen. 1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps. 2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.) 3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com. 4.) * De namen Kenau, Bullebak (Bull) en Adelheid zijn om privacyredenen gefingeerd. Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Maandag, 19 juli 1993.
Dag 9. Islamabad – Skardu – Gilgit.
Ik lees in Emily Brontë’s Wuthering Heights en probeer een tijdje te slapen in de benauwde en broeierig hete hal [van de Luchthaven Islamabad] waar een paar banken staan. Dat lukt niet best.
Om 04.30 uur checken we in voor onze vlucht naar Skardu. Het vliegtuig vertrekt om 5.45 uur. De vlucht naar Skardu zal drie kwartier duren. Helaas is het erg bewolkt en zien we niet veel van het prachtige berglandschap. De werkelijke afstand tussen Islamabad en Skardu wordt in een half uur overbrugd. Het toestel (een Boeing 737) heeft daarna een kwartier nodig om spiraalsgewijs in de brede Indusvallei te dalen. Het is een mooi gezicht steeds weer over de bijna droge, heel brede, bedding rond te vliegen. Tegen 6.30 zijn we op Skardu luchthaven. Met een riksja gaan we naar Skardu zelf en ontbijten daar.
Met de bus (een Ford Tansit), waarin veertien personen zitten, gaan we naar Gilgit. We zitten met z’n vieren op de achterbank. Er is weinig plaats. Bull wordt al snel ziek en blijft dat de hele reis. Onderweg moet hij zelfs overgeven. Kenau verzorgt hem als een moeder. We rijden van 10.00 uur tot circa 17.15 uur met slechts twee keer een pauze van een half uur. De afstand Skardu-Gilgit is circa 170 km, dus de reisduur zegt wel iets over de conditie van de weg. Onderweg moeten wij (vier buitenlanders) onze gegevens een keer of zeven in een boek noteren. Niet iedere politiepost wil dezelfde gegevens hebben. De checkposten zijn voornamelijk bij bruggen. (De eerste rust is na twee uur. De tweede rust is circa drieënhalf uur na de eerste pauze.) We hebben (natuurlijk) geen eten bij ons. Maar we krijgen wat van iemand. Die persoon viel bijna in het water, toen hij uitgleed over een steen, toen we moesten uitstappen voor een wegblokkade. Hij verwondde daarbij een vinger. Ik probeerde hem te helpen bij het opstaan en ik gaf hem een pleister.
De weg is smal, soms niet breder dan de auto. Af en toe hebben we een tegenligger. Dat is soms extra spannend. Diep in het ravijn beneden ons kolkt de Indus*(1). Het landschap is onbeschrijflijk mooi: hoge, heel hoge bergen, (rechte) wanden van rotsen, modder, puin, zand, graniet, graniet met witte banden er doorheen, of gekleurde banden. Rotsblokken op de weg, water, kuilen. Groene, intens groene oasen op berghellingen of kleine plateau’s in een verder dor landschap*(2). Sneeuwtoppen, alles indrukwekkend mooi, maar bijna geen mens te zien. Slechts hier en daar een huisje van boeren, die een beetje graan verbouwen of bomen met abrikozen hebben. Wie werkt? Natuurlijk de vrouwen.
Het eerste hotel in Gilgit heeft geen kamer met douche en toilet, wat nodig is voor Bull, die ziek is. (Ook als hij niet ziek is, wil hij niet anders slapen dan op kamers met toilet en douche.) Door een Jeep van dit hotel worden we naar het hotel Marco Polo Huts gebracht. (Kenau en ook Adelheid) stellen zich op als keiharde onderhandelaars en krijgen een tweepersoonskamer met douche en toilet (en kakkerlakken en ander (on-?) gedierte) waar twee bedden worden bijgezet voor totaal 100 roepie. [f. 7,00]
Met dezelfde Jeep terug naar het eerste hotel (het Madina Hotel), waar Bull bij de bagage was achtergebleven en weer brengt ons die Jeep naar de Marco Polo Huts, circa drie kilometer buiten Gilgit.
Kenau wil, afhankelijk van Bull’s gezondheidstoestand, morgen alweer verder reizen. Dat wil ik niet. Ik wil nog één of twee nachten in Gilgit blijven, dus bereid ik me voor op een vervroegde scheiding van hen. Dat is vroeger dan ikzelf verwacht had, niet in Kashgar, maar hier al in Gilgit, dat onze wegen zullen scheiden.
We bestellen bij de jonge manager een Chinese maaltijd en krijgen die prut pas twee uur later (en na klagen over waar het eten blijft) voorgezet. Volgens ons deugt er niet veel van. (In het vlees zit nog bloed.) Kenau gaat erover klagen, maar moet toch het volledige bedrag betalen. Kennelijk hoort het eten zo gekookt te worden.
Om circa 23.00 uur naar bed. Ik denk na over het vervolg. Alleen reizen, dat ik na verleden jaar in Turkije en Syrië*(3), niet meer wilde, moet ik nu na één week Pakistan weer doen. Ik voel me niet prettig. Ik voel me zelfs eenzaam.
Een video op YouTube van een autorit vanuit Gilgit naar Skardu (maar een kort stukje). (Wij (in 1993) reden van Skardu naar Gilgit.) Deze video (duur: 4:47) toont een overweldigend mooi, maar ook ruw landschap en laat de toestand van de weg zien zoals wij die vijfentwintig jaar geleden ook zagen. Dat is niet verwonderlijk. Het is een aardbevingsgevoelig gebied. De botsing van het Indisch subcontinent op de Euraziatische landmassa, die circa tien miljoen jaar geleden begon, is nog niet voltooid. India schuift elk jaar circa 5,4 cm. noordwaarts. De botsing gaat alsmaar door, maar er is ook erosie, door wind, water en door diezelfde botsing: aardbevingen. Rotsen worden voortdurend verplaatst en wegen worden alsmaar beschadigd door neerstortend puin of bij landverschuivingen. YouTube: Gilgit to Skardu.
Het hoogteprofiel van de weg tussen Skardu en Gilgit, volgens Google Earth
Dit is het hoogteverloop van de weg van Skardu naar Gilgit. De weg begint links bij een hoogte van 2.261 meter in Skardu en na circa 70 kilometer bereikt hij zijn maximale hoogte van 2.200 meter. De afstanden die ik op de route in Google Earth heb aangegeven verschillen circa vijf kilometer met de afstanden in het hoogteprofiel van deze route in Google Earth. Na ongeveer 160 kilometer is hij gedaald tot ongeveer 1.290 meter. In Gilgit is de hoogte rond de 1.450 meter. Bij 137 km
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken. Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.
(Dag 7841) Ik ben met Kenau*, Bullebak* (Bull) en Adelheid* onderweg in Pakistan. We willen naar China. – Eergisteren kwamen we aan in Islamabad. Daar verblijven we bij vrienden van Adelheid: NN. en R. Vandaag verlaten wij hen. 1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps. 2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.) 3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com. 4.) * De namen Kenau, Bullebak (Bull) en Adelheid zijn om privacyredenen gefingeerd. Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Zondag, 18 juli 1993.
Dag 8. Rawalpindi – Islamabad.
Opstaan tegen 8.45 uur. Circa 10.10 uur weg.
Naar het PIA-kantoor [Pakistan International Airways] in Rawalpindi. We eten in een restaurantje, verschillende soorten groente. (Met de handen eten. [Zoals dat in de meeste islamitische landen gebruikelijk is.]) Kenau weet het zo te regelen dat we morgenochtend naar Skardu kunnen vliegen. Uit ironie voor hun ‘no-budget‘-manie, stel ik voor om vannacht op de luchthaven te slapen, in plaats van naar een hotel te gaan. Geheel tegen mijn verwachting in, neemt Bull dit serieus en hoef ik het plan alleen maar bij Kenau en Adelheid te verdedigen. Aldus geschiedt. We blijven lang in het PIA-kantoor (airconditioner) en liggen daarna in een park. Ik ga een uurtje alleen op stap en koop bij de boekhandel Ferozsons voor vijftig roepies “Wuthering Heights” van Emily Brontë*(1). In dat park blijven we nog even liggen en eten wat onduidelijks. In de kleine openbare stadsbibliotheek ga ik naar het toilet en kijk er even rond. Ze hebben er onder andere een boek met de toespraken van de Noord-Koreaanse president Kim Il-Sung*(2). Taxi naar de luchthaven en rond hangen in het restaurant, proberen te slapen, lukt niet. Ik schrijf een deel van het algemene reisverslag, waarin ook Kenau en Adelheid stukjes schrijven. Bull vindt dat allemaal nonsens.
Emily Brontë (1818-1848) was een Engelse schrijfster die leefde in de eerste helft van de negentiende eeuw. Zij schreef de wereldberoemd geworden roman Wuthering Heights, in het Nederlands vertaald als ‘Woeste Hoogten’. Wikipedia: Emily Brontë.
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken. Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.
(Dag 7840) Ik ben met Kenau*, Bullebak* (Bull) en Adelheid* onderweg in Pakistan. We willen naar China. – Gisteren kwamen we aan in Islamabad. Daar verblijven we bij vrienden van Adelheid: NN. en R. 1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps. 2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.) 3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com. 4.) * De namen Kenau, Bullebak (Bull) en Adelheid zijn om privacyredenen gefingeerd. Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Zaterdag, 17 juli 1993.
Dag 7. Islamabad – Rawalpindi.
Hoewel we een dag in Islamabad blijven is dit geen rustdag. Deze dag staat in het teken van het regelen van de verdere reis naar het noorden. Er is sprake van een road-block op de Karakoram Highway (KKH) en nu willen we (dat wil zeggen: Kenau) een vlucht naar Skardu boeken om vandaaruit per bus naar Gilgit te reizen. Om een of andere reden (waarschijnlijk budgettaire) lopen we door half Islamabad, in plaats van een taxi te nemen, op zoek naar het kantoor van de PIA. [Pakistan International Air-lines.] Eerder nam ik f. 400,00 Travellercheques aan geld op. Hiervoor kreeg ik 5.691 roepies.)
Op het PIA-kantoor blijkt dat we in Pindi [Rawalpindi] moeten zijn. We gaan naar het toeristenbureau in Islamabad (PTX) en daarna naar Pindi. Kenau regelt alles. We zullen de 23e en / of 24e naar Skardu vliegen. In de tussentijd kunnen we Peshawar ‘doen’. In Pindi ‘doen’ we de bazaar. Bij NN. en R. om circa 16.30 uur. We eten pizza (met vlees): lekker. Beneden vertellen, circa een halve liter Deens bier en rond 23.00 naar bed. Weer: ’s ochtends een stevige regenbui. Het is in Islamabad en Pindi warm, maar niet zo warm als in Multan
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken. Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.
(Dag 7839) Ik ben met Kenau*, Bullebak* (Bull) en Adelheid* onderweg in Pakistan, we willen naar China. Vannacht reizen we met de trein naar Rawalpindi en Islamabad. – In de trein ontstaat (alweer) een conflict over geld, het derde in drie dagen. Daarop neem ik het besluit om over enkele dagen de groep te verlaten. 1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps. 2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.) 3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com. 4.) * De namen Kenau, Bullebak (Bull) en Adelheid zijn om privacyredenen gefingeerd. Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Vrijdag, 16 juli 1993.
Dag 6. Rawalpindi – Islamabad.
Midden in de nacht als ik net slaap, wordt ik gewekt door een hoop lawaai. Bull probeert de ramen dicht te doen. Het stortregent en het onweert. De hemel is constant verlicht. Er zijn nauwelijks bliksemschichten te zien, maar alles is verlicht. Als de trein stilstaat hoor je het constante gerommel van het onweer. Het is niet erg luid. Ik blijf er lang naar kijken. Het is fascinerend. Het is tussen twee en drie uur. De trein stopt vaak, onder andere om tegenliggers langs te laten. (Gisterenavond zag ik dat het dak van een tegenligger vol mensen zat. Zou dat op onze trein ook het geval zijn en zouden ze er nog zitten, in de regen?) Voor het onweer had ik het smoorheet en was ik nat van het zweet. Tijdens het onweer had ik het koud en erna lauw. Ik slaap wel, maar niet zoveel. Alles is kletsnat, ook mijn kleren, van het zweet.
Om 8.00 uur zijn we in Rawalpindi. Anderhalf uur vertraging. In de herenwachtkamer is was- en douchegelegenheid. (In de dameswachtkamer niet.) We maken alle vier gebruik van deze douche. Voor het eerst poets ik tanden met lokaal water. (We hebben geen mineraalwater meer.)
NN., haar man R. en zoon J. zijn vrienden van Adelheid. Zij wonen in Islamabad en hen zoeken we op. We kunnen er overnachten en eten. Ik at al koekjes op het station en krijg nu het eten niet op. We vertellen wat en van circa 14.00 uur tot 17.00 uur liggen we in bed. ’s Avonds warm eten: spaghetti (met vlees), ik eet alles op. [Ik ben vegetariër!] Gezellig samen zitten. Bed rond 23.00 uur.
Voor het avondeten deel ik de anderen mijn besluit om met hen niet verder te gaan dan Kashgar, mee. Ik geef de te zware fysieke belasting op als reden. (Zie gisteren 15 juli.)
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken. Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.