Jemen, 5 mei 1996

Fabriek van Mudbrick
Een fabriek voor zonsteen (mudbrick). Er staat een scho­tel­an­ten­ne op het dak. Ik hoorde van Hus­­­sain al-`Amery van de hotelreceptie dat men 50 zenders kan ontvangen, waaronder ook en­kele Eu­ro­pese.(1) Op de voorgrond lig­gen de tra­di­tio­ne­le stenen, waarmee de hui­zen (waarop die moderne an­ten­nes staan) ge­bouwd worden. Het pand is te betreden via een kleurrijke sta­len toegangspoort.

Athaaf al-Nadiem AR en NL

Twintig jaar geleden: dagboekfragment 5 mei 1996 (zondag).

Tarim (Tarim, mudbrick).
Op 6.00 uur.
Brieven schrijven en de Engelstalige brief, naar vrien­den, wijzigen.
Dagboek bijwerken.
Nu circa 8.00 uur.
Rond 9.00 in de bibliotheek. Ik pro­beer de prin­ter te ‘Arabiseren’, maar dat lukt niet. De be­re­ke­ning van één pagina en het vervolgens prin­ten, neemt meer dan een half uur in be­slag.
Ik probeerde in het dorp al twee keer een fax te versturen, maar dat lukte ook niet.
Ik wisselde 200 US dollar tegen een koers van 128 rial.
Rond 13.30 uur in het hotel.
Zwemmen. Er zijn, afgezien van Ka­the­ri­ne, nog twee andere vrouwen, die ik in Nederland niet zou be­kij­ken, maar hier wel.
FoxPro pro­gram­me­ren. Het pro­gram­ma doet nu wat ik wil.

Ik kook hier macaroni, met omelet, gevuld met ui en erwtjes: lekker.
Beneden vertellen met Joe en Ka­the­ri­ne en met het Engelse echtpaar waar­van de man de Britse Am­bas­sa­deur voor Egypte(2) blijkt te zijn. Ik weet geen na­men.
Zwemmen.
Katherine wordt belaagd door een Arabier. (Joe is al naar bed.) Zij zoekt be­­scher­­ming bij een col­lega van deze man, veel knapper en beschaafder uit­ziend dan de vette, lelijke, korte (potentiële) verkrachter.
Muhammad al-S. en ik zwommen er ook, maar de licht agressieve sfeer in het bad beviel me niet. Toen Ka­the­ri­ne zich veilig voelde, ging ik weg.
Aan FoxPro werken.
Bed tegen 00.00 uur.

Dit is het einde van de tekst in mijn dagboek.

Na het vertrek van Nico op 24 april jl. maakte ik dagelijks een verslag van de za­kelijke kant van het project. In dat verslag staat op sommige da­gen in­te­res­san­te informatie, die niet in mijn dagboek voorkomt. Hier volgt een deel uit die tekst.

Fragment uit het verslag van 5 mei. (Linkerhand: zie ook 27 april jl. noot (3).)
Het werk schiet niet echt op. Abd al-Rahmaan is niet komen opdagen en ik kan moeilijk al die mannen op­dra­gen om de toekomstige warsha (work­shop) stof­vrij te maken. Dat zou zelfs de poetser niet doen. Ik voel er niets voor om me­zelf in het zweet te werken, waar je voor een paar dubbeltjes iemand kunt krijgen die dat voor je doet.
Ik ben enigszins ontevreden over de voortgang van het project, maar het is ge­deel­te­lijk psycho­logisch. Het ma­te­ri­aal arriveerde op 23 april en nu is het 5 mei en er moet nog veel gebeuren. De bibliotheek is acht da­gen gesloten ge­weest we­gens va­kan­tie. Er zijn nog maar vier werk­dagen ver­stre­ken sinds de komst van de container. Nu zijn de computers aan­ge­slo­ten en een groot deel van het meu­bi­lair staat.
Ik gaf Aydaroes iets met mijn lin­ker­hand, maar merkte mijn fout direct en bood mijn excuses aan. Het was hem echter nog niet opgevallen, geloof ik.
Hussain al-K. wees me er toen op (wat ik wel gezien had, maar niet erg bewust) dat Abd al-Rahmaan met zijn linkerhand schrijft, wat vol­gens Hussain niet erg goed is.
Abd al-Rahmaan vertelt mij op 6 mei dat zowel zijn vader als zijn groot­vader met de link­er­hand schreven en dat daar niets mis mee is. Zijn grootvader schreef de geschiedenis van de Ha­dramaut, die nu nog steeds, als serie in een tijd­schrift, verschijnt.
Sommige mensen, zoals Sjeik AB en Hussain al-K. brengen nu familie (kin­de­ren) mee om het materiaal te komen bekijken. De Sjeik zijn kin­deren en Hus­sain zijn kleinzoon Ahmad.

Dit is het einde van het verslag van 5 mei.

(1) In Tarim had ik geen beschikking over een Tv. Ik kon de bewering van Hus­sain dus niet controleren. In Nederland had ik trouwens ook geen te­le­vi­sie­toes­tel en hoewel internet al be­stond, werden daar geen televisie­pro­gram­ma’s op uitgezonden.
Ik geloof niet dat een Nederlandse te­le­vi­sie­­be­­zit­­ter in 1996 de be­schik­king had over vijftig sa­tel­liet­ka­na­len, maar ik weet het niet.

(2) Volgens Wikipedia gaat het bij Britse am­bas­sa­deur in Egypte in 1996 om Sir David Elliott Spiby Blatherwick KCMG OBE (13 July 1941), ge­huwd met Margaret Clare Crompton. Dit echt­paar was in Je­men om vogels te be­stu­de­ren. Daarvoor had­den ze een Je­me­ni­tische or­­ni­­tho­­loog in­ge­huurd. Als de ambassadeur een vogel zag en aan de deskundige vroeg welke vogel dat was, dan zei die: “Oes­foer.” (Dat betekent: ‘Vogel.’) Bij elke andere vogel zei de man stee­vast: “Oes­foer.” Ik weet natuurlijk niet of dit ver­haal waar is, maar dat is wat de am­bas­sa­deur die avond vertelde.

Dit is het einde van dag 50 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996. Naar dag 1. (Naar alle gepubliceerde dagen.)

Top

Door op de twee eerste letters van een link te klikken, opent een nieuw tab­blad waarin de geo­gra­fische locatie van de plaats in Google Maps wordt getoond.
Wanneer u op de derde en volgende letters klikt komt u in een nieuw tab­blad bij Wi­ki­pe­dia­pa­gi­na terecht met informatie over deze locatie.
Bij begrippen wordt alleen Wi­ki­pe­dia geopend.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.