Jemen, 19 maart 1996

25 jaar geleden

19 maart 1996 / 19 maart 2021

Werken in Jemen

Qamariyya: binnenramen.

Sana’a, Jemen.

Voorbeelden van de typische qamariyya (halve) maanvormige ramen in de mafradj van mijn hotel. Qamar is het Arabisch voor maan.
Dit soort ramen fungeert ook als een soort bovenlicht boven de altijd geblindeerde ramen van de woonhuizen.
(Geblindeerde ramen: dat is om nieuwsgierige blikken te verhinderen, want in huis wonen … vrouwen. Vrouwen mogen alleen gezien worden door andere vrouwen, haar echtgenoot en mannen die niet met haar kunnen trouwen, wegens een familieband, zoals broers, of de vader. Zo’n familielid heet een mahram en het meervoud is mahaarim.)


Menu – 19/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dagboek en andere notities uit 1996 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.


Dag 3 van 93 dagen in Jemen

Nico en ik zijn in Sana’a, de hoofdstad van Jemen. – Vandaag bezoeken we de Nederlandse Ambassade.


Gemiste en nieuwe afspraken.

Dinsdag, 19 maart 1996
Ik fotografeer de Mafradj in detail.
Het ontbijt in dit hotel is teleurstellend: een plat broodje, boter, smeerkaas en jam.

Na het ontbijt nemen we de taxi naar de Nederlandse Ambassade, waar we tegen 8.45 uur aan­komen. MN ontvangt ons na circa twintig minuten. Ze is gepikeerd. We hadden er gisteren(!) al om 9.00 uur(!!) moeten zijn.
We blijven er circa twee uur en maken onder andere kennis met Arabiste CR, die ons vrijwel onmiddellijk vertelt dat MN een moeilijke vrouw is, maar dat hadden we al gehoord.
Met CR maken we een afspraak voor morgenavond.

We gaan terug naar het hotel en lunchen er. Als we weer naar buiten stappen zie ik een mooie Jemenitische vrouw met een hoofddoek, maar met bloot gelaat. (99% van de vrouwen hier loopt helemaal in het zwart en geheel gesluierd: Niqaab) Deze schoonheid stapt in mijn richting en ze komt me bekend voor. Het blijkt LA te zijn. (Een Nederlandse, die al een tijdje in Jemen werkt.) Met z’n drieën gaan we de stad in en spreken later af voor mogelijk vanavond en zeker morgenavond.


Menu – 19/03-96: BeginEinde.


In de stad informeren Nico en ik naar mogelijke vluchten naar Say’un en slen­te­ren weer door de stad.
In mijn hotelkamer luister ik naar housemuziek en bespied de buurt met mijn verrekijker.
Tegen 19.00 gaan we eten in het Bilquis restaurant van het Taj Sheba hotel. Westers eten, want Nico lust geen Arabisch. We betalen 2750 rial voor ons beiden. (Dat is f. 27,50) Het is een lopend buffet.
Als het leven zo goedkoop blijft hou ik circa f. 4.000,00 over van deze trip.
Het eten in Taj Sheba is goed.

We wandelen terug naar het hotel en nog een stuk door de oude stad. Ik stap rond 00.30 in bed.
Weer: namiddag regen, ’s avonds fris.

Op straat zag ik een Jemenitisch stel waarbij de jongen de hand vasthield van zijn geheel in het zwart gehulde (ook de handen) vriendin of vrouw. (Het laatste is het meest waarschijnlijke.) Dit is de eerste keer dat ik zoiets zag in de Arabische wereld. Zedeloosheid heeft ook al in Jemen toegeslagen. Normaal is dat hier de mannen hand in hand lopen.


Menu – 19/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: CRNico.

Index locaties.

Locaties: Sana’aSay’un / Seiyun.

Index termen.

Termen: GuldenMafradjMahramNiqaabRial.


Dit is het einde van dag 3 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 19/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 18 maart 1996

25 jaar geleden

18 maart 1996 / 18 maart 2021

Werken in Jemen

Verkoop van qat.

Sana’a, hoofdstad van Jemen.

Markt … en wat voor een! De belangrijkste handelswaar op de interne markt van Jemen wordt hier, in de droge bedding van de Sayla, verkocht: qat.


Menu – 18/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dagboek en andere notities uit 1996 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.


Dag 2 van 93 dagen in Jemen

De eer­ste dag van mijn ver­blijf in de 1001 nacht sprook­jes­stad Sana’a, de hoofd­stad van Je­men. Ik ben daar met mijn collega Nico, die de leiding heeft.


Mijn eerste dag in Jemen.

Maandag, 18 maart 1996
We arriveerden midden in de nacht op de luchthaven van Sana’a.
Op kos­ten van de ‘ko­nin­gin’ (zo­als we dat noe­men) ne­men we As­trid (en haar vriend, die haar op de luchthaven opwachtte) mee terug naar de stad. (15 US$) Zij gaan naar hun ho­tel en wij naar ho­tel al-Gasmi, waar voor ons, door de Nederlandse Ambassade, twee ka­mers ge­re­ser­veerd zijn. Ik neem de Maf­radj (de hoog­ste ver­die­ping) en Ni­co een ka­mer op de vier­de ver­die­ping.

De Mafradj kost 1.302 ri­al, cir­ca 9,50 dol­lar (USD) (1 dol­lar = 138 ri­al = f. 1,68.) (1 rial is cir­ca f. 0,012, dus net iets meer dan één cent.)

Het is 06.00 uur als ik na een douche in bed lig.
Na een ge­stoor­de slaap (dril­bo­ren in het ho­tel) sta ik rond 11.00 uur, nog moe, op.

Nico en ik gaan de stad in. Sa­men door de soek (markt) en ik luis­ter naar de ver­ha­len die Ni­co met an­de­ren ver­telt. Mijn Arabisch is nog niet voldoende om aan die gesprekken deel te nemen.
Als we om 17.30 uur terug in het hotel zijn ben ik moe.
Weer: be­wolkt maar droog. Gis­te­ren had het ge­re­gend.

Avondeten tegen 19.00 uur. Soep, pa­tat, sla, maar de be­stel­de hal­ve kip (twee ma­ge­re stuk­ken met veel bot) krijg ik niet door de keel: een af­schu­we­lij­ke smaak.
Bui­ten op het ter­ras en het dak ver­tel­len. Daar valt het licht valt lan­ge tijd uit, tij­dens dit na­ta­fe­len.
In bed tegen 22.45 uur na een warme douche.
Er zijn weinig toe­ris­ten in Sana’a: en­ke­le Ne­der­lan­ders en ver­schil­len­de Ita­li­a­nen.

Een vijfentwintig jaar oude herinnering

Ik herinner me nog nadat wij, Ni­co en ik, ’s avonds twee of drie keer op het dak van het ho­tel ge­ze­ten had­den, ons ver­bo­den werd daar nog een keer te ko­men. Er was com­mo­tie ont­staan bij de om­wo­nen­den van het ho­tel, om­dat wij va­naf het dak in hun pri­vé­sfeer kon­den glu­ren, waar de vrou­wen (mahaarim) verbleven, die door nie­mand an­ders dan de di­rec­te fa­mi­lie ge­zien mo­gen wor­den en wij hen, van­af on­ze po­si­tie, konden zien.


Menu – 18/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: Nico.

Index locaties.

Locaties: Al-Qasmi / Al-Gasmi-wijkSana’a.

Index termen.

Termen: GuldenMafradjMahaarim / MahramQat / GaatQasmi-hotel / Gasmi-hotelRial.


Dit is het einde van dag 2 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 18/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.


Jemen, 17 maart 1996

25 jaar geleden

17 maart 1996 / 17 maart 2021

Werken in Jemen

Sana'a: oude stad

Sana’a, hoofdstad van Jemen.

In de oude stad.
Hier staat, niet ver van het al-Gasmi-hotel, een prachtig en enorm groot huis. In de rozetten op het huis staat soms Allah, een enkele keer Allahu Akbar. Op het dak staat de zogenoemde dish, voor de ontvangst van satelliet-Tv.


Menu – 17/03-96: BeginEinde.


Dit verslag is gebaseerd op mijn dagboek en andere notities uit 1996 en is mijn interpretatie van de werkelijkheid.


Dag 1 van 93 dagen in Jemen

Mijn col­le­ga Ni­co en ik ver­­­­trek­­­­ken van­­­­daag naar Sa­­­na­­­’a, de hoofd­­­­stad van de Re­­­­pu­­­­bliek Je­­­­men. We gaan uit­­­­ein­­­­de­­­­lijk, over an­­­­der­­­­hal­­­­ve week, naar het stadje Tariem in de pro­­­­vin­­­­cie Ha­­­dra­­­maut om daar een bi­­­­blio­­­­theek voor hand­­­­schrif­­­­ten met moderne apparatuur te on­­­­der­­­­steu­­­­nen.


De reis naar Jemen.

Zondag, 17 maart 1996
Opstaan rond 07.00 uur. De wek­ker wek­te me. Nor­­­­maal kan ik voor een trip niet sla­­­­pen, nu sliep ik als een blok, maar ik ging pas te­­­gen drie­­­­ën op bed. Ik had geen zin om in bed te lig­­­­gen.
Snel eten, op­rui­men. Pa en Ma bel­­­­len.
Tegen 8.30 uur komt de projectleider Jan Just en die brengt me naar Schip­­­­hol. Even na on­­­­ze aan­­­­komst komt collega Ni­­­­co met zijn vrien­­­­din I. Jan Just over­­­­han­­­­digt ons het be­­­­drag dat we mee­­­­krij­­­­gen, in con­­­­tant geld: 18.000 USD (dol­­­­lar) (cir­­­­ca 30.000 gul­­­­den).

In het vlieg­tuig, dat uit New York komt, zit­­­­ten Nico en ik niet bij elkaar. Ik zit naast een ou­­­­de­­­­re da­­­­me die op weg is naar Irak om de laat­­­­ste van haar ve­­­­le kin­­­­de­­­­ren het land uit te ha­­­­len. Als je maar ge­­­­noeg geld hebt kun je het land ver­­­­la­­­­ten wan­­­­­neer je maar wilt. Een mil­­­­joen di­­­­nar of zo­­­­iets. Zij woon­­­­de vijf­­­­en­­­­twin­­­­tig jaar in Irak. Haar man was Ara­­­­bier. Hij was nu over­­­­le­­­­den.

Zoals Ni­co voor­­­­spel­­­­de (hij wist het, is be­­­­ter ge­­­­zegd) was de tran­­­­sit­­­­hal in Am­­­­man naar­­­­gees­­­­tig. […] Er was daar ook een Ne­­­­der­­­­land­­­­se, die, naar la­­­­ter bleek, As­­­­trid heet­­­­te en bij de Se­­­­cu­­­­ri­­­­ty op Schip­­­­hol werk­­­­te.
Ik lees een boek over Ar­­­­chi­­­­ve­­­­ren(!) en luis­­­­ter hou­­­se­­­­mu­­­­ziek­­­­cas­­­­set­­­­tes.

Het eten aan boord (twee keer kip) was niet slecht.
Circa 03.00 Je­men­tijd (01.00 Ne­­­­der­­­­land­­­­se tijd) wa­­­­ren we op de lucht­­­­ha­­­­ven van Sa­­­na’a.


Menu – 17/03-96: BeginEinde.


Index personen.

Personen: Collega NicoProjectleider Jan Just Witkam.

Index locaties.

Locaties: Luchthaven AmmanSana’a.


Dit is het einde van dag 1 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996.
Naar alle gepubliceerde dagen.

Menu – 17/03-96: BeginEinde.


Mobiele telefoon / Smartphone
the-face.com

Voor be­zoe­kers die via the-face.com op deze web­si­te ko­men: als de in­ter­ne links (me­nu, be­gin, ein­de) niet wer­ken (mo­bie­le te­le­foon / smart­phone) klikt u voor het ori­gi­ne­le adres van dit be­richt op: ira­da.com.