5 januari 1998

Shibaam

Dit is een fo­to van de stad Ši­bām, het ‘Man­hat­tan van de Woes­tijn‘ (Zo ge­noemd, van­we­ge de ve­le ho­ge hui­zen, al­le­maal van leem ge­bouwd: Mud brick) die ik op 7 juni 1996 maakte. De lucht ziet er on­heil­spel­lend uit. Die dag woed­de er een zand­storm, maar ver­der ge­beur­de er niets bij­zon­ders. Een dik­ke week la­ter ech­ter, was er in dit ge­bied een he­vig on­weer met heel veel re­gen, met als ge­volg een over­stro­ming in de da­len, waar­bij ver­schil­len­de men­sen ver­dron­ken. Ik was toen al weer in Ne­der­land.
Hoe zo’n ramp er­uit­ziet bij ziet u op de­ze iet­wat schok­ke­ri­ge, maar voor­al schok­ken­de, vi­deo op You­Tube waar­bij een over­stro­ming ge­filmd is in de Wādī Doeᶜan in 2016.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9473) Ik zit in het vlieg­tuig op weg van Ṣanaᶜā’, de hoofd­stad van Je­men naar Ne­der­land. Mijn woon­plaats is Leiden. Ik ver­bleef acht­en­veer­tig da­gen in Je­men, voor­na­me­lijk in de plaats Ta­rīm in de Ḥa­ḍra­maut (Zuid-Je­men). Daar werk­te ik in de Mak­ta­bat al-Aḥgāf li-l-maḵ­ṭū­ṭāt: al-Aḥgāf-bi­blio­theek voor hand­schrif­ten (ma­nus­crip­ten).

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

Maandag, 5 januari 1998.
Leiden: 48/0.
[Ik zit in het vlieg­tuig, on­der­weg naar Ne­der­land.] Ik kan nau­we­lijks sla­pen. Vrij­wel de he­le weg heb­ben we last van tur­bu­len­tie. Op cir­ca 1.800 ki­lo­me­ter neem ik fo­to’s van een fel ver­lich­te gro­te stad. (An­ka­ra?)*(1)
Ook steden in Egyp­te en voor en rond die gro­te stad wa­ren fel ver­licht. (In ver­band met Ra­ma­dan? *(2))
Wenen was maar schaars ver­licht.
Circa twintig minuten ver­tra­ging in Djed­dah bij het lan­den, we­gens he­vi­ge regen.
Thuis [Leiden] met de taxi, cir­ca 8.00 uur.
Bed: 10.00 tot 12.45 uur.
Internet: nieuws.
Pa en Ma hier van 15.00 tot 17.00 uur. Zij wa­ren in Am­ster­dam om voor [broer] J. via Tho­mas Cook geld over te ma­ken naar Cai­ro. Hij bel­de don­der­dag jl. Hij zit in … Ṣa­naᶜā’! Gaat de 7e naar Cairo.
Ik bel met met en­ke­le vrien­din­nen en vrien­den.
Bed circa 02.00 uur.
Weer: de hele dag re­gen.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*(1)
Neen, die plaats kan niet Ankara zijn, maar is vermoedelijk Cairo of Jeruzalem, op circa 2.000 km van Ṣanaᶜā’.

Te­rug.

*(2)
Ra­ma­ḍān. Het is van­daag 7 Ra­ma­ḍān. Dat be­te­kent dat het vas­ten­tijd is. Het be­gin en het ein­de van de vas­ten­dag wordt in Ṣanaᶜā’ aan­ge­kon­digd met een ka­non­schot.
Interne link: Ra­ma­ḍān, waar ik een en an­der ver­tel en uit­leg over de­ze spe­cia­le maand van de is­la­mi­ti­sche ka­len­der.

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Meer infor­matie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wi­ki­pe­dia. – Web.: website. – F.: foto’s in Google Maps.
Wādī Doeᶜan:
GM., Wi., F.
:ﻭﺍﺩﻱ ﺩﻭﻋﻦ

MenuFo­toBe­ginEindeTrans­criptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­crip­tie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

19 november 1997

Typische huizen in de oude stad van Sana’a.

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9426) Ik ver­trek van­daag naar Ṣanaᶜā’, de hoofd­stad van Je­men, om later in de Ḥaḍramaut (Zuid-Je­men) in de plaats Tarīm te gaan wer­ken. Ik zal 48 da­gen van huis zijn. Dit is de twee­de keer dat ik in Je­men ben voor werk. In het voor­jaar van 1996 ver­bleef ik al drie maan­den in Ta­rīm. – Mijn ver­slag, op mijn lap­top ge­schre­ven, be­vat meer (ach­ter­grond)­in­for­ma­tie dan mijn dag­boek­ver­slag. – De munt­een­heid in Je­men is de Rial (YER). (1 rial = f. 0,015 (an­der­hal­ve cent), dus 100 rial = f. 1,50.)

MenuFo­toIndex en het eindeTrans­criptie.

 
 

Woensdag, 19 november 1997.
Leiden – Sana’a: 1/47.
Op 5.00 uur.
Afspraak is dat de taxi 7.50 uur zal ko­men. [Ver­ver­straat.]
Ik bel rond 8.00 uur. De taxi zou er zijn, maar mijn huis­num­mer niet kun­nen vin­den. Dat komt, zegt de chauf­feur la­ter te­recht, om­dat de straat aan het an­de­re eind West-Ha­ven­straat heet.
We halen XX. op. (Ik laat er een zak vuil­nis ach­ter, ver­pakt in een C&A-zak, om de taxi­chauf­feur niet te ‘schof­feren’.)

Trein

XX. gaat mee naar het Sta­tion. Als de trein van 8.31 uur (met vijf mi­nu­ten ver­tra­ging) komt, blijkt de in­gang naar het Eer­ste­klas com­par­ti­ment toch wel erg smal. (Smal­ler dan de Twee­de­klas?) Ik kocht Eer­ste­klas kaart­jes voor ons bei­den, maar het is druk en het por­taal [bal­kon] staat ook vol met Twee­de­klas­sers. Na enig ge­doe, lukt het ons om in de bij­na vol­le Eer­ste­klas toch een krap plaats­je te vin­den.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Schiphol

Inchecken in Schip­hol kan di­rect. Ik zet 40,8 kg. op de weeg­schaal en be­weer glas­hard dat de hand­ba­ga­ge lich­ter is dan 10 kg. (Was on­ge­veer 15 kg.) Ik moet 792 gul­den over­ge­wicht be­ta­len voor 15 kg. Ik doe dat met 420 US-dol­lar en 30 Ne­der­land­se cen­ten.
In afwachting van het ver­trek in het dak­res­tau­rant pro­beert XX. in een bij­na niet af­la­ten­de woor­den­stroom haar kwa­li­tei­ten aan te prij­zen en de kwa­li­tei­ten van al­le an­de­re be­ken­de vrou­wen te mi­ni­ma­li­se­ren. Het liefst zou ik zwij­gend en stil voor mij uit wil­len heb­ben sta­ren, dro­men en ge­nie­ten van dat sexy kont­je van dat blond­je voor me in haar strak­ke zwar­te broek. Slechts een expres uit­ge­breid toi­let­be­zoek brengt de ver­lang­de rust. Me­teen als het tijd is ga ik in­stap­pen en ga bij­na aan boord van het vlieg­tuig naar Mon­treal, Ga­te F. 8, ter­wijl ik bij Ga­te F. 7 moet zijn. Ik was al door de me­taal­de­tec­tor.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Vlucht

Mijn stoel is 34 A, bij een raam, niet ro­ken, niet bo­ven een vleu­gel en aan de lin­ker­kant. (Van­we­ge de zon.)
Naast mij komt nie­mand. Het vlieg­tuig is bij lan­ge na niet vol.
Er zijn half­naak­te mos­lims op weg naar Mek­ka, in staat van Ih­raam*(1), met hun wit­te doe­ken om. (Hoe heet dat ook al weer?)
Verder zijn er veel ‘olie­boe­ren’ van Yemen Hunt*(2) en met een van hen be­gin ik een ge­sprek, tij­dens de tus­sen­stop in Djed­dah [Saoe­di-Ara­bië].
Hij en een ander wer­ken off­shore in de Ro­de Zee op een ter­mi­nal waar tan­kers de in de woes­tijn ge­von­den olie la­den. De rest van die man­nen werkt daar, in de woes­tijn.
Hij werkt al drieën­half jaar in Je­men. 28 da­gen op zijn me­ta­len ei­land en 28 da­gen bij zijn vrouw in En­ge­land. (Het be­taalt niet veel, maar hij heeft dus per jaar een half jaar vrij.) Het moet uit de leng­te of de breed­te ko­men.) Van Je­men zag hij niet meer dan Baab al-Yemen en (van­uit de he­li­kop­ter die hem van­uit Sana’a naar zijn ei­land brengt) en het berg­land­schap met de ter­ras­cul­tuur.
Boven de Nijl maakte ik dia’s van het Nijl­dal. Een van de Ro­de Zee.
Ik verbaas me over de zee van licht in het enorm gro­te uit­ge­strek­te Jed­da. Ik maak en­kele dia’s.
Ik verbaas me over de zee van duis­ter­nis van Sana’a, an­der­half uur na het ver­trek uit Jed­dah.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Sana’a

In no time sta ik bui­ten de lucht­ha­ven en neem voor twin­tig dol­lar een taxi naar het Taj Sheba ho­tel waar ik voor 160 US-dol­lar plus 12% be­las­ting (20 US-dol­lar) voor één nacht een kamer huur.
Na enige rust over­valt mij de slaap en ik ga rond 00.00 uur naar bed.
Weer in Sana’a: droog na een regen­bui.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.


Computerverslag

De eerste drie we­ken van dit ver­blijf in Je­men hield ik op mijn lap­top­com­pu­ter ook een ver­slag bij, waar­in soms din­gen staan die niet in mijn dag­boek voor­komen.
Hier volgt een uit­trek­sel daar­van.

We vliegen een stuk over / langs de Nijl. Ik maak en­kele dia’s. Ook een van de Rode Zee en ver­schil­len­de van het in een zee van licht ba­den­de Jed­da. Een enorm gro­te stad. Van­uit de lucht zie ik ver­schil­len­de luna parks. Dat ver­baast me. De Sy­rische chi­rurg uit al-Ri­yaad had me ver­le­den jaar in het vlieg­tuig uit Am­man toch ver­teld dat er in Saoe­di-Ara­bië geen an­der ple­zier is dan win­ke­len. Nu blijkt er nog meer ple­zier te zijn. Ker­mis­sen. Wat een los­ban­dig­heid. Welk ge­not zal er in dat land nog meer te ge­nie­ten zijn?
Een van de pas­sa­giers van het KLM-vlieg­tuig is een me­ca­ni­cien op een olie­ter­mi­nal in de Ro­de Zee. Hij ver­tel­de me dat hij in de buurt van Dah­ran had ge­werkt, in Saoe­di-Ara­bië, vanaf no­vem­ber 1990. Vast per­so­neel vlucht­te toen weg uit angst voor Irak (in­va­sie in Koe­weit). Hij, van de En­gel­se oost­kust, had geen er­va­ring in de olie-in­dus­trie en sprak ook al­leen maar En­gels, maar werd tocht aan­ge­no­men. Het werk be­taal­de goed, maar het stren­ge re­li­gieu­ze kli­maat had hem ver­dre­ven. Nu werkt hij voor Yemen Hunt Oil Com­pany. Veel min­der verdien­sten, dat wel, maar 28 da­gen op en 28 da­gen af. Dat wil zeg­gen dat hij per jaar een half jaar vrij had. (Dat ver­schil zat in zijn be­dui­dend la­ge­re loon).
Hoewel hij al meer dan drie­ën­half jaar in Je­men werk­te had hij van het land niet meer ge­zien dan Bab al-Yemen in Sana’a en dat deel van het land dat on­der de he­li­kop­ter door­gleed, tus­sen Sana’a en zijn gro­te, tien­tal­len me­ters hoge en een kwart mijl lan­ge me­ta­len ei­land in de Ro­de Zee, als hij er­heen ge­bracht werd of er van­af ge­haald werd. Hij ver­tel­de dat het land­schap erg mooi is. Ho­ge ber­gen, waar men­sen op de rand van de rot­sen in ste­nen hui­zen le­ven en waar het land be­werkt was met ter­ras­bouw.
Het vliegtuig was al niet vol. In Djed­da stap­ten ook nog veel men­sen uit. Ook mos­lims in staat van Ihram, met de doe­ken om hun naak­te li­chaam. Er kwa­men geen nieuwe pas­sa­giers bij. De vlucht naar Djedda duur­de 5 uur en een kwar­tier. De vlucht van Djed­da naar Sana’a 1 uur en 25 mi­nuten.
Uitstappen en bagage op­ha­len, doua­ne en taxi. Al­les ging veel snel­ler dan in maart 1996, toen ik hier voor het eerst kwam. Het is al­le­maal in een kwar­tier ge­beurd. Voor 20 US $ word ik in de stad af­ge­le­verd bij het Taj She­ba ho­tel.
Het Taj Sheba heeft nog ka­mers vrij. 160US$ per stuk en daar­bij komt nog 12% be­las­ting. Ik be­sluit maar één nacht te blij­ven.
Op de kamer eten (brood uit Ne­der­land) en een ar­ti­kel le­zen van Sheikh AB. in The Ye­men Ti­mes. Het ar­ti­kel gaat over de ad­mi­ni­stra­tie­ve op­de­ling van de Ha­dra­maut, waar­van de Sheikh een te­gen­stan­der is. Hij is hoofd van de Is­lah-partij*(3) van de Ha­dra­maut. [Sheikh AB. was de vo­ri­ge di­rec­teur van de hand­schrif­ten­bi­blio­theek in Ta­riem, mijn reis­doel.]
Ik herkende zijn gezicht op de foto di­rect. Hij ziet er waar­dig uit. Een echt ge­leerd ie­mand. Een echte Sheikh.

MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Noten

*(1)
Ihraam / Iḥrām. (ﺇﺣﺮﺍﻡ)
Wan­neer mos­lims / mos­li­ma’s op pel­grim­stocht naar Mek­ka gaan, moe­ten ze op een be­paal­de ma­nier ge­kleed zijn en ook op een be­paal­de ma­nier ri­tueel rein zijn. Dit heet Iḥrām.
(Wikipedia: Ihram.)

Te­rug.

*(2)
Yemen Hunt Oil Company. De maat­schap­pij die olie uit de Je­me­ni­tische bo­dem haalt.
Wikipedia: Yemen Hunt Com­pany.
De olievelden in Jemen. (Af­beel­ding van petrolitico.blogspot.nl)

Te­rug.

*(3)
Islah-partij. (De islaah: al-Iṣlāḥ (ﺍﻟﺈﺻﻠﺎﺡ) be­te­kent ‘de her­vor­ming’, in de zin van ‘ver­be­te­ring’.) De Is­lah-par­tij is een par­tij met een con­ser­va­tie­ve / fun­da­men­ta­lis­tische agen­da, ge­lieerd aan / on­der­steund door Saoe­di-Ara­bië.
(Wikipedia: al-Islah (Yemen).

Te­rug.


MenuFo­toBe­ginIndex en het eindeTrans­criptie.

Meer informatie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wi­ki­pe­dia. – Web.: website. – F.: foto’s in Google Maps.
Dahran (al-Ẓahrān):
GM., Wi.
:ﺍﻟﻈﻬﺮﺍﻥ

MenuFo­toBe­ginEindeTranscriptie.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.

Trans­criptie van de klin­kers in Ara­bische woor­den.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuFo­toBe­ginHoofd­in­dex.


Jemen 1997
Jemen 1997 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1997: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1997: al­le foto’s.


Jemen 1996
Jemen 1996 (be­knopt over­zicht).
Je­men 1996: de da­gen in chro­no­lo­gische volg­or­de.
Je­men 1996: al­le foto’s.


De au­teur de­zes kan niet ga­ran­de­ren dat al­le links naar ex­ter­ne web­si­tes (dus die van der­de par­tij­en) al­tijd zul­len blij­ven be­staan. Fo­to’s in Goog­le Maps, bij­voor­beeld, kun­nen ver­dwij­nen wan­neer de ei­ge­naar ze weg­haalt. Ook aan an­de­re links kan een ein­de ko­men, of kun­nen in on­ge­bruik ra­ken.
Wan­neer u een niet wer­ken­de link con­sta­teert kunt u dat mel­den in het re­ac­tie­veld. Bij voor­baat dank.

18 november 1997

Het Tarīm-project 1997

1997 – 2017: twin­tig jaar ge­le­den

Tarīm: Hadramaut, Jemen

Dagboek 1997

(Dag 9425) Ik woon in Lei­den. – Mor­gen ver­trek ik naar Je­men, om daar ze­ven we­ken in de Ḥa­ḍra­maut (Zuid-Je­men) in de plaats Ta­rīm te gaan wer­ken in een bi­blio­theek. Ver­le­den jaar werk­te ik daar drie maan­den. – Ik ga op vrij­dag­avond al­tijd dan­sen in het Leids Vrije­tijds­cen­trum (LVC). Daar zag ik een paar keer een mooie jon­ge vrouw, wier naam ik niet weet en daar­om ‘Enne­fea’ heb ge­noemd. – Ik ga uit eten met XX. Zij is he­vig ver­liefd op mij, ik niet op haar.

MenuIndex en het einde.

Dinsdag, 18 november 1997.
Ik regel de laatste za­ken, al­le ver­ge­ten in­ko­pen en ga ’s avonds met XX. eten. Het is ge­zel­lig (bij Mal­le Jan aan de Nieuw­steeg): f. 113,00. (f. 12,00 fooi.)
Zij vloeit over van lief­de. Ik voel niets.
Ik vertel een beet­je, in be­dek­te ter­men, over En­ne­fea, maar noem die naam niet. Zij gaat na­tuur­lijk door de grond van ja­loe­zie.
Het leven is hard. Zij is zo lief, ik voel geen lief­de voor haar.
Nu circa 00.30 uur. Over 24 uur zit ik in Ṣanaᶜā’. [De hoofd­stad van Je­men.]
Er is geen hotel ge­re­ser­veerd. De [Ne­der­land­se] Am­bas­sa­de liet het af­we­ten. Ver­le­den jaar was er wel me­de­wer­king.

MenuBe­ginEindeTrans­criptie.


Meer informatie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wi­ki­pe­dia. – Web.: website. – F.: foto’s in Google Maps.
Jemen (al-Yaman):
GM., Wi., F.
:ﺍﻟﻴﻤﻦ
Ṣanaᶜā’:
GM., Wi., F.
:ﺻﻨﻌﺎﺀ

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dexJemen 1997/98-over­zicht.

Transcriptie van de klinkers in Arabische woorden.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het over­zicht van de trans­crip­tie in Ara­bische woor­den.

Me­nuBe­ginHoofd­in­dexJemen 1997/98-over­zicht.

18 augustus 1992

1992 – 2017: vijf­en­twin­tig jaar ge­le­den

Orient Express

Mijn eer­ste reis naar het Mid­den-Oos­ten

Dagboek 1992

(Dag 7507) Ik over­nacht in het Ana­do­lu-ho­tel in Istan­bul op een over­dekt ge­deel­te van het dak­ter­ras. – Van­daag vlieg ik van Istan­bul naar Am­ster­dam Schip­hol. Mijn dag­boek ver­meldt het he­le­maal niet, maar dit is mijn eer­ste vlucht ooit (met uit­zon­de­ring van een kor­te vlucht in een zweef­vlieg­tuig, eind ja­ren zes­tig) in een vlieg­tuig. – De munt­een­heid in Tur­kije is de Turk­se Lira: (TL.). De koers is TL. 1.000 = f. 0,25, een kwart­je dus. – Ik sluit het dag­boek­ver­slag van deze va­kan­tie naar Tur­kije en Sy­rië af met een be­schou­wing van mijn ver­blijf in bei­de lan­den, dan volgt het Am­nes­ty In­ter­na­tio­nal Re­port 1990 over Sy­rië en Tur­kije en daar­na een ver­slag uit het tijd­schrift Sum van sep­tem­ber 1992 over de dic­ta­tuur in Syrië.

MenuIndex en het einde.


 
 

Dinsdag, 18 augustus 1992.
Istanbul – Amsterdam – Leiden.
Slecht slapen.
Op rond 02.45 uur. Douche. (Ik moet wach­ten, want er zit iemand in.)
Om 03.45 uur op de stoep bij het reis­bu­reau. Het bus­je zou om 04.00 uur ko­men. Het bus­je dat komt houd ik aan. (Ik ben zon­dag 16 au­gus­tus jl. wijs ge­wor­den.) De chauf­feur weet ner­gens van.
Om circa 04.15 komt een bus­je. Een knap­pe Ne­der­land­se meid met een jon­gen en ook an­de­ren zit­ten er in. Ik zwijg in al­le ta­len na mijn “Morgen“.

MenuBe­ginIndex en het einde.

Luchthaven

Rond 04.45 uur: lucht­haven.
Bij het omwis­se­len van TL. 100.000 in Istan­bul kreeg ik US$ 12. Toen ik de re­ke­ning vroeg, moest ik mijn pas­poort la­ten zien en kreeg ik er nog een dol­lar bij!
Ik word aangesproken door een Turks jon­getje dat uit Woen­sel bij Eind­ho­ven komt. We ver­tel­len wat.
Ook hier, op de luchthaven, hebben Tur­ken moei­te om in de rij te staan, wat on­der­ling no­gal wat ir­ri­ta­tie op­wekt.
Mijn bagage is 42 kilo, hand­ba­ga­ge waar ook nog een paar ki­lo in zit, niet mee­ge­re­kend. Nie­mand maakt zich er druk om. Som­mi­ge Tur­ken heb­ben meer dan 200 kilo bij zich en nie­mand zegt er wat van.

MenuBe­ginIndex en het einde.

Vliegtuig

Ik begin nu ook voor te drin­gen en krijg daar­door een mooie plaats bij het raam van de niet-ro­kers af­de­ling in deze Aero­flot Tu­po­lev 154, die twin­tig mi­nu­ten te laat ver­trekt, maar pre­cies op tijd in Am­ster­dam aan­komt.
De vlucht is even spec­ta­cu­lair. Ik kijk veel in de­ze fris­se en veel la­waai ma­ken­de ma­chi­ne. Een klein ont­bijt stilt mijn hon­ger.
Landschap en wolken, ik zie van al­le soor­ten. Ik heb dat dus ge­zien. Hoe­wel ik op een mo­ment­je na, niet bang ge­weest ben, ga ik toch lie­ver met de trein. Bij het lan­den leek het toes­tel een mo­ment stil te staan. Ik dacht: ‘Nu flik­kert hij naar be­ne­den.’
Ik denk dat de rou­te van de vlucht de­zelf­de is als de trein­rou­te. We vlo­gen over Bel­gra­do en niet over de Al­pen, die ik in de ver­te wel meen­de te zien. We vlo­gen op tien ki­lo­me­ter hoog­te. Het was op het la­waai bin­nen na, een rus­ti­ge vlucht. Va­naf Zuid-Duits­land al­les be­wolkt.
Amsterdam 11.00 Turk­se tijd, dat is 10.00 uur Ne­der­land­se tijd.
De vlucht duurde 3 uur en 15 minuten!
Op Schiphol roept een stem mij. Het is TS. uit Maas­tricht en we ver­tel­len event­jes. Ik ken bij­na geen Lim­burgs meer, na meer dan twee jaar het niet ge­spro­ken te heb­ben. Hij zit nog steeds bij de Rijks­po­li­tie en nu bij de be­wa­king van Schip­hol. (Eén keer per jaar, een paar we­ken.)

MenuBe­ginIndex en het einde.

Thuis

Trein: f. 7,50.
Treintaxi: f. 5,00.
In Leiden geef ik de chauf­feur fooi (f. 2,50).*(1) Ik zag dat ook een an­de­re pas­sa­gier doen. (Zelf zou ik er niet aan ge­dacht heb­ben.) Hij reed ach­ter­uit de ge­blok­keer­de straat in om me voor de deur af te zet­ten.
Thuis: 12.00 uur.
Ik bel BW. (op zijn werk) en Pa en Ma.
Op de fiets naar het Post­kan­toor. On­der­weg met GZ. ver­tel­len, die met AH. vier­en­hal­ve week in Ma­rok­ko was.
In de winkel ver­tel­len met de mooie en aar­di­ge LM.
Verleden week viel de elek­tri­ci­teit uit, ver­tel­de BW. aan de te­le­foon. Sinds­dien is er geen warm wa­ter meer, zegt hij. Bu­ren pro­beer­den ver­geefs te hel­pen.
Ik onderzoek de boiler. De pomp blijkt vast te zit­ten. La­gers wel­licht ver­sle­ten. Ik krijg hem wel weer aan het lo­pen.
Van 15.30 tot 19.30 uur slapen.
Douche.
Eten.
Tv.
Nederland: circa 18 of 20°C.
Bed circa 22.00 uur?

MenuBe­ginIndex en het einde.

Kos­ten van de­ze va­kan­tie

Berekening: ik heb f. 2.900,00 to­taal uit­ge­ge­ven voor de reis en de voor­be­rei­din­gen.
Ik heb niet mee­ge­re­kend de nieuwe jeans, ver­an­de­ring van de bril, ver­band­doos, scheer­ge­rei, toi­let­zak­je en der­ge­lij­ke, om­dat die din­gen ook la­ter van pas ko­men en ik ze niet als on­kos­ten bij vol­gen­de rei­zen zal aan­mer­ken.
32 overnachtingen in hotels kost­ten f. 391,40.
Vijf nachten gereisd: nacht van 12 op 13 juli, nacht van 16 op 17 juli, nacht van 21 op 22 juli, nacht van 22 op 23 juli, nacht van 14 op 15 au­gus­tus.
Deze vakantie duurde to­taal 37 nach­ten.
Ik gaf f. 683,00 uit voor ple­zier, ver­maak en eten en drin­ken.

MenuBe­ginIndex en het einde.


Evaluatie van mijn reis door Sy­rië en Tur­kije

Drie beschouwingen
Amnesty International Report 1990: Sy­riëTur­kijeSum: Sy­rië.


Evaluatie
Mijn reis door Tur­kije en Sy­rië in 1992

Omdat de maat­schap­pij in Tur­kije en Sy­rië an­ders is ge­or­dend dan de on­ze is het vol­gens mij in­te­res­san­ter om bei­de Azia­tische lan­den te eva­lu­e­ren dan te be­rich­ten over de Hon­ga­ren in Bu­da­pest, waar ik ook en­ke­le da­gen ver­bleef. Hun sa­men­le­ving wijkt niet zo­veel af van de on­ze.
In Turkije moet je voor je­zelf op­ko­men, veel meer dan dat wij ge­wend zijn. Er is veel cor­rup­tie en de po­li­tie daar is een be­duch­te / be­ruch­te te­gen­stan­der van de bur­ger. Po­li­ti­ci be­lo­ven van al­les, maar er ge­beurd niets. Kran­ten ne­men de po­li­tiek (daar­om?) niet se­rieus of be­rich­ten er­over met een sek­sue­le on­der­toon. Er is ver­plicht on­der­wijs, maar dat schijnt ma­tig te zijn en de ver­plich­ting duurt niet lan­ger dan vijf jaar.
Syrië is een re­gel­rech­te, se­cu­liere, so­cia­lis­tische dic­ta­tuur, met daar­bij de be­ken­de per­soons­ver­heer­lij­king van de al­leen­heer­ser Ha­fez al-As­sad. In Sy­rië over­heerst de angst. Sy­riërs moe­ten al­tijd op hun woor­den let­ten en tel­kens er­voor zor­gen ze niets ver­keerds zeg­gen. Zij kun­nen nie­mand ver­trou­wen, zelfs hun ei­gen fa­mi­lie niet. Men kan daar de aan­dacht geen mo­ment la­ten ver­slap­pen, want ook als je per on­ge­luk iets ver­keerds zegt, moet je voor je le­ven vre­zen. Er zijn in Sy­rië ze­ven ge­hei­me diens­ten die el­kaar in de ga­ten hou­den, maar ook ieder­een die zich op het Sy­risch grond­ge­bied be­vindt, dus ook toe­ris­ten, bui­ten­land­se werk­ne­mers en an­de­ren die in Sy­rië ver­blij­ven, vluch­te­lin­gen bij­voor­beeld. On­der­wijs is er al­leen voor de ge­goe­de bur­ge­rij, zij die aan het po­li­tie­ke re­gi­me zijn ge­li­eerd. Al­le an­de­ren moe­ten wer­ken. Zo­dra jon­ge­tjes kun­nen luis­te­ren moe­ten ze aan de slag.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.

Onderwerpen in de evaluatie
Waarover wilt u lezen?

 
 

 
Amnesty Inter­na­tional Report 1990
SyriëTurkije
Sum 1992: Land in een ver­stik­ken­de houd­greep: Syrië
 

Kinderarbeid

Syrië
Het is schrik­ba­rend te zien hoe­veel jon­ge­tjes wer­ken. Ik denk dat ze, zo­dra ze kun­nen lo­pen en luis­te­ren (pra­ten is niet no­dig), moe­ten wer­ken. In Alep­po viel het me op dat in die straat waar ho­tel Tou­rist ligt, en waar dus au­to­ban­den ver­wis­seld wor­den, de jon­ge­tjes van vijf, zes of ze­ven jaar maat­over­alls dra­gen met de naam van de ga­ra­ge erop.
Wat zouden ze ver­die­nen? (Ver­die­nen ze wel?)
Waar werken de meisjes? In huis? Als wat?
Slechts jongetjes van de goe­de klas­se, klei­ne dik­ker­tjes, wer­ken niet. Wat doen die? Spe­len?
 
Turkije
Kinderen in Turkije moe­ten vijf jaar naar school. Na hun twaalf­de is ver­volg­on­der­wijs mo­ge­lijk, maar de kos­ten daar­van zijn voor veel ou­ders niet op te bren­gen. Ik zag in An­tak­ya een jon­ge­tje van twaalf jaar die zes da­gen in de week (vol­gens ei­gen zeg­gen) in een ga­ra­ge werkt en op de ze­ven­de dag (zon­dag) voor TL. 1.000 (f. 0,25) schoe­nen poetst.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Werkloosheid

Syrië
Volgens mij is er een enor­me werk­loos­heid, maar die is ver­bor­gen. In ieder klein win­kel­tje staan wel twee of drie men­sen die met z’n al­len even­veel werk heb­ben als één per­soon, maar om be­zig te blij­ven vaak zin­lo­ze ta­ken uit­voe­ren. Zo moet je in een res­tau­rant eerst een bon­net­je ko­pen waar­bij je te­gen de kas­sier ver­telt wat je wilt drin­ken of eten. Dan be­taal je en je krijgt het bon­net­je en dan zeg jij (of de kas­sier) te­gen de man ach­ter de toon­bank wat je wilt heb­ben en je geeft hem dan het bon­net­je.
 
Turkije
Ook in Turkije wer­ken er veel men­sen in res­tau­rants, maar de (ver­bor­gen) werk­loos­heid is toch min­der, denk ik, dan in Sy­rië.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Inflatie

Syrië
De inflatie is groot. Een Sy­risch pond (Lira Soe­riyya) is U$ 0,0238 of­te­wel 1 dollar is £. 42. Eén gulden is £. 24,75.
 
Turkije
De waarde van de Tur­kse Lira (TL.) is wei­nig: TL. 1.000 is een kwart­je (f. 0,247).

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Mensenrechten

Syrië
Zie Am­nes­ty In­ter­na­tio­nal Re­port 1990, Sy­rië.
 
Turkije
Zie Am­nes­ty In­ter­na­tio­nal Re­port 1990, Tur­kije.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Paspoorten en legitimatie

Syrië
Het verkrijgen van een pas­poort is een voor­recht, maar dat wil niet zeg­gen dat je ook zo­maar naar het bui­ten­land kunt rei­zen. Eerst moet je je dienst­plicht van twee­ën­half jaar (voor ieder­een ver­plicht, be­hal­ve de eni­ge zoon in een ge­zin) ver­vuld heb­ben. Voor het rei­zen naar het bui­ten­land moe­ten een aan­tal pro­ce­du­res af­ge­legd wor­den. (Vol­gens J. in Alep­po.)
Zelfs het reizen in het bin­nen­land kan niet zon­der le­gi­ti­ma­tie­be­wijs.*(2) Ik moest iedere keer mijn pas­poort to­nen (be­hal­ve in Ha­ma) als ik kaart­je wil­de ko­pen. Bo­ven­dien con­tro­leer­de de po­li­tie op het sta­tion van Alep­po (30 juli jl.) twee keer de le­gi­ti­ma­tie­be­wij­zen van mij en de me­de­pas­sa­giers. De bus van Deir al-Zor naar Da­mas­cus op 2 au­gus­tus jl. werd drie keer voor po­li­tie­con­tro­le (op de split­sing der we­gen) aan­ge­hou­den.
 
Turkije
Volgens SK. in An­tak­ya zijn er in Tur­kije twee soor­ten pas­poor­ten: groene en blauwe. Een van de twee soor­ten is voor ieder­een en dus waar­de­loos. De an­de­re is al­leen voor over­heids­func­tio­na­ris­sen en die kun­nen dus naar het bui­ten­land rei­zen.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Media

Syrië
Ik heb in Syrië geen krant ge­kocht, noch ge­le­zen. Re­ge­rings­pro­pa­gan­da wil­de ik niet le­zen. al-Hayat [Het leven, een dag­blad uit­ge­ge­ven in Lon­den] hing ook aan de lijnt­jes, waar de kran­ten aan hin­gen. Was dit de ech­te of een Sy­rische imi­ta­tie, vraag ik me nu pas (1-9-92) af. In Sy­rië dacht ik dat het een spe­cia­le Sy­rië-edi­tie was, maar ik heb het niet ge­con­tro­leerd.
Op 14 augustus jl. las ik in An­tak­ya in Tur­kije de Sy­rische kran­ten al-Thaw­ra [de Re­vo­lu­tie] en Tish­rien [Ok­to­ber] bei­de van 6 au­gus­tus ’92, die al­le twee al­le hoofd­ar­ti­ke­len met pre­cies de­zel­fde woor­den weer­ga­ven. De kop­pen ver­schil­den een beet­je.
Buitenlandse kran­ten wa­ren in Sy­rië niet te koop. Ik heb niet echt ge­zocht, maar men heeft mij dat ook ver­teld. Al­leen bui­ten­land­se week­bla­den als ‘News­week‘ was ver­krijg­baar. Van Fran­se toe­ris­ten hoor­de ik dat dag­blad ‘Le Mon­de‘ ver­krijg­baar was, maar de po­li­tiek ge­voe­li­ge blad­zij­den wa­ren er uit­ge­scheurd.
De televisie prijst het le­ger uren­lang. Dat zag ik op 1 augustus jl. Ver­der slap­pe ko­me­dies.
Volgens de ‘communist‘ in Da­mas­cus (5 augustus jl.) wa­ren er maar drie be­lang­rij­ke din­gen in het le­ven van de mens: brood, seks en vrij­heid
Over brood hoeven we het niet te heb­ben, dat is zo­wel in Sy­rië als in Tur­kije in rui­me ma­te voor­han­den en ook goed­koop.
Zonder nieuws van de bui­ten­we­reld zou ik het daar niet lang kun­nen uit­hou­den.
 
Turkije
Volgens mijn zegslieden: stu­dent in de trein naar An­ka­ra (21 juli jl.) en Duits-Turk­se vrouw in An­tak­ya (24 juli jl.) stelt de be­richt­ge­ving over po­li­tiek, in Tur­kije niets voor. Po­li­tiek wordt niet se­rieus be­na­derd of met een sek­sue­le on­der­toon. Al­leen maar be­rich­ten over de groots­heid van Tur­kije en con­stant ver­nieu­win­gen, die op po­li­tiek ge­bied ove­ri­gens niet uit­ge­voerd wor­den.
Tv heb ik er nau­we­lijks ge­ke­ken.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Vrijheid

Syrië
Syrië: lees dit dagboekverslag, lees ook het verslag ‘Land in een verstikkende houdgreep‘ in SUM, september 1992 en het rapport van Amnesty International Report 1990: Sy­rië.
MG. in Damascus en an­de­ren be­dach­ten na­men als ‘Dis­ney­land’ (Is­raël) en Mi­chel Pla­ti­ni (Hafiz al-Asad) om vrij te kun­nen spre­ken over an­ders dan nor­male (wat is nor­maal in zo’n land?) za­ken.
J. in Aleppo ver­tel­de over een oom die tien jaar ge­le­den gear­res­teerd was en waar­van men sinds­dien niets meer ver­no­men had.
 
Turkije
In Turkije is de vrij­heid is gro­ter dan in Sy­rië, maar lees toch Amnesty International Report 1990: Tur­kije.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Godsdienst

Syrië
Het kritiek­loos ge­lo­ven in de vol­le­di­ge waar­heid van de ko­ran was me op de Uni­ver­si­teit Lei­den ver­teld. Toch was ik ver­bijs­terd toen ik con­sta­teer­de dat de soep wél zo heet ge­ge­ten wordt als die wordt op­ge­diend.
De mensen die ik sprak ge­lo­ven zeer se­rieus en zon­der spoor­tje van twij­fel in de waar­heid van de ko­ran.
Kritiekloos ver­tel­den ze mij (wat hen ook ver­teld was) dat de ko­ran al­leen maar waar­heid be­vat en dat al­les wat er­in staat ook nog op al­le tij­den, dus ook de­ze tijd, toe­pas­baar is.
 
Turkije
Jongeren in Istanbul ver­tel­den mij dat je zon­der pro­ble­men atheïst kunt zijn in Tur­kije, maar je mag niet aan de leer van de stich­ter van de staat, Mus­ta­fa Ke­mal Ata­türk, twij­fe­len.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Seks

Syrië
Ik ben naar Syrië ge­gaan om mijn Ara­bisch in de prak­tijk te toet­sen. (Ma­rok­ko be­hoorde niet tot de mo­ge­lijk­he­den, om­dat het Ma­rok­kaans dia­lect / Ara­bisch sterk af­wijkt van het Ara­bisch dat el­ders ge­spro­ken wordt.)
Dat wat de Syriërs van een wes­ter­ling wil­len we­ten is voor hen in­te­res­sant, maar voor de wes­ter­ling niet, want hun vra­gen gaan al­tijd over de­zelf­de on­der­wer­pen: vrou­wen, kin­de­ren, geld en gods­dienst. Ik had geen ken­nis ge­noeg van de Ara­bische taal, om over an­de­re din­gen te spre­ken, dus kreeg ik op den duur een he­kel om met men­sen Ara­bisch te pra­ten.
Seks en dus, vrou­wen, is een pro­bleem. Man­nen zijn met niets an­ders be­zig. Elke wes­ter­se vrouw moet ‘ge­pakt’ kun­nen wor­den.
J. in Aleppo wilde met A. en T. sa­men rei­zen naar de ‘rest’ van Sy­rië om een sek­sue­le re­la­tie met A. te heb­ben, zei hij te­gen mij. Ik ge­loof niet dat hij dat te­gen A. ge­zegd heeft. Zij wim­pel­de hem af, ver­tel­de hij mij ook. Vol­gens hem ko­men al­le vrou­wen uit het wes­ten om met Ara­bische man­nen te neu­ken.
Ik zeg tegen J. dat de­ze in­druk ont­staat uit wes­ter­se films, die slechts an­der­half of hoog­uit twee uur du­ren, maar het ver­haal strekt zich soms uit over een maand of zelfs een jaar. (En, vol­gens XX. be­vat­ten on­ze films ook ex­pli­ciet of im­pli­ciet uit­ge­druk­te co­des, die ie­der van ons be­grijpt, maar voor men­sen uit een an­de­re cul­tuur niet te be­grij­pen zijn en / of on­op­ge­merkt blij­ven.)
Ik zeg tegen J. dat meis­jes die een Ara­bische vrij­er wil­len, over het al­ge­meen in uit­gaans­cen­tra, zoals de kust, zul­len zoe­ken en geen moei­za­me toch­ten langs cul­tu­re­le en ar­cheo­lo­gische be­ziens­waar­dig­he­den zul­len on­der­ne­men.
Naast seks is het al of niet heb­ben van een vrouw erg be­lang­rijk. On­ge­huwd is on­be­grij­pe­lijk. Ze­ker op mijn leef­tijd. En ook geen kin­de­ren, nog on­be­grij­pe­lij­ker. Zelfs één kind is nog te wei­nig, heb ik ge­merkt.
J. vroeg me in het res­tau­rant iets over mijn le­ven. Ik zei, tot zijn schrik en hi­la­ri­teit van A.: “Ik weet niet meer wat ik je ver­teld heb, maar ik zal je nu de waar­heid ver­tel­len.” Dat deed ik dus, in­clu­sief een klein leu­gen­tje, dat ik in Ne­der­land wel een vrien­din heb. (Ik ge­loof dat ik dat gezegd heb.)
 
Turkije
In Turkije is de si­tua­tie het­zelf­de. Het voort­du­rend ver­tel­len over mijn samen­le­vings­vorm hing me al spoe­dig de keel uit. Ik heb tien­tal­len ver­hal­en ver­teld. Ik was 31 of 26 of 41. Ik had een vrien­din, een / geen vrouw. Geen kind of een kind. Mijn vrouw / vrien­din was thuis, in het ho­tel, enzovoorts. Nooit was het goed.
Maar in Tur­kije is pros­ti­tu­tie le­gaal en door de over­heid ge­con­tro­leerd. (Wat houdt dat in?)
In Antakya is een por­no­bios­coop. Meis­jes mo­gen niet naar bin­nen.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Helpen

Syrië / Turkije
Verder is het in bei­de lan­den zo, dat als je iemand iets vraagt, het vol­ko­men on­dui­de­lijk is of hij je wil hel­pen of niet. Soms hel­pen ze al­weer een vol­gen­de, soms zijn ze nog met je be­zig. Soms lo­pen ze weg om je wat te wij­zen. Soms lo­pen ze weg om iemand an­ders te hel­pen. De bij­be­ho­ren­de co­de en / of het ge­baar heb ik niet kun­nen ont­dek­ken.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Voordringen

Syrië / Turkije.
Zowel in Turkije als in Sy­rië drin­gen de men­sen voor om aan de beurt te ko­men bij lo­ket­ten en ba­lies. Als je dat niet doet kom je niet aan de beurt.
Ik zie dit drin­gen als sym­bool voor hun sa­men­le­ving. (Hoe­wel het mo­ge­lijk ook een ge­volg is van hun sa­men­le­ving.) Als je op je beurt wacht, kom je nooit aan de beurt. Je moet con­stant vech­ten voor je beurt, je plaats (ook in de maat­schap­pij), voor je rech­ten, voor je brood. Je moet vech­ten voor je le­ven, om te over­le­ven. Het le­ven is er hard. Het heeft wel wat. Als je goed ter been bent en wel­be­spraakt, dan is het een uit­da­ging, maar als je niet tot die groep be­hoort en ook geen geld hebt …

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Verkeer en lawaai

Syrië / Turkije
Zoals ik ook schreef bij het ‘drin­gen voor lo­ket­ten’ zijn de ge­drags­re­gels hier no­gal af­wij­kend van het wes­ten.
In Boe­da­pest wach­ten de voet­gan­gers net­jes voor de ver­keers­lich­ten tot­dat die groen wor­den, dat doen ook de auto­mo­bi­lis­ten.
In Turkije probeert ieder­een zo snel mo­ge­lijk aan de over­kant te ko­men, of de voet­gan­gers­lich­ten nu groen of rood zijn.
Auto’s rij­den zo­ver door dat voet­gan­gers­over­steek­plaat­sen vol­le­dig ge­blok­keerd zijn.
In Syrië zijn met uit­zon­de­ring van Da­mas­cus en Alep­po geen voet­gan­gers­lich­ten. Ver­der rijdt iedere auto erg hard.
In Syrië en Turkije steek je over op ei­gen ri­si­co. Er is geen en­ke­le au­to [au­to­mo­bi­list!] die een voet­gan­ger voor laat gaan.
Alles op wie­len, zelfs fiet­sen en kar­ret­jes schijnt voor­rang te heb­ben op voet­gan­gers. Ook hier geldt het prin­ci­pe van drin­gen. Je moet drin­gen om aan de over­kant te ko­men. Dring je niet, dan kom je er niet.
Dit zijn mis­schien luxe­pro­blemen van een ver­wen­de wes­ter­ling, die boven­dien lang­zaam gek wordt van het voort­du­ren­de la­waai van auto­ge­toe­ter en an­der ge­raas. Een idi­oot ra­zend ver­keer en er is ner­gens (met uit­zon­de­ring van in de mos­kee en de bin­nen­plaats van het ho­tel) een rus­tig, stil plek­je te vin­den.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Keelschrapen

Syrië / Turkije
De mensen schra­pen hier vaak en zeer luid (hoor­baar) hun keel en kot­sen op de meest ‘on­mo­ge­lij­ke’ plaat­sen. Daar kan ik maar moei­lijk aan wen­nen, hoe­wel ik dat fe­no­meen al ken­de van mijn va­kan­tie in Por­tu­gal waar ik in au­gus­tus 1983 was.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Electriciteitsuitval

Syrië
In heel Syrië valt één keer per dag de elek­tri­ci­teit een paar uur per dag uit. In ver­schil­len­de plaat­sen op ver­schil­len­de tijd­stip­pen, om­dat ze niet ge­noeg kun­nen pro­du­ce­ren. Als ze er niet meer pro­du­ce­ren zal het al­leen maar er­ger wor­den.
In computerwinkels kun je ap­pa­ra­tuur ko­pen om de 220V net­span­ning te sta­bi­li­se­ren. Veel win­kels heb­ben een eigen ge­ne­ra­tor.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Rommel

Syrië
Syrië / Turkije. Om­dat de over­heid niet veel voor de bur­ger doet, doet de bur­ger ook niets (vrij­wil­lig) voor de over­heid. Ge­volg: over­al een enor­me rot­zooi en ver­vui­ling.
Zelfs als pu­blie­ke wer­ken een straat open­breekt ziet het er­uit als een bom­krater. (Deir al-Zor en Da­mas­cus.)
In West-Da­mas­cus (al-Mazza) was er een mo­der­ne scho­ne woonwijk.
 
Turkije
In Istanbul kon ik zien dat de over­heid moei­te deed om het stads­beeld te mo­der­ni­se­ren.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Natuurschoon?

Syrië
Vele Syriërs vonden dat ik naar La­ta­kia moest gaan, naar zee. Daar was het heel mooi, zei­den ze.
Omdat ik al van me­de­stu­den­ten en an­de­re toe­ris­ten had ge­hoord dat het een gro­te af­val­berg is, hield ik al­tijd de boot af met de me­de­de­ling dat ik in Ne­der­land slechts acht ki­lo­meter van de zee woon, dus geen zee meer hoef te zien.
Sy­riërs die nooit een an­der strand za­gen dan hun ei­gen strand, ge­loven dat dat zo hoort: dat af­val, want bij hen om de hoek is dat ook zo: over­al ligt af­val. Wij, wes­ter­lin­gen, die scho­ne stran­den ge­wend zijn, vin­den een sme­rig strand on­aan­trek­ke­lijk.)
 
Turkije
In Cevlik (Turkije) heb ik aan SK. ge­vraagd of het strand uit zand of uit mod­der be­stond. Op cir­ca vijf­tig meter af­stand leek het een gro­te mod­der­zooi. Vol­gens hem was het zand.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Vroeg oud

Syrië / Turkije
Zowel in Syrië als in Turkije zien kin­de­ren, jon­gens en jon­ge­man­nen, er in hun jeugd (al vroeg) oud uit.
Komt dit door de voe­ding (of het ge­brek aan voe­ding), het op jeug­di­ge leef­tijd al hard wer­ken of / en de al­tijd he­te zon, of het har­de le­ven?
Ik zag de moeder van SK. in An­tak­ya: ’n oud vrouwt­je, maar zij was nog jon­ger dan dan ik. Ik ben 41 jaar.
Ik vind in beide lan­den de ou­de­re man­nen (hoe oud zijn die ou­de­re man­nen?) vaak knap­per dan de jon­ge­man­nen.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Alleen op de wereld

Syrië
Ik heb geen geschik­te reis­maten ge­von­den, on­der­weg. Al­leen met C. (die ik heel aar­dig vond) uit Keulen en A. (uit Münster) zou ik wel ge­reisd wil­len heb­ben. (Jon­ge vrou­wen! Voor­na­me­lijk we­gens C.) Al­le an­de­ren had­den niet zo’n reis­rou­te als ik. Daar­om voelde ik me soms een­zaam. Ik kon nooit eens een keer te­gen iemand kla­gen over de enor­me rot­zooi in Sy­rië en Tur­kije. Een an­der na­deel is dat je al­le be­slis­sin­gen al­leen moet ne­men en dus ook wel eens dom­me din­gen doet, zoals de reis naar We­nen boe­ken per bus na twee sla­pe­lo­ze nach­ten en de daar­op vol­gen­de bij­na stom­me fout van de reis van bij­na dui­zend gul­den per Luft­han­sa naar Mün­chen met twin­tig ki­lo te zwa­re ba­ga­ge.
Met z’n twee­ën is al­tijd beter, ze­ker in si­tua­ties als die in Deir al-Zor, waar ik drin­gend hulp van een maat no­dig had. (31 juli jl.)
(Na dat on­ge­luk in Deir al-Zor heb ik bui­ten, op straat, al­tijd met ge­slo­ten schoe­nen ge­lo­pen, dat was veel vei­li­ger.)
Ik was alleen op reis ge­gaan, om­dat de kans dat ik Ara­bisch zou kun­nen spre­ken dan veel gro­ter is dan wan­neer ik met iemand an­ders was, dacht ik en daar­om was ik soms bang dat iemand zou zeg­gen: “Nou, ik wil wel mee.”
Er zijn veel heel mooie men­sen (m/v) in Sy­rië en Tur­kije, maar meer dan een op­per­vlak­kig con­tact zit er tij­dens zo’n va­kan­tie niet in.
Op gegeven moment wil­de ik weer eens ge­woon Ne­der­lands spre­ken. Ik begon dus sterk naar Ne­der­land te ver­lan­gen.
Het is onaangenaam warm in Sy­rië, veel te warm. Tus­sen 11.00 en 18.00 uur is het on­houd­baar warm: 40°C in de scha­duw zon­der een zucht­je wind.
Het voort­du­ren­de la­waai, het ge­toe­ter / claxo­ne­ren van au­to’s. Het is er geen mo­ment stil.
Toch bleef ik nog een tijd­je in Sy­rië want ik wist dat te­rug­keer einde van de ‘va­kan­tie-on­be­zorgd­heid’ be­te­ken­de en thuis weer sleur zou be­te­ke­nen.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Voeding

Syrië
Waarom ben ik niet de ge­plan­de vier we­ken in Syrië ge­ble­ven, maar niet meer dan twee­ën­hal­ve week?
In Nederland ben ik ve­ge­ta­riër, in Sy­rië moest ik vlees eten, kip, om iets warms bin­nen te krij­gen en het eten is er over het al­ge­meen een­to­nig. Steeds weer het­zelf­de. (Als je er je ei­gen pot­je kunt ko­ken is het ze­ker, wat dit punt be­treft, wel uit te hou­den.)
Tijdens deze reis heb ik (mi­ne­raal-) wa­ter le­ren waar­de­ren. Kraan­wa­ter is niet te ver­trou­wen, al­thans, ik ver­trouw­de het niet.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Comfort

Syrië / Turkije
Na Budapest tot Edirne, heb ik geen war­me douche meer ge­had, met uit­zon­de­ring van in Deir al-Zor. In veel plaat­sen was er geen warm wa­ter. Ho­tel Ana­do­lu had op de eer­ste ver­die­ping wel warm wa­ter, ont­dek­te ik de laat­ste nacht dat ik er was. In Istanbul was het koud wa­ter let­ter­lijk adem­be­ne­mend. In al­le an­de­re plaat­sen was koud wa­ter een ge­not.
In Deir al-Zor, ho­tel Groot Ara­bië, had ik koud wa­ter wil­len heb­ben, maar er was al­leen maar warm wa­ter. (In de win­ter zal er al­leen maar koud wa­ter zijn, ver­moed ik.)

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


Deir al-Zor

Syrië
In Deir al-Zor heb ik mooie no­ma­den, man­nen en vrou­wen, ge­zien.
Naar deze stad wil ik be­slist nog eens te­rug, in een voor­jaar en dan ver­der langs de Foe­raat [Euf­raat] in de rich­ting van Irak rei­zen.

MenuBe­ginEvaluatieIndex en het einde.


*(1)
Ik geef de taxi­chauf­feur in Ne­der­land een fooi. In Tur­kije en Sy­rië, was ik nog­al zui­nig met fooi­en ge­ven aan die ar­me sloe­bers. Daar was ik bang een paar stui­vers te veel te be­ta­len, maar hier geef ik aan de re­de­lijk goed ver­die­nen­de taxi­chauf­feur zon­der veel om­haal een fooi van 50% van de rit­prijs. Ik zou me moe­ten scha­men, maar dat heb ik ner­gens ver­meld, dus dat zal ik ook wel niet ge­daan heb­ben.

Te­rug.

*(2)
In Nederland hebben we een le­gi­ti­ma­tie­be­wijs sinds 2005, ver­plicht van­af de 14-ja­ri­ge leef­tijd.

Te­rug.


Meer informatie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wi­ki­pe­dia. – Web.: ove­rige bron­nen.
Tur­kije:
GM., Wi.
Istan­bul:
GM., Wi.

Syrië:
GM., Wi.
:ﺳﻮﺭﻳﺎ
Deir al-Zor:
GM., Wi., GM. (Fo­to’s.)
:ﺩﻳﺮ ﺍﻟﺰﻭﺭ
Eu­fraat:
GM., Wi.
:ﺍﻟﻔﺮﺍﺕ

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
BW.
Index van lo­ca­ties:
.

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex.
Over­zicht 1972-1990.
Chrono­lo­gisch over­zicht Orient Ex­press 1992.

Jemen, 17 juni 1996

Wādī Duᶜan: Raybūn.

Onderweg naar de archeologische site van Raybūn in Wādī Duᶜan, waar rond het begin van onze jaartelling een tempel stond voor het aanbidden van de maangod(in) Sīn.
Ik bleef het landschap van de Wādī omringd door de tafelbergen fascinerend vinden en ik kon er geen genoeg van krijgen. Mysterieus mooi vond ik het.

Athaaf al-Nadiem AR en NL

Twintig jaar geleden: dagboekfragment 17 juni 1996 (maandag).

Naar het einde, de index, of de transcriptie.

Ṣanaᶜā’ – Leiden.
Een half uur eerder dan gepland komt ᶜAbd al-Raḥmān A. met de bevriende taxichauffeur die me naar de luchthaven brengt. Onderweg begint het te regenen: pijpenstelen!
Ik betaal 2.000 riyāl aan ᶜAbd al-Raḥmān voor de taxi.
Als ik ingecheckt ben en mijn 32 kg zware koffer als 20 kg is geboekt ga ik even terug naar ᶜAbd al-Raḥmān en geef hem 6.000 riyāl (die ik apart gehouden had, als ik misschien moest bijbetalen voor overgewicht.) Hij had 6.000 riyāl schade geleden door slechte afspraken, tijdens het bezoek van de mensen van het Institut du Monde Arabe uit Parijs. Ik geef het geld hiervoor. Hij wil het niet hebben, maar ik dring aan. Natuurlijk neemt hij het op den duur aan. Ik wil dat hij het neemt.
Ik heb nu nog 326 dollar en 800 riyāl over.
We nemen afscheid en we gaan ie­der onze weg.
In afwachting van de vertrektijd bestudeer ik de veiligheidsmaatre­gelen op de luchthaven. Die zijn er, maar zo lek als een mandje.
Dat weet de Jordaanse lucht­vaart­maatschappij Royal Jordanian ook, want iedereen die aan boord komt wordt gefouilleerd. (Vrouwen ook?)
Mijn speciaal gevraagde plaats is be­zet. De jongen wijst naar de vrije stoel langs het gangpad. Ik insisteer en hij staat met een lang gezicht op.
Ik zit tijdens de terugreis naar Neder­land lang naast het raam. Mekka en Medina gaan schuil onder een dikke wolkenlaag.
De vrouw van de jongen is er ook, maar hij zit naast zijn vader. Hij draagt de gebruikelijke zilveren trouw­ring. (Voor islamitische man­nen zijn gouden sieraden verboden.) Zijn moeder en stralend mooie zusje in schitterend versierde kleren, zit­ten in de buurt. Zijn vrouw (als het zijn zus is, waarom draagt hij dan een trouw­ring?) en moeder zijn helemaal in het zwart met gezichts­sluier: niqāb. Ze gaan op vakantie naar Jordanië. Welke Jemeniet kan dat betalen? Qāt-boeren alleen maar!
Op de luchthaven van Amman, Jordanië, waar ik op mijn volgende vlucht moet wachten, breng ik de tijd door met het lezen van het geprinte rapport van het Tarīm-project en met het kijken naar mooie vrouwen.
In Tarīm zullen vandaag de dadels rijp zijn.
Aan boord van het vliegtuig van Amman naar Amsterdam kom ik naast een sexy meid te zitten, maar ik merk meteen dat die niet ‘in’ is voor een praatje.
Een oudere Palestijnse (?), die alleen reist, wordt naast een man geplaatst, maar daar wil ze niet gaan zitten. Die plaats is naast het raam en ik zie mijn kans schoon. Ik had een plaats aan een raam gevraagd, maar die was er niet.
De oude Palestijnse en een andere vrouw zijn mij zeer dankbaar dat ik met haar wil ruilen. Zij naast de mooie, maar zwijgende, vrouw en ik naast het raam.
Tot mijn grote verbazing vliegen we over de Dode Zee en Jeruzalem. De koepel van de Qubbat al-ṣaḵra (de Rotskoepelmoskee) in de ḥaram al-šarīf (het Edele Heiligdom, de Tempelberg) staat er glinsterend bij.
De stad is mooi, maar doet me niet veel. We vliegen over de landings­strip van Ramallah en dus over het huis van Zakī D.(?) Over de Bir Zeit Universiteit, waar wellicht NvB verblijft. (En komende vrijdag weg­gaat.)
Mijn buurman op deze vlucht is een 33-jarige Syrische chirurg die in de Saoedische ‘Tuin’ (al-Riyāḍ = de tuin) werkt en eens per jaar 45 dagen in Chicago van de westerse vrijheid gaat genieten. (Zijn vrouw ging naar haar familie in Syrië.)
In al-Riyāḍ bestaat het uitgaansleven uit winkelen. Verder is er niets. Geen bioscopen, niets, helemaal niets. Verder geen gebrek aan luxe. Zijn ziekenhuis heeft alle nood­zakelijke apparatuur.
Hij laat zich graag voorlichten over Jemen, want hij had eens overwogen om daar te werken, maar verkoos al-Riyāḍ.
De film: “Gold diggers” is een flauwe film, maar de (jonge) actrices zijn sexy en dat is het enige waar ik op let.

Jan Just Witkam haalt me op Schiphol op en brengt me thuis. (Volgens afspraak.)
In Leiden doe ik boodschappen. De Winkelsluitingswet is gewijzigd en winkels mogen tot 8.00 uur ’s avonds open blijven.

Eten: brood met witte bonen in tomatensaus.
Bed circa 20.00 uur: uitgeput.

In het zuiden van Jemen werd ik vooral dikker, geheel tegen de verwachting in. Mijn kakibroeken waren te nauw toen ik vertrok, maar ik verwachte dat ze me gauw zouden afglijden. Het leven vol inertie en het vette eten, met veel kip, veroor­zaakte het tegenovergestelde.

Seks met vrouwen behoort in Jemen vrijwel tot de onmogelijkheden. Met mannen durfde ik het, voor mijn reputatie, niet aan. Er zijn boven­dien maar weinig echt aantrek­kelijke mannen. Veel zijn vreselijk mager.
Van de toeristen waren er maar een paar die ik nu (in de overvloed van Nederland) echt aantrekkelijk zou vinden. Geen enkele was zonder man.

Dit is het einde van de tekst in mijn dagboek.

Vanaf 24 april jl. maakte ik dagelijks een verslag van de zakelijke kant van het project. In dat verslag staat op sommige dagen interessante infor­matie, die niet in mijn dagboek voorkomt. Hier volgt een deel uit die tekst.

Fragment uit het verslag van 17 juni.
In het Qaṣr al-Qubba-hotel in Tarīm vertelde men mij verschillende keren dat de dadels over zoveel dagen rijp zouden zijn. Als ik ‘zoveel dagen’ uitrekende kwam ik iedere keer op maandag 17 juni uit, de dag van mijn thuisreis. (Nu blijkt dat er rond 17 juni ernstige overstro­mingen in Tarīm zijn. Voor dadels zullen de mensen geen tijd hebben. Hoe vergaat het Ḥusayn, de jonge jongen die de dadelboerderij van zijn vader bestiert, die zelf ergens ver weg werkt?)

[…]

De familie die in het vliegtuig naast mij zit gaat op vakantie in Jordanië. Welke Jemeniet kan een reis naar het buitenland betalen? De man zal ongetwijfeld zijn geld verdienen met het verbouwen van qāt.
Gisteren vroeg ik aan Ǧamāl hoe het zat met de qāt-boeren. Zijn dat nu criminelen of niet? Hij vertelde dat ze vroeger, tien jaar geleden, wel als criminelen werden gezien, maar nu er zoveel verslaafden zijn is hun positie aanmerkelijk verbeterd. De afhankelijken zien hun verstrekkers waarschijn­lijk niet als een crimineel, maar als een goed mens.

[…]

Mijn Syrische buurman in het vliegtuig, na Amman, Mazen, is chirurg in al-Riyāḍ. In zijn zieken­huis werken alleen maar buitenland­se verpleegsters, voorname­lijk uit de Filippijnen. De voertaal is derhalve Engels. Voor de overwegend Ara­bische cliënten zijn er enkele verta­lers in dienst. Het ontbreekt in die ziekenhuizen aan niets, wat appara­tuur betreft.
Dat is in Jemen wel anders. Ik begreep al van een Nederlandse verpleegster, die in Tarīm op bezoek was, dat er geen ziekenhuizen zijn waar vrouwen opgenomen kunnen worden.

[…]

Mazen vertelt ook dat hij in zijn jonge jaren zich voor manuscripten (handschriften) geïnteresseerd had, maar nadat hij begrepen had dat het lezen daarvan geen eenvoudige klus was, was zijn belangstelling snel verdwenen.
Hij vertelt dat in Aleppo de belang­rijkste verzameling micro­films van heel Syrië te vinden is, met micro­films uit de hele Arabische wereld.

[…]

Leiden is een ‘culture shock’. De zon schijnt een beetje. Waarom lopen de mensen allemaal half bloot over straat?
Hedenochtend nog zag ik vrouwen waarvan ik alleen de ogen kon zien, omdat hun lichaam verscholen ging achter zwarte doeken. Nu zie ik vrouwen waarvan ik alleen de ogen niet kan zien, omdat die verscholen gaan achter zwarte Ray Bans.

Dit is het einde van het verslag van 17 juni.

Index van termen: Bir Zeit Universiteit, Gold diggers, Institut du Monde Arabe, niqaab, Qasr al-qubba-hotel, qat, Ray Ban, Rotskoepelmoskee, Royal Jordanian, Winkelsluitingswet,

Index van personen: ᶜAbd al-Raḥmān A., Ǧamāl, Ḥusayn, Jan Just Witkam, Mazen.

Index van locaties: Aleppo, Amman, Dode Zee, Jeruzalem, Jordanië, Leiden, Medina, Mekka, Ramallah, Raybun, al-Riyaad, Ṣanaᶜā’, Schiphol,  Syrië, Tarīm, Tempelberg, Wadi Duan,

Dit is het einde van dag 93 (van 93 dagen totaal) van mijn verblijf in Jemen in 1996. Naar dag 1. (Naar alle gepubliceerde dagen.)

Top

Transcriptie van de klinkers in Arabische woorden.

A / a klinkt als ‘a’ in ‘pan’, I / i klinkt als ‘i’ in ‘pin’, U / u klinkt als ‘oe’ in ‘poen’.
Ā / ā klinkt als ‘a’ in ‘ma’, Ī / ī klinkt als ‘i’ in ‘mi’, Ū / ū klinkt als ‘oe’ in ‘moe’.

Klik hier voor het overzicht van de transcriptie in Arabische woorden.

Top

Jemen, 17 maart 1996

Ṣa­naᶜā’: oude stad. Een groot huis, versierd met stuc-werk.

In Sana’a, de ou­de stad, staat op de ach­­ter­­grond, niet ver van het al-Gas­­mī-ho­­tel een prach­­tig en e­norm groot huis. In de ro­­zet­­ten op het huis staat soms Al­­­lah, een en­­­ke­­­le keer Al­­­la­­hu Ak­­­bar (Al­­­lah is gro­­­ter). Op het dak staat de zo­­­ge­­­noem­­­de dish, voor de ont­­­vangst van sa­­­tel­­­liet-Tv.

Athaaf al-Nadiem AR en NL

Dagboek 1996.

(Dag 8814) Mijn col­le­ga Ni­co en ik ver­­­­trek­­­­ken van­­­­daag naar Sa­­­na­­­’a, de hoofd­­­­stad van de Re­­­­pu­­­­bliek Je­­­­men. We gaan uit­­­­ein­­­­de­­­­lijk, over an­­­­der­­­­hal­­­­ve week, in de pro­­­­vin­­­­cie Ha­­­dra­­­maut, waar we in het stadje Ta­­­riem een bi­­­­blio­­­­theek voor hand­­­­schrif­­­­ten zul­­­len gaan on­­­­der­­­­steu­­­­nen.

MenuIndexEinde.

Zondag, 17 maart 1996.
Op 07.00 uur. De wek­ker wek­te me. Nor­­­­maal kan ik voor een trip niet sla­­­­pen, nu sliep ik als een blok, maar ik ging pas te­­­gen drie­­­­ën op bed. Ik had geen zin om in bed te lig­­­­gen.
Snel eten, op­rui­men. Pa en Ma en AS. bel­­­­len. (BW bel­­­­de ik gis­­­­te­­­­ren al.)
Tegen 8.30 uur komt Jan Just Wit­­­­kam en die brengt me naar Schip­­­­hol. Even na on­­­­ze aan­­­­komst komt Ni­­­­co met zijn vrien­­­­din I. Jan Just over­­­­han­­­­digt ons het be­­­­drag dat we mee­­­­krij­­­­gen, con­­­­tant, 18.000 USD (dol­­­­lar) (cir­­­­ca 30.000 gul­­­­den).
In het vlieg­tuig, dat uit New York komt, zit­­­­ten we ver­­­­spreid. […] Ik zit naast een ou­­­­de­­­­re da­­­­me die op weg is naar Irak om de laat­­­­ste van haar ve­­­­le kin­­­­de­­­­ren het land uit te ha­­­­len. Als je maar ge­­­­noeg geld hebt kun je het land ver­­­­la­­­­ten wan­­­­­neer je maar wilt. Een mil­­­­joen di­­­­nar of zo­­­­iets. Zij woon­­­­de vijf­­­­en­­­­twin­­­­tig jaar in Irak. Haar man was Ara­­­­bier. Hij was nu over­­­­le­­­­den.
Zoals Ni­co voor­­­­spel­­­­de (hij wist het, is be­­­­ter ge­­­­zegd) was de tran­­­­sit­­­­hal in Am­­­­man naar­­­­gees­­­­tig. […] Er was daar ook een Ne­­­­der­­­­land­­­­se, die, naar la­­­­ter bleek, As­­­­trid heet­­­­te en bij de Se­­­­cu­­­­ri­­­­ty op Schip­­­­hol werk­­­­te.
Ik lees [een boek over] Ar­­­­chi­­­­ve­­­­ren(!) en luis­­­­ter hou­­­se­­­­mu­­­­ziek­­­­cas­­­­set­­­­tes.
Het eten aan boord (twee keer kip) was niet slecht.
Circa 03.00 Je­men­tijd (01.00 Ne­­­­der­­­­land­­­­se tijd) wa­­­­ren we op de lucht­­­­ha­­­­ven van Sa­­­na’a.

MenuBeginEinde.


Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
Index van lo­ca­ties:

Dit is het einde van dag 1 (van 93 dagen totaal) van mijn ver­­­blijf in Je­­­men in 1996.

Naar alle ge­­­pu­­­bli­­­ceer­­­de da­­­gen.