13 juli 1992

1992 – 2017: vijf­en­twin­tig jaar ge­le­den

Orient Express

Mijn eer­ste reis naar het Mid­den-Oos­ten

Dagboek 1992

(Dag 7471) Ik ben van­uit Am­ster­dam per trein on­der­weg naar mijn uit­ein­de­lij­ke va­kan­tie­be­stem­ming: Syrië, maar ga eerst een paar da­gen in Bu­da­pest do­len. – In de trein ont­moet ik de aar­di­ge Ita­li­aan­se Anne en in een hos­tel men­sen uit de he­le we­reld.

MenuIndex en het einde.

Maandag, 13 juli 1992.
Naar Budapest.
Opstaan met een ‘ge­bro­ken’ rug.
Circa 11.00 uur in We­nen. De NS [Ne­der­land­se Spoor­we­gen] ver­kocht mij een kaar­tje via Salz­burg, de trein reed ech­ter via Re­gens­burg. (Een to­taal an­de­re rou­te.) Vol­gens de Duit­se con­duc­tri­ce moest ik in Mün­chen over­stap­pen. Ik ging uit van eind­be­stem­ming We­nen en die was juist. De con­duc­teur in Oos­ten­rijk zag niets of deed als­of hij niets zag, maar vol­gens het bil­jet zat ik in de ver­keer­de trein. De NS had me een ver­keerd bil­jet ver­kocht.
In Wenen neem ik de trein naar Bu­da­pest. Nu word ik voor het eerst ge­con­fron­teerd met ar­moede.
De wagons [rij­tui­gen] zijn sme­rig en slecht on­der­hou­den. Een he­le te­gen­stel­ling met de trein uit Am­ster­dam.
Op het per­ron lo­pen en­ke­le leu­ke En­gel­se kna­pen.
In de trein zit de wat duf­fe en kla­gen­de, poets­zie­ke An­ne uit Flo­ren­ce. We spre­ken veel met el­kaar, maar pas­sen niet goed bij el­kaar, we­gens ver­schil in ka­rak­ter. Toch denk ik er­over haar te neu­ken, als ik de kans zou krij­gen. La­ter zie ik er­van af om een be­te­re re­la­tie met haar pro­be­ren op te bou­wen.
Ze is der­tig, maar ziet er veel ou­der uit en ‘denkt’ ook veel ‘ou­der’. Con­ser­va­tief.
Ze zeurt wat. Ze loopt in een spij­ker­jas­je en een veel te gro­te ka­ki kor­te broek. Haar krul­let­jes­haar net­jes ver­zorgd.
In Hongarije wil de po­li­tie de ba­ga­ge con­tro­le­ren in de trein. Hij vraagt waar we van­daan ko­men: “Hol­land? Duits­land?”
Anne zegt: “Ita­lië.”
Dan zegt hij: “Ok.” En gaat weg.
Circa 16.00 uur in Bu­da­pest Ke­le­ti Sta­tion. Ron­se­laars van ‘Jeugd­her­ber­gen’ prij­zen ons een ‘Jeugd­her­berg’ aan. Ik neem de mid­del­prijs. An­ne ook. An­ne prijst de or­ga­ni­sa­tie we­gens haar gra­tis ver­voer. Zij is kin­der­lijk.
De Jeugdherberg is na­tuur­lijk geen ech­te jeugd­her­berg, maar iets on­dui­de­lijks, par­ti­cu­liers. Fel­vin­ci Jeugd­her­berg: Fel­vin­ci út 8. 480 forint per nacht. (f. 11,30.)
De receptioniste (sexy) spreekt al­leen Duits en Hon­gaars en zegt er pas een uur te wer­ken. Ze weet niets en ik tolk in Duits en En­gels met Span­jaar­den.
Zij biedt me een kamer al­leen aan, wat ik wei­ger, want ik wil niet ge­ïso­leerd lig­gen. (La­ter denk ik dat ik had moe­ten zeg­gen: “Ja, als Sie mit mir dort schla­fen.”, maar zo ad rem was / ben ik niet.)
Een Ame­ri­kaan zegt dat er een au­to­maat bij een bank is, waar ik dol­lar­bil­jet­ten voor Hon­gaars geld kan wis­se­len. Ik kan dat ding niet vin­den, maar la­ter, als hij met een groep­je de stad in loopt, wijst hij mij de plaats. Het is een au­to­maat waar wel twaalf pa­pier­geld­soor­ten ge­wis­seld kun­nen wor­den. Voor een bil­jet van 20 US$ krijg ik 1.500 forint (ft). Ik be­taal­de voor 20 US$ (zon­der pro­vi­sie) f. 35,30. Dus 1 ft. is f. 0,024 is 2,5 cent. Al­le be­dra­gen in forint moe­ten dus door 42,5 ge­deeld wor­den.
Douche.
Meegebracht brood eten.
In de hal maak ik kennis met Ame­ri­ka­nen, Ie­ren, een Aus­tra­liër en Zwe­den.
We gaan in een ve­ge­ta­risch res­tau­rant eten. (Zwart rij­den in bus en tram.)
Vegetarium, 1056 Bu­da­pest. Cu­kar ut­ca 3. Ma­na­ger Gé­za Ma­da­ras. On­danks de in­druk­wek­ken­de me­nu­kaart in het Frans, scheen er niet veel va­ri­a­tie. Toch smaakt het eten niet slecht. Ik zat te­gen­over de Zweed­se, met een on­uit­spreek­ba­re naam. Ik was al spoe­dig ver­liefd op haar. We had­den een beet­je de­zelf­de in­te­res­se. Zij wil li­te­ra­tuur gaan stu­de­ren. Haar lang­ha­ri­ge vriend is bouw­vak­ker.
Haar broer die aan de uni­ver­si­teit(?) voor be­jaar­den­ver­zor­ger ge­stu­deerd had, werd, naar­ma­te hij meer dronk, steeds luid­ruch­ti­ger en ver­tel­de steeds min­der in­te­res­san­te ver­ha­len.
Na het restaurant, kos­ten 420 ft. (f. 9,80 met 0,5 liter bier) deelt de groep zich in twee­ën. De drie Zwe­den, de Ame­ri­kaan­se en ik (om­dat de mooie Zweed­se er­bij is, ga ik mee) gaan op zoek naar en Jazz Club. We lo­pen cir­ca één uur om die te vin­den en ik drink er één pils. De Zwe­den en de Ame­ri­kaan­se la­ten zich vol­lo­pen met Jä­ger­meis­ter in com­bi­na­tie met pils. De Ame­ri­kaan­se en de aca­de­mische be­jaar­den­ver­zor­ger wor­den lad­der­zat. De Zweed­se ge­lief­den la­ten van dron­ken­schap niets blij­ken.
Na 03.00 uur was ik bij­na, om­wil­le van de Zweed­se een nacht­club van 1.500 ft. (f. 35,30) en­tree bin­nen­ge­gaan, maar de an­de­ren wil­len dit niet be­ta­len. (Ge­luk­kig.)
Bed 04.00 uur.
Ik heb last van niet-erns­ti­ge di­ar­ree.
Weer in Bu­da­pest: re­gen­achtig, maar niet koud.
In de trein tussen We­nen en Bu­da­pest was er een dik­ke jon­ge vrouw, die mij leuk vond. Ik vond haar zus­ter (doch­ter?) aan­trek­ke­lijk.


Meer informatie.

GM.: Google Maps. – Wi.: Wikipedia. – Web.: overige bronnen.
Hon­ga­rije:
GM., Wi.
Bu­da­pest:
GM., Wi.
Sta­tion Ke­le­ti:
GM., Wi.
Hos­tel Fel­vin­ci:
GM., Web.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:
.

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex.
Over­zicht 1972-1990.
Chronologisch overzicht Orient Express 1992.

12 juli 1992

1992 – 2017: vijf­en­twin­tig jaar ge­le­den

Orient Express

Mijn eer­ste reis naar het Mid­den-Oos­ten

Dagboek 1992

(Dag 7470) Ik woon in Lei­den. – Van­avond ver­trek ik voor een va­kan­tie­reis naar Sy­rië. Ik stap in Am­ster­dam op de trein.

MenuIndex en het einde.

Zondag, 12 juli 1992.
Begin van een (lan­ge) va­kan­tie.
Op 9.30 uur. Enigs­zins ze­nuw­ach­tig.
Ik maak de laat­ste spul­len reis­klaar. We­gens ze­nu­wen heb ik een beet­je last van diar­ree.
Het is nu 14.30 uur. Ik moet de tijd do­den tot cir­ca 18.00 uur.
Ik was van plan ge­weest de­ze drie voor­laat­ste va­kan­tie­dagen thuis te ko­ken. Dat deed ik twee keer, maar voor van­daag heb ik daar geen zin in en gooi­de de groen­te weg. Ik eet brood.
Weer: van­mor­gen on­weer. Nu, tussen de bui­en door, zon.
Ik hoop dat ik tij­dens de­ze va­kan­tie krijg wat ik wil: gro­te­re ken­nis van het ‘ge­spro­ken’ MSA. [Mo­dern Stan­daard Ara­bisch.] Ook hoop leuke / mooie men­sen te ont­moe­ten

Om de tijd te ver­drij­ven kijk ik naar een speel­film ‘1001 nacht’ (er is nau­we­lijks Ara­bische sfeer) uit 1942 waar de su­per­se­xy Sabu in mee­speelt.
Brood eten.
Pa en Ma bel­len.
Nu circa 17.15 uur. Over drie kwar­tier ga ik met de bus naar het sta­tion.
Trein­reis­plan: Am­ster­dam CS. We­nen, Bu­da­pest, een ver­blijf van en­ke­le da­gen.
Dan Bel­gra­do, So­fia, Is­tan­bul, weer een ver­blijf van en­ke­le da­gen.
Dan in en­ke­le da­gen door Tur­kije en cir­ca 29 juli bij de Bab al-Ha­wa (bij Alep­po) in Sy­rië. Een week­je of vier in Sy­rië en te­rug via … (Grie­ken­land, Ita­lië of Bul­ga­rije, Ser­vië, Hon­ga­rije enz. Een en an­der af­han­ke­lijk van de ont­wik­ke­lin­gen in Joe­go­sla­vië.) [Bur­ger­oor­log, daar.]
Bij vertrek: f. 115,00 [en] 300 US$ con­tant. Veer­tien Tra­vel­ler­che­ques van 50 US$. 2.000 Turk­se Li­ra en 17 Bul­gaar­se Lev (van NvB. ge­kre­gen) en vier Gi­ro­be­taal­kaar­ten.
Mee­ge­no­men geld­waar­de in gul­dens: f. 1.866 plus vier Gi­ro­be­taal­kaar­ten, plus 17 Bul­gaar­se Lev.
Treinreis (tot Istanbul) kost: f. 523,90.

Vakantie 92: Tur­kije en Sy­rië.
Voor het ver­trek heb ik lich­te diar­ree, mis­schien door de ze­nu­wen.
Ik neem de trein. En­kel Am­ster­dam: f. 7,50. In de trein be­gint een Ame­ri­kaan een ge­sprek met me, maar door het la­waai in de­ze (por­taal) trein­hal en zijn on­ver­staan­baar ge­brab­bel kan ik niet veel ver­staan.
Amsterdam rond 19.00 uur. Zwij­gend wach­ten op de trein.
Sexy jon­gens en meis­jes be­kij­ken.
De trein komt om 20.30 uur. Di­rect een goe­de plaats.
In mijn coupé komt een leu­ke Duit­se uit Wup­per­tal. Zij wil ro­ken en gaat na Utrecht in een an­de­re (ro­kers-)cou­pé zit­ten.
In Utrecht ko­men M. en haar vriend JM. Zij is heel spon­taan en we heb­ben di­rect goed con­tact. Wij (zij en ik) heb­ben de­zelf­de soort gym­pies en dat is een leu­ke aan­lei­ding om een ge­sprek te be­gin­nen. Zij zijn In­ter­rail-ers en dat blijkt na­de­lig.
Interrail-ers rei­zen voor f. 570,00 dwars door Eu­ro­pa, Tur­kije en Ma­rok­ko, één maand lang. Zij ne­men bij voor­keur lan­ge trein­tra­jec­ten ’s nachts en spa­ren zo ho­tel­kos­ten. Het na­deel be­staat hier­uit: zij wil­len nie­mand in de cou­pé er­bij heb­ben en hou­den de deur dus ge­slo­ten. Zo is de kans om an­de­re men­sen te ont­moe­ten erg klein.
Van de ban­ken kun­nen bed­den wor­den ge­maakt, dus al di­rect na de Duit­se grens gaan we sla­pen.
Redelijk goed sla­pen.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex.
Over­zicht 1972-1990.
Chronologisch overzicht Orient Express 1992.

Spoorwegongeluk op de Maasbrug

Locomotief
De locomotief van de verongelukte trein.

MenuEinde.

Dinsdag, 31 mei 1966

Pre-dag­boek: de Pink­ster­va­kan­tie 1966 had ik door­ge­bracht bij mijn ge­lief­de oom Tjit­te, een ech­te kin­der­vriend, die in het Frie­se Ak­krum woon­de. Ik was op weg naar huis en zat in de trein tus­sen Ut­recht en Maas­tricht in het voor­ste rij­tuig di­rect ach­ter de lo­co­mo­tief, he­le­maal voor­aan, de voor­ste cou­pé.
In die tijd had­den de per­so­nen­rij­tuig­en aan het begin / ein­de, twee cou­pés met acht (of zes?) zit­plaat­sen. Van­af het bal­kon, daar waar de in­gangs­deu­ren van de wa­gen wa­ren, liep een smal gang­pad aan de zij­kant naar bei­de cou­pés en el­ke cou­pé kon af­ge­slo­ten wor­den met een schuif­deur. Tus­sen bei­de bal­kons (be­gin / ein­de van het rij­tuig) met de toe­gangs­deu­ren van de wa­gen, was het ge­deel­te met meer­de­re zit­plaat­sen.
Vlak voor de brug over de Maas bij He­del, na­bij ’s Her­to­gen­bosch / Den Bosch ging de trein door een wis­sel, want op de brug lag en­kel­spoor, maar er­voor en er­na dub­bel­spoor.
In de voorste cou­pé zat ik naast het raam, met mijn rug in de rij­rich­ting van de trein, dus zuid­waarts. In de cou­pé zat, be­hal­ve ik, nog een jon­ge va­der en moe­der, met twee of drie kin­de­ren en nog meer pas­sa­giers.
Op het moment dat ons rij­tuig door de wis­sel ging hoor­den we on­der on­ze zit­plaat­sen een heel har­de klap en ver­vol­gens hob­bel­den we over de brug. Er was ver­moe­de­lijk een as ge­bro­ken en de wie­len ‘hup­pel­den’ over de biel­sen / dwars­lig­gers. De trein rem­de heel sterk af.
Op alle(?) Ne­der­land­se brug­gen ligt naast de rails, aan de bin­nen­zij­de nog een paar rails. On­ze ont­spoor­de wa­gen bleef tus­sen die ex­tra rail en de ei­gen­lij­ke rail han­gen, (als die vei­lig­heids­rails er niet wa­ren ge­weest was ons rij­tuig ze­ker door de brug­pij­lers heen ge­bro­ken en in de Maas ge­stort) maar toen we over de burg wa­ren en die vei­lig­heids­rails op­hiel­den, trok on­ze wa­gen de lo­co­mo­tief uit de rails. Langs het raam waar ik zat schoof de mod­der voor­bij en we kwa­men er steeds die­per in te­recht. De va­der riep kalm, maar luid en dui­de­lijk: “Geen pa­niek, geen pa­niek!”
Toen alles stil­lag heb ik het raam open­ge­draaid (in die tijd wa­ren er bij al­le zit­plaat­sen ramen die je om­hoog of om­laag kon draai­en) en ben door het raam naar bui­ten ge­kro­pen.
Op de spoor­dijk heb­ben we ge­wacht op het ver­de­re ver­loop van de ge­beur­te­nis­sen. Aan de voet van de dijk lag het chauf­feurs­ca­fé Treu­ren­burg en daar wa­ren veel kij­kers. Op den duur heb ik een lift ge­kre­gen naar Den Bosch, sa­men met een an­de­re pas­sa­gier, een ou­de­re man. Al­thans veel ou­der dan ik, want ik was toen vijf­tien jaar. Ook meen ik dat er een zwan­ge­re vrouw mee­reed.
Ik had dit tra­ject al ve­le ja­ren al­leen af­ge­legd, wan­neer ik naar mijn oom op be­zoek ging. In mijn her­in­ne­ring zelfs van­af mijn ze­ven­de jaar, maar ik weet niet meer of dat wel klopt. Het ge­heu­gen van de mens is on­be­trouw­baar.
Ik heb bij dit on­ge­luk geen li­cha­me­lijk let­sel op­ge­lo­pen, maar ik schrok nog ja­ren­lang wan­neer een trein met veel la­waai door een wis­sel ging. In die zin was er spra­ke van een trau­ma­tische er­va­ring.
In mijn her­in­ne­ring ge­beur­de er nog een bij­na on­ge­luk op het tra­ject tus­sen Den Bosch en Maas­tricht, toen een goe­de­ren­trein zo dicht bij on­ze trein kwam, dat de klink van een van de deu­ren er­af werd ge­re­den. (De deu­ren had­den toen nog klin­ken aan de bui­ten­kant.) Ver­moe­de­lijk is dat niet op 31 mei ge­beurd, maar zo is het wel in mijn her­in­ne­ring blij­ven ‘han­gen’. Het ge­heu­gen van de mens is on­be­trouw­baar.
Wel heb ik te­gen­woor­dig nog steeds lich­te angst wan­neer twee trei­nen vlak naast el­kaar rij­den, zo­als dat ge­re­geld ge­beurt. Ove­ri­gens hou ik van trein­rei­zen en doe het heel vaak en met veel ple­zier, voor­al om­dat je er al­tijd in­te­res­san­te men­sen ont­moet, uit al­ler­lei wind­stre­ken, taal­ge­bie­den of cul­tu­ren.

MenuBegin.

Fo­to’s uit de col­lec­tie van het Ge­heu­gen van Ne­der­land.

01.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
02.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
03.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
04.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
05.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
06.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
07.) Fotograaf Dick Coersen: 31 mei 1966.
08.) Fotograaf Ruud Hoff: 31 mei 1966.
09.) Fotograaf Ruud Hoff: 31 mei 1966.
10.) Fotograaf Ruud Hoff: 31 mei 1966.
11.) Fotograaf Ruud Hoff: 31 mei 1966.
12.) Fotograaf Ruud Hoff: 31 mei 1966.
13.) Fotograaf Ruud Hoff: 31 mei 1966.
14.) Fotograaf Jacques Klok: 6 juni 1966.

Be­gin van de tekst.

Drie dag­bla­den van 1 juni 1966.

15.) Brabants Dagblad: 1 juni 1966, voorpagina, met transcriptie van de tekst.
16.) Brabants Dagblad: 1 juni 1966, pagina 3, met transcriptie van de tekst.
17.) De Nieuwe Limburger: 1 juni 1966, voorpagina.
18.) Het Vrije Volk 1 juni: 1966, voorpagina.

Be­gin van de tekst.


Me­nu.