



Mit der Reichsbahn in den Tod.
Met de Reichsbahn naar de dood.
(Over de Duitse spoorwegtransporten naar de concentratiekampen van het Derde Rijk.)
Het zwarte metaal is van een Kriegslokomotiv (oorlogslocomotief) uit de serie ’52’.
Deze heeft nummer 4966

[De transcriptie van de Duitse tekst volgt na de Nederlandse vertaling.]
1943
Met de Rijksspoorwegen naar de dood
Het zwartste hoofdstuk van de Duitse spoorweggeschiedenis omvat de medewerking van de Rijksspoorwegen bij het systematisch vermoorden van de Europese Joden in de Tweede Wereldoorlog. Nadat al sinds 1933 in Duitsland jaar na jaar de Joden steeds meer rechten ontnomen waren en vele joodse burgers naar het buitenland emigreerden, begon in oktober 1941 de ontvoering van veel Joden naar de kampen van de bezette gebieden in het Oosten. Vanuit Berlijn reden binnen drie jaar 184 treinen met circa 50.000 mensen naar de kampen, zowel van het Anhalter station als van de goederenstations Grunewald en Moabit.
Na de Berlijnse Wannseeconferentie van januari 1942, waar Duitse ambtenaren de details van de uitmoorden van de Joden afspraken, reden tot de zomer van 1944 uit alle bezette landen overvolle goederentreinen met vertwijfelde mensen naar de vernietigingskampen. Meer dan drie miljoen Joden werden alleen al door de Rijksspoorwegen daarheen getransporteerd.
[Foto:]
Op het perron in Auschwitz, 1944.
[De transcriptie van de Duitse tekst:]
1943
Mit der Reichsbahn in den Tod
Das dunkelste Kapitel der deutschen Eisenbahngeschichte bildet die Mitwirkung der Reichsbahn bei der systematischen Ermordung der europäischen Juden im Zweite Weltkrieg. Nachdem bereits seit 1933 in Deutschland Jahr für Jahr den Juden mehr Rechte genommen worden waren und viele jüdische Bürger ins Ausland emigrierten, begann in Oktober 1941 die Verschleppung vieler Juden in die Lager der besetzten Ostgebiete. Aus Berlin fuhren in drei Jahren 184 Züge mit rund 50.000 Menschen in de Lager: vom Anhalter Bahnhof sowie von den Güterbahnhöfen Grunewald und Moabit. Nach der Berliner ‘Wannseekonferenz’ vom Januar 1942, in der deutsche Bürokraten die Einzelheiten der Judenvernichtung verabredeten, rollten bis zum Sommer 1944 aus allen besetzten Länder die mit verzweifelten Menschen überfüllten Güterzüge in de Vernichtungslager. Mehr als drei Millionen Juden hat allein die Reichsbahn dorthin befördert.
[Foto:]
An der Rampe in Auschwitz, 1944.

Deze goederenwagon staat model voor alle goederenwagons die door de Deutsche Reichsbahn gebruikt werd voor het transport van Joden naar de vernietigingskampen.


[De transcriptie van de Duitse tekst volgt na de Nederlandse vertaling. Dit is een brief van staatssecretaris van het Rijksverkeersministerie en plaatsvervangend algemeen directeur van de Duitse Rijksspoorwegen: dr. ing. Ganzenmüller, die aan een hoofd van de SS, Wolf, een melding doet over problemen op de spoorwegen bij het transport van Joden naar de vernietigingskampen Treblinka, Belzek en Sobibor. Deze Wolf resideert in het hoofdkwartier van de Gestapo aan de Prinz Albrechtstraat 8 te Berlijn. Gestapo: de zeer gevreesde geheime staatspolitie.]
Zeer geërde Pg Wolf.
Naar aanleiding van ons telefoongesprek van 16 juli deel ik u het volgende van mijn Algemene Directie van de Oostspoorwegen (Gedob) in Krakau, tot uw aangename instructie mede:
“Sinds 22 juli rijdt dagelijks een trein met elk 5.000 Joden van Warschau via Malkinia naar Treblinka, daarnaast tweemaal per week een trein met 5.000 Joden van Przemysl naar Belzek. Gedob staat in voortdurend contact met de Veiligheidsdienst in Krakau. Die is ermee akkoord, dat de transporten van Warschau via Lublin naar Sobibor (bij Lublin) zolang pauzeren, als de werkzaamheden op dit traject die transporten onmogelijk maken (ongeveer oktober 1942.)”
Die treinen werden met de bevelhebber van de Veiligheidspolitie in het Bestuursgebied van het bezette Polen (General-Gouvernement) afgesproken. SS- en politiecommandant van het district Lublin, SS-brigadegeneraal Globotschnigg, is ingelicht.
Heil Hitler!
Uw toegewijde
[Was getekend:] Ganzenmüller
[De transcriptie van de Duitse tekst:]
Herrn
SS-Obergruppenführer W O L F
Berlin SW 11
Prinz-Albrecht-Str 8
Persönlicher Stab des
Reichsführers SS
Geheim
Sehr geehrter Pg Wolf!
Unter Bezugnahme auf unser Ferngespräch vom 16. Juli teile ich Ihnen folgende Meldung meiner Generaldirektion der Ostbahnen (Gedob) in Krakau zu Ihrer gefälligen Unterrichtung mit:
“Seit den 22.7. fährt täglich ein Zug mit je 5 000 Juden von Warschau über Malkinia nach Treblinka, außerdem zweimal wöchentlich ein Zug mit 5 000 Juden von Przemysl nach Belzek. Gedob steht in ständiger Fühlung mit dem Sicherheitsdienst in Krakau. Dieser ist damit einverstanden, daß die Transporte von Warschau über Lublin nach Sobibor (bei Lublin) solange ruhen, wie die Umbauarbeiten auf dieser Strecke diese Transporte unmöglich machen (ungefähr Oktober 1942).”
Die Züge wurden mit dem Befehlshaber der Sicherheitspolizei im Generalgouvernement vereinbart. SS- und Polizeiführer des Distrikts Lublin, SS-Brigadeführer Globotschnigg, ist verständigt.
Heil Hitler!
Ihr ergebener
[Was getekend: Ganzenmüller]
Wikipedia:
Jodenvervolging in Przemysl. (Duits.)
Belzek.
Sobibor.
Treblinka.
Globotschnigg.
General-Gouvernement.
Gestapo: Prinz Albrechtstraße 8, Berlijn.


[De transcriptie van de Duitse tekst volgt na de Nederlandse vertaling.]
Oorlogslocomotieven van de constructiereeks 52 van 1942.
Uit de eveneens in deze hal getoonde goederenlocomotief, constructiereeks 50, ontwikkelden de Duitse Rijksspoorwegen en de industrie in de zomer van 1942 de Oorlogsloc van de constructiereeks 52. Het geringe gewicht per as van 15 ton was de voorwaarde om ingezet te kunnen worden op alle sporen in Oost-Europa. De wijziging van de constructie met ongebruikelijke materialen en productiemethodes moest het verbruik van non-ferro metalen verminderen en hogere productiecijfers bewerkstelligen. Veel onderdelen vervielen: men zag bijvoorbeeld af van de voorverwarming van het voedingswater voor de ketel en nam een hoger kolenverbruik op de koop toe. Anderzijds werden beschermingsinrichtingen tegen vorst voor het gebruik in het Oosten toegevoegd.
De overgang van de constructiereeks 50 naar de Oorlogsloc verliep vloeiend. De eerste 52-er constructieseries waren nog uitgevoerd met het zwaar chassis (Barrenrahmen) van de constructiereeks 50, later stapte men over op een veel gemakkelijker te vervaardigen ijzeren chassis (Blechrahmen). Veel onderdelen werden vervaardigd met een houdbaarheid voor maar vijf jaar.
In september 1942 had Borsig de prototypeloc 52 001 gereed. Binnen tien jaar maakten binnen- en buitenlandse bedrijven meer dan 7.300 exemplaren van de Oorlogsloc, waarvan circa 6.300 voor het Duitse spoor. Spoedig na het einde van de oorlog moesten de Oorlogslocomotieven omgebouwd worden voor langdurig gebruik. Zij werden ook vaak Vredeslocomotieven genoemd, omdat ze in de eerste jaren na 1945 in veel Europese landen aan de wederopbouw bijdroegen. Bij de Duitse Bondsspoorwegen eindigde het gebruik reeds in 1963. Daarentegen was deze constructiereeks voor de DDR nog heel lang onontbeerlijk; daar kregen een aantal van de 52-ers ook een moderne ketel. Pas in mei 1988 eindigde bij de Rijksspoorwegen de reguliere inzet van deze constructiereeks.
De locomotief 52 4966 werd in de fabrieken te Babelsberg door Orenstein & Koppel gebouwd, wier naam men indertijd gewijzigd had in Firma Machinebouw en Spoorwegmaterieel NV. Hij werd in januari 1942 bij de Directie der Rijksspoorwegen Berlijn afgeleverd. Na de oorlog werd de loc verbeterd met een oppervlakte voedingswater-voorverwarmer. Vanaf 1 april 1977 werd hij toegewezen aan het spoorwegbedrijf Berlin-Schöneweide, waar hij in het midden van de jaren tachtig buiten bedrijf werd gesteld. (Uitgerangeerd werd.) In de herfst van 1988 rolde deze loc dit museum binnen. De aankoop werd mogelijk gemaakt door de Klassenlotterie Berlin.
[De transcriptie van de Duitse tekst:]
Kriegslokomotive der Baureihe 52 von 1942
Aus der ebenfalls in dieser Halle gezeig(t)en Güterzuglok-Baureihe 50 entwickelten die Deutsche Reichsbahn und die Industrie im Sommer 1942 de ‘Kriegslok’ der Baureihe 52. Die geringe Achslast van 15 Tonnen war Voraussetzung für ihren Einsatz auf alle Bahnen in Osteuropa. Die Umstellung der Konstruktion auf unübliche Materialien und Produktionsweisen sollte den Buntmetallverbrauch mindern und höhere Produktionsziffern ermöglichen. Viele Bauteile entfielen: man verzichtete zum Beispiel auf den Speisewasservorwärmer und nahm dafür einen Mehrverbrauch an Kohle in Kauf. Anderseits mußten Frostschutzvorrichtungen für den Osteinsatz eingebaut werden.
Der Übergang von der Baureihe 50 zur Kriegslok erfolgte fließend. So wurden frühe 52er-Bauserien noch mit der Barrenrahmen der Baureihe 50 ausgerüstet, später ging man zum einfacher zu fertigenden Blechrahmen über. Viele Bauteile waren auf eine Haltbarkeit von nur fünf Jahren ausgelegt.
Im September 1942 hatte Borsig die Prototyplok 52 001 fertiggestellt. Innerhalb von zehn Jahren produzierten in- und ausländische Werke mehr als 7.300 Exemplare der Kriegslok, davon etwa 6.3000 für deutsche Bahnen. Bald nach Kriegsende mußten die Kriegslokomotiven für einen langfristigen Einsatz umgerüstet werden. Sie sind auch manchmal als ‘Friedenslokomotiven’ bezeichnet worden, weil sie in den ersten Jahren nach 1945 in vielen europäischen Ländern zum Wiederaufbau beitrugen. Bei der Deutschen Bundesbahn endete ihr Einsatz bereits 1963. Dagegen war diese Baureihe für de DDR noch länger unentbehrlich; dort erhielt eine Anzahl von 52ern auch moderne Kessel. Erst im Mai 1988 endete bei der Reichsbahn der planmäßige Einsatz dieser Baureihe.
Die Lokomotive 52 4966 wurde in den Babelsberger Werken von Orenstein & Koppel gebaut, deren Namen man damals durch die Firma “Maschinenbau- und Bahnbedarfs-AG” ersetzt hatte. Sie wurde in Januar 1944 an die Reichsbahndirektion Berlin abgeliefert. Nach dem Krieg erhielt die Lok zur Verbesserung einen Oberflächen-Speisewasservorwärmer. Ab 1 April 1977 ist sie im Bahnbetriebswerk Berlin-Schöneweide nachgewiesen, wo sie zur Mitte der achtziger Jahre ausgemustert wurde. Im Herbst 1988 rollte die Lok in das Museum. Den Ankauf ermöglichte die Klassenlotterie Berlin.
Technische Daten:
Albert-Gieseler: Dampflokomotive 52 4966.
Eisenbahn-Museumsfarhzeuge.




Deutsches Technikmuseum Berlin. (DTMB)
Deutsches Technikmuseum Berlin. (DTMB)

Artiesten: (instagram) graco-berlin.
Artiesten: (instagram) graco-berlin.
Dagboek 1993
(Dag 7867) Ik arriveerde verleden week vrijdag in Rawalpindi in Noord-Pakistan na een reis over de Karakoram Highway vanaf het beginpunt in Kashgar in China tot het eindpunt, niet ver van Rawalpindi. Mijn retourvlucht naar Nederland is pas op 8 september*(1), maar ik wil eerder vertrekken. Vandaag lukt dat met de Zwitserse luchtvaartmaatschappij Swiss Air vanuit Karachi, waar ik al enkele dagen ben en waar ik het land binnenkwam op 12 juli jl. met de Roemeense luchtvaartmaatschappij Tarom.
1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps.
2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.)
3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com.
4.) Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Vrijdag, 13 augustus 1993.
Dag 34. Karachi – Dubai – Zürich – Amsterdam – Leiden.
Midden in de nacht, circa 01.30 uur, word ik wakker van het geklop op de deur. Eerst wil ik niet reageren, maar hij blijft doorgaan. Ik vraag wat er is en ik hoor gebrabbel. Ik hoop dat de man gehoord heeft dat hij aan de verkeerde deur staat en zal opsodemieteren, maar hij gaat niet weg en blijft kloppen. Ik trek mijn broek aan. Ik zeg “Yes, yes.”, maar hij blijft ongeduldig kloppen.
Ik doe de deur open en er staat een man die “Water, water”, zegt en hij kijkt en wijst naar de mineraalwaterflessen op tafel. Even vrees ik dat hij me van mijn laatste mineraalwater komt beroven. Ik begrijp niet wat hij moet en dan wijst hij naar de doucheruimte. Ik laat hem binnen en vraag me af of hij wel van het hotel is, want hij krijgt de deur, die in het slot zit, niet direct open. Hij kijkt in de douche, links en rechts van de deur (dat wil zeggen, ervoor en erachter), zegt “Sorry”, en gaat weer weg, mij verbaasd achterlatend*(2).
Dit is geen droom, dit is echt gebeurd. Wat heeft dit te betekenen?
Het water controleren? Midden in de nacht!! Zijn ze hier van lotje getikt?
Menu – Begin – Index en het einde.
Ontbijt
Circa 6.20 sta ik op en neem een douche en eet brood.
Rond 7.00 uur ga ik naar beneden en betaal het hotel 3x 195 Roepie = 585 Roepie. (Ik vergeet te vragen wat dat was, vannacht, met dat water.
Menu – Begin – Index en het einde.
Ondergewicht
De taxi naar de luchthaven kost 80 Roepie.
Om 7.45 uur ben ik er en ik mag toch naar binnen. Alles is beveiligd. (Normaal mag je niet eerder dan twee uur voor vertrek van je vliegtuig, naar binnen.)
Ik lees Lady Chatterley’s lover van D.H. Lawrence.
Om 8.30 ben ik de eerste die mag inchecken. Mijn totale bagage, rugzak en handbagage weegt 20,6 kg. De rugzak slechts een kilo of 13.
Ikzelf weeg 66,3 kg. “Ondergewicht.”, constateert de man achter de balie. Hij heeft gelijk.
Ik kan mijn plaats uitzoeken. Ik wil aan een raam zitten, niet boven de vleugel, niet-rokersgedeelte en aan de rechterkant: noordzijde. (Dus schaduwzijde.)
Iemand leent even mijn pen (een Pakistani) en meent daar rechten aan te kunnen ontlenen. Wil samen reizen en stelt persoonlijke vragen: gehuwd? Enz. Ik probeer hem kwijt te raken door te lezen en niet naar hem om te zien. Het lukt.
Menu – Begin – Index en het einde.
Airbus
Boarding is 10.20 uur. Het toestel vertrekt precies op tijd. (Dat heb ik tot nu toe nog niet meegemaakt.)
Ik vlieg in een Airbus A 310-300 F(C)Y class, vluchtnummer SR 395. Tussenlanding in Dubai. De vluchtinformatie verschijnt op een beeldscherm in de passagiersruimte.
Ik zit ruim achter de vleugel. Plaats 24 K. In het vliegtuig zitten niet veel mensen. Na Dubai is het drukker. We vliegen bijna 12 km hoog en ruim 900 km per uur. Na Dubai lukt dat niet meer. (Zwaarder?) We vliegen dan nog maar 10,5 km hoog en circa 790 km/u.
We vliegen over Karachi (wat een mooi strand, van boven gezien) en langs de kust van Baluchistan en Iran. Een interessant landschap.
Menu – Begin – Index en het einde.
Dubai
We zijn circa 12.40 uur in Dubai. (11.40 uur lokale tijd)
Ik zie niet meer dan de taxfree shop en daarvan voornamelijk de heel dure (maar wel mooie) boeken over de Emiraten. Het personeel bestaat voornamelijk uit Aziaten, het commercieel aanbod uit westerse goederen.
Ik zie enkele knappe Arabische vrouwen. De mannen zijn niet mooi.
Het aanvliegen van de luchthaven van Dubai gebeurt over de woestijn, waarin een paar prachtige moderne huizen liggen, sommige met een groot zwembad.
Menu – Begin – Index en het einde.
Stewards
Boarding, circa 13.20 uur (Pakistaanse tijd), dus ik was er maar een goed half uur. Er is een zeer strenge veiligheidscontrole: alle metaal moet uit mijn kleren. Munten, sleutels, bril en horloge afdoen.
Vertrek: 14.00 Pakistaanse tijd. (Precies op tijd.) We vliegen over een droog, maar interessant Iran: Shiraz, Isfahan, Tabriz. Turkije: Ankara, Istanboel. Verder over Sofia, Belgrado, Graz en tenslotte landen we in Zürich.
Alles wat me aan boord aangeboden wordt, door de uiterst attente stewards, eet en drink ik. (Ook het vlees.) Er wordt veel aangeboden. De stewards zijn voortdurend in de weer. Wat een service! 880 gulden is veel geld, maar ik vind het niet duur.
Menu – Begin – Index en het einde.
Vulkanen
Het landschap in Iran is interessant. Oost-Turkije zit in dichte bewolking. Ik zie daar wel twee vulkanen, een met sneeuw. Is dat de berg Ararat? Van Ankara zie ik niets, evenmin van Istanboel en Sofia. Die liggen waarschijnlijk aan de andere kant van het toestel. Ik meen Belgrado (van verleden jaar) te herkennen, maar ben niet zeker. Ik zie Graz en we landen precies op tijd in Zürich: 20.45 uur Pakistaanse tijd is 17.45 uur Midden-Europese Tijd.
Menu – Begin – Index en het einde.
Tatoeages
In het vliegtuig zitten enkele knappe Pakistaanse en Arabische vrouwen. Van die laatste groep heeft een van hen op haar handen mooie roodbruine tattoos met Arabeske motieven. (Waarschijnlijk henna-versieringen.)
Menu – Begin – Index en het einde.
Taxichauffeur
In Zürich kan ik vrijwel direct doorlopen naar het KLM-toestel. Daar zit ik op plaats 8A tegen de zon in te kijken. Schuin achter mij zit een sexy vrouw met diep (nou ja, naar oosterse begrippen) decolleté. Zij is blond en Europese.
Het mannelijk KLM-personeel valt ten opzichte van de Zwitsers op door hun nonchalance in de uitspraak van de moedertaal en het Engels en Duits.
Ook aan boord van het KLM-toestel krijgen we te eten. Hier eet ik het vlees niet op.
De stewardess is een sexy stuk.
We vliegen anderhalf uur en ik kan de IJssel, het Veluwemeer, het IJsselmeer en de Noordzee herkennen. We draaien om Amsterdam heen (westzijde) en landen mooi op tijd op Schiphol.
Mijn bagage is er ook. Wegens de korte overstaptijd was ik even bang dat het mis zou gaan met de bagagetransfer.
Om 20.05 uur de trein: f. 8,00 + f. 5,00 voor de treintaxi*(3).
In Leiden een tijdje vertellen met de taxichauffeur die ook van reizen houdt. Hij is een enthousiaste verteller. Ik geef hem twee gulden fooi. Hij verwachtte dat niet, geloof ik, maar verleden jaar deed ik dat ook.
Thuis 21.30 uur.
Ik bel Pa en Ma.
Menu – Begin – Index en het einde.
Reiservaringen
Vliegen
Voordat ik vertrok was ik enorm bang voor vliegen. (Niet de beestjes.)
Voor de vlucht Islamabad – Karachi en de vluchten (starts en landingen) van Karachi naar Amsterdam had ik totaal geen angst meer. Ik vind vliegen nu een heel fijne manier van vervoer en zeker bij zulk een fantastische service als bij Swiss Air.
Menu – Begin – Index en het einde.
Knipoogjes
Als ik naar kinderen (jongetjes) knipoog heb ik altijd succes, dat wil zeggen, hun aandacht. Dat vinden ze geweldig. Ze lachen. (Soms lachen ze me uit, denk ik.) Ze proberen het soms na te doen. Ze roepen hun vriendjes erbij. Ze komen allemaal kijken. Mijn reisgenoten begrepen dan vaak niet wat al die kinderen kwamen doen.
Toen ik jong was, weet ik nog, vond ik een knipogende man ook interessant.
Menu – Begin – Index en het einde.
Katholieken
In Karimabad sprak ik op 4 augustus jl. met twee Pakistaanse broers, die katholiek waren. Zij vertelden over de enorme discriminatie die zij ondervonden van leden van de godsdienst van de vrede. (Die term gebruikten die jongemannen niet, maar de gelovigen van die religieuze richting vertelden mij telkens dat hun godsdienst dat is.) In Pakistan zijn meer dan één miljoen katholieken.
Wikipedia: Catholic Church in Pakistan.
Menu – Begin – Index en het einde.
Cholera
Een Nederlander beweerde dat er in Hunza (Nagar) cholera heerst. Dat kan best waar zijn. In de Frankfurter Allgemeine Zeitung las ik op 13-8 dat er in Duitsland Pakistani waren binnengekomen die deze, in Europa niet meer voorkomende en daarom moeilijk te onderkennen, ziekte hadden.
Cholera ontstaat door het drinken van water waarin uitwerpselen voorkomen. Het verwondert mij niks als ik terugdenk aan wat voor soort water er allemaal gebruikt werd om te drinken. Zo maar, rechtstreeks uit de rivieren.
Menu – Begin – Index en het einde.
Contacten
In Sust en Pasu as het mogelijk fijn contact met andere toeristen te hebben. In en zeker na Karimabad werd dat moeilijker. De hoeveelheid toeristen was massaler en meer verspreid over de vele hotels.
Menu – Begin – Index en het einde.
Contanten
De totale reis kostte, inclusief alle kosten vooraf, 3.735 gulden.
Menu – Begin – Index en het einde.
Noten
Menu – Begin – Index en het einde.
Meer informatie.
Index
Menu – Begin.
Pakistan-China: Chronologische weergave.
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken.
Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.

Artiesten: (instagram) graco-berlin.
Artiesten: (instagram) graco-berlin.
Dagboek 1993
(Dag 7866) Ik arriveerde vrijdag jl. in Rawalpindi in Noord-Pakistan na een reis over de Karakoram Highway vanaf het beginpunt in Kashgar in China tot het eindpunt, niet ver van Rawalpindi. Mijn retourvlucht naar Nederland is pas op 8 september*(1), maar ik wil eerder vertrekken. Eergisteren arriveerde ik in Karachi, daar waar ik het land binnenkwam op 12 juli jl. met de Roemeense luchtvaartmaatschappij Tarom. – Vandaag word ik midden op straat gefouilleerd door lieden die zich uitgeven voor medewerkers van de geheime dienst.
1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps.
2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.)
3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com.
4.) Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Donderdag, 12 augustus 1993.
Dag 33. Karachi.
Ik sta rond 7.30 uur op en ontbijt op mijn kamer: brood en kaas.
Menu – Begin – Index en het einde.
Gefouilleerd worden
Om 8.15 uur ga ik op weg naar de Tarom. In een minder drukke straat word ik aangehouden door twee kerels in een achteropkomende auto. Beide figuren zijn in burger: traditionele Pakistaanse kleding. De chauffeur in okerkleur. Zijn bijrijder in smetteloos wit. De witte laat mij een wit kartonnetje in een plastic hoesje zien met een zwart-wit foto van een op hem lijkende man met een baret met een insigne erop. Eronder staat gedrukt: Security Authority, of zoiets. Hij wil mijn paspoort zien.
“In het hotel”, lieg ik. Dan moet ik mijn tas openmaken en hij kijkt in alle vakken. Hij zegt op zoek te zijn naar drugs. Hij betast me en voelt mijn sleutels en mijn portefeuilles (twee stuks) en mijn beurs. Ook het mapje van mijn paspoort. Hij wil alles zien*(2). Ik laat hem mijn paspoort zien en alle papieren die daar bij zitten. Nu wil hij de beurs en de portefeuilles zien. Maar voordat ik hem die geef ruim ik op mijn (zenuwachtige) gemak eerst paspoort en papieren op. Ik zeg dat hij beurs en geld te zien krijgt, als hij eerst uitstapt. Dat doe hij. Hij wil mijn hele portefeuille doorzoeken, maar ik geef hem niet uit handen. Ze willen weten in welk hotel ik zit: Hotel Holiday. Ze schrijven het op (waarschijnlijk schrijven ze Holiday Inn) en stuiven weg. Ik ben niets kwijt, maar wel verbouwereerd. Nu ben ik vastbesloten zo snel mogelijk weg te gaan.
Menu – Begin – Index en het einde.
Tarom
Bij de Tarom wacht ik buiten zo, dat ik vanaf de straat slecht te zien ben, maar dat de portier me wel kan zien.
Zodra het Canadian kantoor opengaat, vraag ik of ik binnen mag zitten. Het voorval an sich ben ik snel vergeten, maar het gevoel dat ik weg wil, is nu alles overheersend.
Ik ben de eerste klant bij Tarom, maar het laatste aan de beurt. De twee anderen zijn natuurlijk voorgekropen.
De Tarom official zegt dat hij Boekarest inlichtte over mijn geval en wil mij zijn telefoonnummer geven. Ik vraag of het mogelijk is dat ik geld terugkrijg. Hij zegt dat ik daar moet zijn, waar ik de ticket kocht. (Hij weet niet eens hoeveel ik betaalde.)
Menu – Begin – Index en het einde.
Verkrachtingen?
Ik ga naar buiten en neem een taxi. Nu merk ik voor het eerst dat de taxichauffeurs geen straten of adressen kennen. Zij verwachten dat de klant hen de weg wijst.
Iedere vader van een verkrachtte dochter krijgt als compensatie een taxi, vertelde mij iemand. Wie? NN? Ik weet het niet meer, maar er worden kennelijk veel meisjes verkracht. (Als die bewering waar is.)
Menu – Begin – Index en het einde.
Swiss Air
Ik wil naar American Travel Express Service. (Die is misschien wel duurder dan andere reisbureaus, maar zeker veilig.)
Ik boek een enkele reis naar Amsterdam met Swiss Air, morgenochtend om elf uur. Die vlucht kost 13.195 Roepie. (Circa f. 880,00.) De vlucht gaat naar Zürich en vandaar naar Amsterdam met de KLM.
De 100 US$, die ik nog contant heb, wissel ik op de zwarte markt en krijg daar 3.200 Roepie voor, in plaats van 2.972 bij de bank van American Express.
Naar het hotel, met een taxi die me naar het hotel Holiday Inn brengt en ijskoud beweert dat dit de Dr. Daud Pota Road is. (Wat niet waar is.)
Menu – Begin – Index en het einde.
Water en brood
Hotel: brood en kaas eten.
Ik haal circa 15.30 de ticket op en ga terug naar het hotel.
Ik kocht water, kaas, brood, bananen voor 58 Roepie voor morgenochtend en brood en kaas ook voor thuis op vrijdagavond.
Menu – Begin – Index en het einde.
Dansen?
Na het voorval met die twee mannen, hedenochtend, pakte ik mijn rugzak helemaal uit en controleerde die op verstopte drugs, voordat ik hem vanavond weer helemaal inpakte. Ik controleerde ook het buizenframe / draagstel van de rugzak.
Ik douchte met heerlijk koud water.
Ik hoop dat als ik in Nederland terug ben, ik nog naar het LVC*(3) kan gaan dansen, vrijdagavond.
Ik zag ‘mijn’ salamandertje even over de muur kruipen.
Ik lees Lady Chatterley’s lover.
Menu – Begin – Index en het einde.
Inbrekers?
Rond 00.00 uur probeert iemand de deur van mijn kamer open te maken. Misschien iemand die voor de verkeerde deur staat, misschien iemand die wat anders wil. Ik durf niet te gaan kijken, maar later controleer ik wel de ramen die in de gemeenschappelijke ruimte uitkomen. Die blijken niet allemaal op slot te zijn. Dat doe ik alsnog.
Er is niets gestolen. De papieren heb ik allemaal bij mij, altijd. Ik zou het jammer vinden als de sjaal die ik aan AS. als verjaardagscadeau wil geven, gestolen zou worden of mijn boeken. De rest is niet zo erg, dat zou alleen maar ongemak geven.
Ik heb me in Turkije, Syrië, Noord-Pakistan en China, niet zo onveilig gevoeld als in Karachi. Vrijwel alle hotels hebben hier een groot stalen hek en een bewaker (oude man) van de Civil Defence. Alleen bij hotel Ambassador kon ik op 11-8 zo naar binnen lopen, de nachtwaker sliep rotsvast.
Menu – Begin – Index en het einde.
Sirenes
Ik ben niet echt bang, maar hou de deuren zoveel mogelijk gesloten. Ook de deur van de douche, waar de ramen openstaan en waar je met wat kunst en vliegwerk zo binnen zou kunnen komen. Onbeschermd, alleen met een hor, zijn de slaapkamerramen, maar daar slaap ik bijna onder.
Hier in Karachi is er een bijna voortdurend geloei van sirenes.
Rond 21.40 ga ik slapen. Morgen hopelijk de laatste dag in Pakistan.
Menu – Begin – Index en het einde.
Noten
Menu – Begin – Index en het einde.
Meer informatie.
Index
Menu – Begin.
Pakistan-China: Chronologische weergave.
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken.
Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.

Artiesten: (instagram) graco-berlin.
Mann hinter Gittern / man achter tralies.
Artiesten: (instagram) graco-berlin.
Dagboek 1993
(Dag 7865) Ik arriveerde vrijdag jl. in Rawalpindi in Noord-Pakistan na een reis over de Karakoram Highway vanaf het beginpunt in Kashgar in China tot het eindpunt, niet ver van Rawalpindi. Mijn retourvlucht naar Nederland is pas op 8 september*, maar ik wil eerder vertrekken. Gisteren arriveerde ik in Karachi, daar waar ik het land binnenkwam op 12 juli jl. met de Roemeense luchtvaartmaatschappij Tarom.
1.) Ik reis zonder camera, daarom plaats ik bij alle interessante plaatsen een link naar de foto’s in Google Maps.
2.) De munteenheid in Pakistan is de Roepie: (PKR.) (f. 1,00 (gulden) = 14 Roepie, dus 100 Roepie = f. 7,00.)
3.) Voor bezoekers die via the-face.com op deze website komen: als de interne links niet werken (mobiele telefoon) klikt u voor het originele adres van dit bericht op: irada.com.
4.) Dit reisverslag komt uit mijn dagboek 1993 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.
Woensdag, 11 augustus 1993.
Dag 32. Karachi.
Om 00.45 uur hoor ik dat er in het Tarom-vliegtuig geen plaats is. Uit Beijing kwamen zeven personen meer mee dan gepland was. Ik hoor het gelaten aan en kan het niet geloven. Ik wacht geduldig af. Ik geloof nog steeds dat ik kans heb om mee te gaan. Anderen, die ook niet mee mogen, maken zich drukker.
Een Engelse die met een vertraagde vlucht uit Peshawar kwam, krijgt een hotel aangeboden.
Menu – Begin – Index en het einde.
Hotelkamer
Een slecht Nederlands sprekende Pakistaan RD. uit Lahore, die in B. woont, is er met zijn broer en een vriend (een Afghaan) en ik vertel wat met hen. De twee Pakistani mochten ook niet mee.
De Afghaan biedt me zijn al betaalde hotelkamer in Karachi aan. Ik, idioot, wil die kamer aan hem terugbetalen. Hij weigert dat gelukkig, want de kamer, zo blijkt later, is niet gereserveerd.
Voor 60 Roepie gaan we gedrieën naar de stad. Bij het hotel (hotel Holiday) moet ik 30 Roepie voor de taxi betalen (plus 5 Roepie fooi): een koopje.
RD. onderhandelt voor mij bij het hotel, maar zoals gezegd, de kamer is niet vrij en ook geen andere eenpersoonskamer. Ik wil een van de twee tweepersoonskamers nemen, maar volgens RD. is 195 Roepie veel te duur. Zo laat ik me in nachtelijk Karachi weer de straat op sturen.
Hij en zijn broer gaan met de taxi verder naar het station, om met de trein naar Lahore te gaan. Hij heeft wilde plannen en wil via Urumqi in China en Moskou, met de trein naar Amsterdam, nadat ik hem over zo’n reis van een Europeaan had verteld.
Hij gaf me zijn adres in Lahore. Ik let erop dat ik hem niet mijn adres op papier geef, wel mondeling, maar zijn Nederlands is te slecht om het te begrijpen.
Zijn broer wilde weten hoeveel ik, als technicus bij de PTT, verdien. Ik doe daar nogal moeilijk over en weiger het te vertellen, steeds naar smoezen zoeken om eromheen te kunnen draaien.
RD. stelt een andere vraag en ik grijp die aan om van onderwerp te wisselen. Ik ben niet in mijn beste doen, deze nacht.
Menu – Begin – Index en het einde.
Holiday hotel
Anyway, alle hotels waren vol, dus kwam ik weer bij het Holiday hotel, waar ik om 02.30 uur in bed plof.
Op de muur zit een naakte salamander (zo rose als een pasgeboren biggetje), die snel de Tl-armatuur in vlucht als ik op hem toe loop.
Ik sta om 8.00 uur op.
Douche.
Ik neem het hotelontbijt: 41 Roepie. Het stelt niets voor. Het hete water voor de koffie is bruin van de thee-aanslag in het kopje.
Menu – Begin – Index en het einde.
Time
Ik koop Time voor 40 Roepie. Ik wilde eigenlijk niets kopen, maar informeerde toch naar de buitenlandse bladen in die winkel en zij wezen mij de Saoedische en de Engelse weekbladen aan. Ik had een ongekende aanval van gevoel van verplichting het blad te moeten kopen.
Menu – Begin – Index en het einde.
Tarom-kantoor
Het Tarom-kantoor is gesloten. Ik wist wel dat ze op woensdag gesloten zijn. Dat had een meisje mij zaterdag al aan de telefoon verteld, maar vannacht zei de Tarom official: “Komt u morgenochtend maar naar het kantoor.” (Met morgen bedoelde hij natuurlijk donderdag, want hij zei het na middernacht.)
Ik wil graag naar huis, maar als ik tot 8 september moet blijven, kan ik veel literatuur lezen, iets wat thuis nooit lukt. Wat zou ik anders 28 dagen moeten doen in Karachi?
Menu – Begin – Index en het einde.
Goedkoper hotel?
Ik ga op zoek naar een goedkoper hotel. Twee andere hotels zijn beide vol en de straat van het Poonam hotel waar Kenau en ik de eerste nacht in Pakistan verbleven, kan ik niet vinden. Ik besluit voorlopig hier te blijven, in hotel Holiday.
Menu – Begin – Index en het einde.
Boekhandel
Ik bezoek een grote boekhandel en als ik buiten kom, beslis ik dat ik geen boekhandel meer mag bezoeken. Ik kocht drie boeken. Vroeg ‘discount for foreigners’ en kreeg korting.
Islamic Calligraphy van Yasin Hamid Safadi, van 420 voor 357 Roepie.
Classical Islamic Philosophy van Tawfiq Ibrahim, van 250 voor 212 Roepie.
What’s in a Muslim name, van 15 voor 12 Roepie.
Totaal: van 685 voor 581 Roepie.
Menu – Begin – Index en het einde.
Delicaat fruit
Boodschappen: bruin brood, 4 Roepie.
Smeerkaas: 24 Roepie.
Twee perziken: 11 Roepie. Ik zocht twee mooie uit. De verkoper liet ze van een meter hoog zo in de weegschaal vallen. Dat bedoelde ik nou, gisteren: de mensen zijn zo slordig, koop je delicaat fruit, of rijpe tomaten, dan gooien ze die zo in de weegschaal of laten het met geweld in een zak vallen. Zoek je goed fruit uit en is het gewicht te weinig of willen ze je snel helpen, dan pakken ze ook half rot fruit. Eigenlijk had ik die twee perziken moeten weigeren, maar ik dacht er niet aan en die ouwe zou het waarschijnlijk ook niet begrepen hebben.
Menu – Begin – Index en het einde.
Bordeel
Hotel: brood eten.
Time lezen over seks in een sjiek bordeel in Hollywood.
Ik word er geil van en denk aan jongenslichamen. Ik teken twee bladzijden met sexy jongens en meisjes, maar durf geen pornografische tekeningen te maken. Stel dat de grenspolitie mijn spullen controleert.
Ik lees Lady Chatterley’s lover van D.H. Lawrence en ga tegen 22.00 naar bed.
Menu – Begin – Index en het einde.
Noten
Menu – Begin – Index en het einde.
Meer informatie.
Index
Menu – Begin.
Pakistan-China: Chronologische weergave.
De auteur dezes kan niet garanderen dat alle links naar externe websites (dus die van derde partijen) altijd zullen blijven bestaan. Foto’s in Google Maps, bijvoorbeeld, kunnen verdwijnen wanneer de eigenaar ze weghaalt. Ook aan andere links kan een einde komen, of kunnen in ongebruik raken.
Wanneer u een niet werkende link constateert kunt u dat melden in het reactieveld. Bij voorbaat dank.