29 november 1986

Dagboek 1986

(Dag 5418) Ik woon sa­men met mijn vriend BW. in Eijs­den. – Mijn re­latie met mijn vo­ri­ge vriend HL. is ten on­der ge­gaan. Om­dat ik zijn helft van ons huis kocht heb ik een gro­te schuld bij hem. Die los ik van­daag he­le­maal af. – Ik volg sinds be­gin sep­tem­ber bij het Dag- en Avond­col­le­ge in Maas­tricht een Ma­vo­-op­lei­ding in de avond­uren. Daar­voor maak ik van­avond huis­werk: Na­tuur­kun­de en Spaans.

MenuIndex en het einde.

Zaterdag, 29 november 1986.
Op 9.00 uur. Douche.
Elektro­nische scha­ke­ling tot 11.00 uur. Ik krijg die aan het werk. [Ik pro­beer een elek­tro­nische klok te ma­ken.]
Brood eten.
Naar HL. en [zijn vriend] EB., van 12.15 tot 13.15 uur. Ik over­han­dig het laat­ste deel van mijn schuld aan HL. aan hem.
Ik laat HL. een for­mu­lier te­ke­nen met een ver­kla­ring dat er nu geen en­ke­le we­der­zijd­se ver­plich­ting tus­sen ons be­staat. Dit is het re­sul­taat van de reis die 364 da­gen ge­le­den in Hong­kong aan­ving.*
Ik ga naar de Mi­ro: Maas­tricht en naar Luik. Daar is het ge­zel­lig druk en er zijn veel stuk­ken [knap­pe jon­ge­man­nen] in (veel­al) ruime broe­ken.
Thuis om 18.45 uur.
Koken.
Warm eten. Af­was­sen.
Natuurkunde en Spaans leren.
Dagboek bij­wer­ken.
De was ver­zor­gen.
Tv.
Nu 01.15 uur.
Weer: volop zon na nacht­vorst. Lek­ker tot fris.

*
Ik ont­moet­te mijn hui­dige vriend BW. in sep­tem­ber 1984 op een cam­ping in Mün­chen in Duits­land. Hij komt uit Hong­kong. Daar is ho­mo­sek­su­a­li­teit ver­bo­den en ik wil­de hem in Ne­der­land een kans op een vrij­er le­ven bie­den. Ik stel­de me voor dat een me­na­ge à trois sa­men met BW. en met mijn vriend HL. ze­ker mo­ge­lijk was, zoals ook HL. ge­re­geld liet door­sche­me­ren.
BW. ver­trok 364 da­gen ge­le­den uit Hong­kong en ar­ri­veer­de op 1 de­cem­ber 1985 in Eijs­den. Al na een maand bleek dat BW. en HL. niet met el­kaar kon­den op­schie­ten. Om­dat ik mijn (toch ook moei­lijk ver­lo­pen­de) re­la­tie met BW. niet wil­de op­ge­ven, ver­brak HL. al in maart 1986 zijn re­la­tie met mij. Ik nam zijn deel van ons huis over. De schuld die dat voor mij als ge­volg had, los ik van­daag he­le­maal af.

Index

Index van ter­men:
Mavo.
Index van per­so­nen:
BW., HL.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.

26 november 1983

Dagboek 1983

(Dag 4319) Ik woon sa­men met mijn vriend HL. in Eijs­den. – Een van mijn hob­by’s is het le­ren van de Ara­bische taal. Een an­de­re hob­by be­staat uit het pro­gram­me­ren van mijn Com­mo­do­re64. Ver­der wil ik Ra­dio­zend­ama­teur A wor­den en volg daar­om een schrif­te­lij­ke cur­sus van de Ve­ron en moet daar­voor oe­fe­nen met het sei­nen van mor­se­sig­na­len. – Ik schreef op de Com­mo­do­re64 een pro­gram­ma waar­mee ik Mor­se kan oe­fe­nen door ‘te­gen’ de com­pu­ter te sei­nen. – Van­avond zul­len we op stap gaan in Luik (Bel­gië).

MenuIndex en het einde.

Zaterdag, 26 november 1983.
Op 9.45 uur.
Krant lezen.
Eten.
Afwassen.
Tekenen.
Morse oe­fe­nen van 14.30 tot 18.00 uur, met on­der­bre­kin­gen om te te­ke­nen.
Van 18.30 tot 23.30 uur: ik laat de com­pu­ter Ara­bisch schrij­ven. Dat wil zeg­gen, het be­gin is er.
Brood eten.
We gaan naar Luik.
HL. reed van­daag met Sin­ter­klaas. (Dat is zijn broer JL.) Ver­goe­ding voor de ben­zi­ne is vijf­tien gul­den.
Weer: de he­le dag re­gen. Herfst­weer.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
HL.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.

12 september 1976

Dagboek 1976

(Dag 1688) Ik woon op ka­mers aan de Ta­fel­straat 30 te Maas­tricht. – Van­daag ver­trek­ken mijn buur­man Cees en ik met va­kan­tie naar Ma­rok­ko. We rei­zen met de trein van Maas­tricht via Luik en Brus­sel naar Pa­rijs.

Naar de index en het einde.

Zondag, 12 september 1976.
Opgestaan circa 8.10 uur. Bed ver­schonen.
Eten bij Cees.
We gaan met de trein om 10.59 uur weg uit Maas­tricht, dat is een uur eer­der dan af­ge­spro­ken.
Ik bel Pa en Ma op. Cees belt naar JM.
Een zat­te Bra­zi­li­aan vraagt me geld voor te eten. Hij is zijn dui­ten kwijt. Ik geef hem vier kwart­jes.
We reizen naar Luik, van­waar we vrij snel naar Brus­sel ver­trek­ken. Het uur eer­der ver­trek uit Maas­tricht le­vert in Brus­sel geen tijd­winst op.
We lopen met vol­le be­pak­king door Brus­sels bui­ten­wijk bij Sta­tion Noord. De Bel­gische eco­no­mie wordt zo­als in al­le wes­ter­se lan­den door bui­ten­lan­ders ge­dra­gen. Als je ziet hoe ze in Brus­sel (en waar niet?) zijn weg­ge­stopt, schie­ten je de tra­nen in de ogen.
Bij een mo­nu­ment voor ge­val­len strij­ders uit bei­de we­reld­oor­lo­gen plaat­sen we de las­ten en rus­ten we uit. Ik voel me een en­gel zo zwe­vend licht.
We lo­pen door de Bo­ta­nische tuin en ik zie de eers­te mooie jon­gens van van­daag.
In de Sta­tions­res­tau­ra­tie wa­ren er nog meer en [daar] we drin­ken ci­troen­thee.
Twee dames krij­gen een bak kof­fie waar­van het wa­ter nog door het fil­ter moet drup­pe­len. Een kwar­tier la­ter is de bij­be­ho­ren­de room ver­dwe­nen en het wa­ter nog niet door ge­drup­peld.
Wij stap­pen in de om 15.51 uur ver­trek­ken­de trein naar Pa­rijs. Het is er stamp­vol. Drie plaat­sen zijn er vrij. Cees zit naast mij en te­gen­over mij zit een knaap. Ge­re­geld lacht hij lief naar me en ik voel me blij en ik ben in staat de he­le reis een la­chend ge­zicht (ge­meend en niet spe­lend) vol te hou­den. Na ver­loop [van tijd] pro­beer ik con­tact in het Frans en ge­luk­kig spreekt hij een poos­je la­ter ook En­gels. Ik ben bij­na ver­liefd. Als hij weg is en een poos­je la­ter te­rug­komt hangt zijn lin­ker­hand flik­ker-vrou­we­lijk ter hoog­te van zijn heup. Hij komt uit Gre­no­ble. Is daar uni­ver­si­teits­stu­dent en is in Ne­der­land al­leen op va­kan­tie ge­weest.
Hij is een lust voor het oog met zijn krul­len­kop, half wild op zijn hoofd ge­zet.
In Parijs Noord tot Aus­ter­litz zie ik hem nog een keer, in de bus. Als hij uit­stapt ben ik hem al bij­na ver­ge­ten en merk al­leen nog dat hij goeie­dag zegt. Cees ant­woordt en ik kijk om en zie hem niet meer.
In Austerlitz is de trein er nog niet. We eten in de res­tau­ra­tie. We la­ten het vlees lig­gen en drin­ken mi­ne­raal­water.
Twee Fran­sen pap­pen aan. Ou­dere leef­tijd, be­gin veer­tig. Ik ver­trouw hun blik­ken niet. Een heeft een ring­baard­je en spreekt slechts Frans, de ander een beet­je En­gels. Ik hang een ver­haal­tje op: we gaan naar Span­je en de trein die naar Irun gaat is de on­ze. Zij gaan mee. We rei­zen dus in de­zelf­de trein, zegt hij, want zij gaan naar Dax.
Er ver­trekt ech­ter ook een trein eer­der naar Irun en die tijd had ik ge­noemd. Zij den­ken dus met ons te rei­zen en wij ne­men in wer­ke­lijk­heid een an­de­re trein.
We betalen en ver­trek­ken me­teen. Zij wil­len volgen. Hun be­ta­lings­pro­ce­du­re duurt lan­ger dan ze dach­ten en wij lo­pen Pa­rijs in. We ko­pen fruit en yog­hurt. Op het per­ron probeer ik voor Cees een cou­chet­te te ko­pen en wordt van het kast­je naar de muur ge­stuurd.
Ik gebruik het woord ‘bou­cher‘ voor ‘ko­pen’. JM had dat ge­zegd en ik: “Dat ge­loof ik ook.” en had het klak­ke­loos over­ge­no­men. ‘Ache­ter‘ moet het zijn.
De trein rijdt al (ver­trek 22.49 uur) toen ik met veel moei­te een cou­chet­te voor Cees en mij­zelf in de­zelf­de cou­pé had. Als ik al­leen was ge­weest, had ik bij een stel kin­de­ren en hun ou­ders moe­ten sla­pen. Nu sla­pen wij twee­ën bij een Ma­rok­kaan en zijn vrouw.
De Ma­rok­kaan ver­telt voor het sla­pen­gaan dat Ma­ra­kesh een mooie stad is: “De rode stad”, zegt men.
Weer: van Maas­tricht tot Pa­rijs goed.

Index

Index van termen:
.
Index van personen:
Cees.
Index van locaties:

MenuBeginHoofdindex Overzicht 1972-1990Marokko 1976 (overzicht).

12 augustus 1989

Dagboek 1989

(Dag 6405) Ik woon in Eijs­den. – In Maas­tricht volg ik sinds sep­tem­ber 1987 in de a­vond­uren een VWO / Athe­ne­um op­lei­ding. Het is nu we­lis­waar va­kan­tie­tijd, maar ik werk toch aan en­kele op­drach­ten voor school.

Naar de index en het einde.

Zaterdag, 12 augustus 1989.
Eijsden – Luik.
Op 10.00 uur.
Winkel: Eijsden.
Weekendretour Liège: f. 9,60.
Werken aan de scriptie Aard­rijks­kunde.
Ik ben erg ge­span­nen, om­dat ik voor 22.00 uur klaar wil zijn en ik ben erg ze­nuw­ach­tig voor de ko­men­de nacht.
De trein van 22.33 kwam pas om 22.50 uur.
Ik ben om 23.40 in Club Spar­ta­cus in Luik.
Weer: niet koud. Droog. Be­wolkt.

Index

Index van termen:
Index van personen:
Index van locaties:

MenuBeginHoofdindex Overzicht 1972-1990.

23 juli 1988

Dagboek 1988

(Dag 6020) Ik woon samen met mijn vriend BW in Eijsden, maar die is nu met va­kan­tie in Hongkong, waar hij ook vandaan komt. – Ko­men­de nacht ga ik op stap in Luik (België).

Naar de index en het einde.

Zaterdag, 23 juli 1988.
[Bfr. 100 = f. 5,52]
BW in Hongkong. – Naar Luik.
Op 10.30 uur. Douche.
Ontbijt.
Krant lezen.
Winkel: Eijsden.
Eten.
De gewijzigde opstelling van de computer elek­trisch af­werken.
Fietsen naar de Maasplas: Oost-Maarland.
Daar lezen in “Funeral games” van Mary Re­nault. Er zijn enkele stukken. (Met hun meis­jes.)
Rond 19.00 meel kopen. [Bij LP in Eijsden.]
Koken.
Rommel opruimen.
Warm eten.
Douche.
Dagboek bijwerken
Nu 21.35 uur.
Ik kocht een Weekendretour naar Luik (f. 10,40), maar een zware onweersbui dreigt de sper­ma­trip te verstoren, hoewel die nu lang­zaam wegtrekt. Het was vandaag erg warm, veel zon en heel erg benauwd. Die re­gen­bui was zeer ze­ker no­dig, om al­les weer min­der klef te ma­ken.

Rond 22.20 ben ik op Station Eijsden en heb al kletsnatte sokken en schoenen. Het regende zo hard dat het water van de paraplu afgutste.
De trein uit Luik was er nog niet en die moet ik ook naar Luik hebben. Uit Luik kwam die pas om 22.35 uur en ik kon zelf pas in­stap­pen om 23.05 uur. (Ongeduldig ben ik niet geweest.)
Omdat in Club Spartacus in Luik altijd (?) (die twee keren dat ik er de laatste vier jaren ben ge­weest: 2 januari en 14 dagen geleden) een jon­gen, niet erg knap, uit Maastricht was, dacht ik dat we misschien wel samen zouden kunnen reizen, omdat we hetzelfde reisdoel hadden. Ik zag hem niet en liep van achter in de trein naar voren en zag twee nichten (kij­ken) en ging er tegenover zitten. Uit Heer­len, duidelijk te horen aan hun ‘Ne­der­lands’.
Zij spraken nichterig en hadden een nichterig ui­ter­lijk. (Hun haar!)
Ik sprak een tijdje met hen en luisterde goed.
In Luik vroeg ik, toen ze uitstapten, waar ze heen gingen.
“Naar het Centrum,” herhaalden ze hun eer­de­re uit­leg.
“Ik moet ook daar zijn, waar jullie moeten zijn. Waar gaan jullie precies naar toe?”
Dat was hun geheim.
Ik zei dat het wel iets zeer speciaals moest zijn dat ik daar [ook] niet naar toe moest.
De zwartharige keek me vragend aan
“Homobar,” zei ik.
“Spartacus,” zei hij.
En onder mijn paraplu liepen François (de zwart­ha­rige, 19,5 jaar oud) en Paul (de blonde, circa 26 jaar oud) samen met mij hun haar (och, hun haar!!) [in de regen] te verknoeien.
Ik had geen taxi willen nemen. De bus? Ze wil­den wel lopen.
François, tweeënhalf jaar in het ‘leven’ is zeer open en zegt wat hem voor de mond komt. Hij is een echte relnicht. Paul is bedeesder.
Onder de paraplu worden we de ‘talk of the town’ door François.
We zijn rond 00.00 in Club Spartacus, door de stortbuien.

Index

Index van termen: Club Spartacus.

Index van personen: BW.

Index van locaties: Eijsden, Luik, Maasplas, Oost-Maarland.


MenuBeginHoofdindex Overzicht 1972-1990.