6 november 1973

Dagboek 1973

(Dag 647) Ik ben als dienst­plich­tig mili­tair ge­le­gerd in de Oranje­ka­zer­ne te Schaars­ber­gen, bij het Re­gi­ment Gar­de Ja­gers: 12e Pant­ser­in­fan­te­rie­ba­tal­jon (12e Pa­inf­bat), bij de Staf-Staf-Ver­zor­gings­com­pag­nie. Ik werk daar in een ma­ga­zijn voor au­to-on­der­de­len. – Van­daag pro­beer ik, vruch­te­loos, on­der een ver­plich­te schiet­oe­fe­ning uit te ko­men.

MenuIndex en het einde.

Dinsdag, 6 november 1973.
Op 6.30. Gegeten: brood, melk.
Zo vroeg op­staan: dit was ver­plich­te re­veil­le. De UZI-schut­ters had­den schiet­oe­fe­nin­gen.
Het appèl was bin­nen, want het re­gen­de en was koud.
In het Magazijn tot 12.00 uur ge­werkt.
AOOMb N. ligt na een hart­aan­val in het zie­ken­huis.
N. is op één na de hoog­ste baas bij 11 TD. (De eer­ste is Ma­joor VdK.) Hij was een ont­zet­ten­de druk­te­ma­ker, maar dan al­leen als er iets niet klop­te, wat bij ons no­gal eens voor­kwam. Toch kwam hij bij mij over als een soort va­der­fi­guur.
Gegeten: brood, melk.
Een keer appèl.
Rond 15.30 uur bij S4Tgv, Smi DG., tot 16.00. Daar hoor­de ik dat de Be­vo-schrij­vers, dat zijn WJ., GP., RG. en RvS. niet hoef­den te gaan schie­ten. Dit ver­tel­de de S4 te­le­fo­nisch aan de CSM.*
Toen ik bij de BOG kwam vroeg ik aan Ser­geant-ma­joor DJ. of hij dat voor mij ook re­ge­len kon.
Eerder deze week gaf hij toe­stem­ming, na veel pra­ten mij­ner­zijds, om naar het vor­mings­cen­trum De Vlas­ak­kers in Amers­foort te gaan. Van­daag zegt hij dat dit niet gaat, van­we­ge de hoe­veel­heid werk. Ser­geant M. vond het goed dat ik ging. Die da­gen zijn maan­dag 12, dins­dag 13 en woens­dag 14 no­vem­ber.
Toen ik dus aan DJ. vroeg of ik moest gaan schie­ten, zei hij: “Luis­ter, jij wilt drie da­gen gaan fees­ten…”
“Oké,” zei ik, “ik ga wel schie­ten.”
Tot 17.00 in het Ma­ga­zijn ge­ble­ven.
Gegeten: sla, worst: niet te eten. Melk, si­naas­ap­pel.
Van 18.00 tot 19.00 heb­ben GP. en ik het van­daag twee maan­den ou­de spin­nen­web af­ge­bro­ken [aan het pla­fond van onze kamer] en een nieuw ge­maakt van dik­ker, ge­kleurd en oran­je touw.
Tot 19.30 ge­was­sen en om­ge­kleed en daar­na tot 22.00 naar de VVDM.
De vergadering, bij­ge­woond door dis­tricts­co­ör­di­na­tor GvK, heeft, zoals ik la­ter van AG. hoor­de, tot cir­ca 01.15 ge­duurd.
Ik ben samen met AM. een ham­bur­ger gaan eten en een pils­je drin­ken in de Ost bar. Daar­na heb ik al­les klaar­ge­maakt om mor­gen te gaan schie­ten.
Rond 22.00 in de bar.
Bed circa 23.00 uur.
Weer: koud en heel veel re­gen. On­ge­veer vijf mi­nu­ten zon.

*
Ad­ju­dant On­der­of­fi­cier Ma­te­ri­aal­be­heer­der: AOOMb.
Tech­nische Dienst: 11 TD.
Sec­tie 4 Toe­ge­voegd: S4Tgv.
Ser­geant-ma­joor in­struc­teur: Smi.
Com­pag­nies­ser­geant-ma­joor: CSM.
Ba­tal­jons­on­der­houds­groep: BOG.
Bar van de On­der­steu­nings­groep: Ost bar.

Te­rug.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.

24 oktober 1973

Dagboek 1973

(Dag 634) Ik ben als dienst­plich­tig mi­li­tair ge­le­gerd in de Oran­je­ka­zer­ne te Schaars­ber­gen, bij het Re­gi­ment Gar­de Ja­gers: 12e Pant­ser­in­fan­te­rie­ba­tal­jon. (12painfbat), bij de Staf-Staf Com­pag­nie – Ik werk in het ma­ga­zijn voor au­to-on­der­de­len van een ga­ra­ge voor mi­li­tai­re voer­tui­gen. – Ik ben ac­tief lid van de sol­da­ten­vak­bond VVDM. – HK. is ook lid van het be­stuur van de VVDM. Hij werkt op kan­toor bij de lei­ding en wij be­gin­nen het ver­moe­den te krij­gen dat hij bij de Over­ste (Ba­tal­jons­com­man­dant) ‘op schoot’ zit. – In mijn oor­spron­ke­lij­ke dag­boek­ver­slag staan zo­veel dienst­af­kort­in­gen, dat de tekst bij­na on­be­grij­pe­lijk wordt, daar­om heb ik hier­be­ne­den die vrij­wel al­le­maal uit­ge­schre­ven, om het ver­haal nog een beet­je lees­baar te hou­den.

MenuIndex en het einde.

Woensdag, 24 oktober 1973.
Op 7.00 Gegeten: yog­hurt.
Twee keer appèl. Bij het ba­tal­jons­ap­pèl werd in­spec­tie ge­hou­den. On­der an­de­re door Ser­geant I, VB., die op mijn ko­per [ko­pe­ren ba­ret­em­bleem] zwar­te spik­kel­tjes con­sta­teer­de. De Over­ste [de Ba­tal­jons­com­man­dant] keek in mijn rich­ting toen ik stond te poet­sen. Ik kreeg de spik­kel­tjes er niet af.
‘Als we maar geen ins­pec­tie krij­gen,’ dacht ik, ‘want dan tik ik ‘m.’
Na het appèl zei de Over­ste: “Aan­van­gen met de mor­gen­dienst. De Staf­com­pag­nie blijft staan.” Toen wist ik zeker dat ik het week­end bin­nen zou zit­ten, maar we kre­gen geen in­spec­tie. We moes­ten exer­ce­ren en daar­na volg­de de be­vor­de­ring van en­ke­le Ja­gers I tot Kor­po­raal. Ook S., die mor­gen af­zwaait, werd per 1 no­vem­ber tot Kor­po­raal be­vor­derd.
Daarna af­mars door de nieuwe Be­vo-Ser­geant (ver­van­ger van D.) naar ach­te­ren. [Bevo: Be­voor­ra­ding.]
Dienstplichtig Ser­geant JS.* moet op rap­port. Hij zei gis­te­ren na­me­lijk: “Nee” te­gen de Com­pag­nies­com­man­dant en de­ze zei: “Jam­mer.”
Later heeft JS. te­le­fo­nisch ge­vraagd wat de uit­spraak van gis­te­ren be­te­kent: “De ge­vol­gen merk je nog wel”, zei de Com­pag­nies­com­man­dant.
Eerst zei Kapitein K. dat hij dit niet ge­zegd had en la­ter zei hij dat hij hier­mee het vol­gen­de be­doel­de. Als vrij­dag het Ma­ga­zijn niet over­ge­dragen kan wor­den, dan zal hij ver­slag aan de Ba­tal­jons­com­man­dant over­bren­gen en zij zul­len dan naar een mo­ge­lijk­heid zoe­ken om JS. hier te hou­den.
Op advies van LH. [VVDM] heb ik di­rect na het mid­dag­ap­pèl de Ko­lo­nel E. [de Ka­zer­ne­com­man­dant] op­ge­beld en hem (ik was erg ze­nuw­ach­tig) zo goed en zo kwaad als het ging ver­teld hoe de vork in de steel zat. Hij zou kij­ken wat hij kon doen en vrij­dag heb ik ge­hoord dat er die­zelf­de mid­dag een on­der­zoek is ver­richt.
Gegeten om circa 12.30: brood en melk. Na het ap­pèl VVDM-hok. (Toen dus de Ko­lo­nel ge­beld), tot 14.00.
Magazijn tot 17.00. Niet naar Tech­nische Dienst ge­weest. Be­stel­lin­gen voor de C-Com­pag­nie ge­maakt.
Gegeten: nasi. Ik had geen tijd om fat­soen­lijk te eten, daar ik met SR. zo­veel te be­pra­ten had. On­der an­de­re over de recht­se (zich als af­de­lings­be­stuur­der uit­ge­ven­de HK. (Is ook af­de­lings­be­stuur­der.)) Hij on­der­mijnt de VVDM met zijn ge­slijm bij de Over­ste. On­der an­de­re schrijft hij in het Ba­tal­jons­bul­le­tin dat het een eer is voor de Char­ley Com­pag­nie om voor een maand naar Duits­land te moe­ten, maar de ma­ten balen zó, dat het niet nor­maal meer is.
De contri­bu­tie­lijs­ten na­ge­ke­ken, sa­men met SR. op de ad­mi­ni­stra­tie en tot de ont­dek­king ge­ko­men dat J., die zo erg te­gen de VVDM is, zelf wel lid is.
Om 18.15 naar ach­te­ren. [Ma­ga­zijn]
Om 20.00 tot 20.20 naar de kan­tine: pa­tat en li­mo­na­de.
Gewerkt tot 21.00. Be­stel­lin­gen ge­daan. (Zon­der [col­le­ga] OW.)
Van 21.30 in de douche tot 21.45 uur.
VVDM tot 22.00 uur.
Bar 11 TD [TD: Tech­nische Dienst] van cir­ca 22.15 tot on­ge­veer 22.45. Toen naar de Af­ter Five bar van de Staf Bat­te­rij KRA [Korps Rij­den­de Ar­til­le­rie: Ge­le Rij­ders = bij­naam: Kip­pen]. Vijf pils f. 2,25. Dit was de af­scheids­fuif van PB. en Stoe­pie (VdS.) van de Trans­port­groep.
AM. is even aan­we­zig ge­weest. Hij is ziek, hij heeft hart­pro­ble­men.
Samen met WJ. bij OW. op de ka­mer ge­ze­ten.
Bed rond 00.15.
Weer: fris en bewolkt.

*
Dienst­plich­tig ser­geant JS. is de com­man­dant van het Ma­ga­zijn, waar ik ook werk. Hij zwaait bin­nen­kort af: zijn dienst is dan be­ëin­digt. Hij moet er­voor zor­gen dat het Ma­ga­zijn goed over­ge­dra­gen wordt, maar men weet nog niet aan wie.
Bin­nen­kort komt er een zeer stren­ge in­spec­tie, die wel veer­tien da­gen kan du­ren. De ad­mi­ni­stra­tie van het Ma­ga­zijn is niet in or­de, om­dat er veel sleu­tels in om­loop zijn. Wan­neer het ma­ga­zijn­per­so­neel, mijn col­le­ga’s en ik, niet aan­we­zig zijn, haalt ie­der­een er wat van zijn ga­ding uit. Dat was nooit een pro­bleem, vond men, maar nu die stren­ge in­spec­tie komt, wil de com­pag­nies­com­man­dant Ka­pi­tein K., Ser­geant JS. voor dit pro­bleem ver­ant­woor­de­lijk ma­ken en wil hem dus dwin­gen lan­ger te blij­ven dan hij voor zijn dienst­plicht ver­plicht is. Hij moet de zon­de­bok wor­den, maar JS. wil niet lan­ger blij­ven en zei daar­om gis­te­ren dus “Nee!”, tegen Ka­pi­tein K.
Omdat ik via de VVDM ook toe­gang heb tot de Ka­zer­ne­com­man­dant, Ko­lo­nel E., stel ik die van de­ze gang van za­ken op de hoog­te.

Te­rug.

Ge­le Rij­ders. Wi. Mi­li­tai­ren van het Korps Rij­den­de Ar­til­le­rie wor­den, op grond van hun ga­la-uni­form, ook ‘Ge­le Rij­ders’ ge­noemd, maar ze wor­den ook wel ‘Kip­pen’ ge­noemd, om­dat het hoofd­dek­sel van hun ge­vechts­te­nue, met enige fan­ta­sie, op een ‘ha­nen­kam’ lijkt.

Te­rug.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.

11 oktober 1973

Dagboek 1973

(Dag 621) Ik ben dienst­plich­tig mi­li­tair en de­ze week ge­le­gerd in een ka­zer­ne in ’t Har­de op de Ve­lu­we. – Vrij­wel al­le on­der­de­len van het Ne­der­lands le­ger moe­ten één week wacht lo­pen in ’t Har­de, waar, zo ver­moedt de Vre­des­be­we­ging, Ame­ri­kaan­se atoom­kop­pen op­ge­sla­gen lig­gen. Wij, de dienst­plich­ti­ge mi­li­tai­ren, be­wa­ken slechts bun­kers en of er wat in ligt en wat dan, daar­van heb­ben we geen idee. – Af­ge­lo­pen dins­dag had ik te ho­ren ge­kre­gen dat mijn oma, na een mis­luk­te ope­ra­tie, over­le­den is. Daar­voor ga ik nu voor­tij­dig naar huis, want ze wordt vrij­dag a.s. be­gra­ven.

MenuIndex en het einde.

Donderdag, 11 oktober 1973.
Op wacht 02.00 tot 03.00 uur: post 3. Te­le­fo­nisch ge­ou­we­hoerd met PH. en HvE.
Limonade: f. 0,50.
04.00 op wacht op post 4 (ja, 4) tot 05.00. Van 6.00 tot 7.00 pa­trouil­le met HvE. (Ik draag de ra­dio: cir­ca 15 ki­lo.)
De aflossing is tien mi­nu­ten te laat. De groep die ons al­tijd af­lost is de groep waar GL. in zit, ook VVDM’er WA. en de meid, een van de eer­ste jon­gens die me hier op de ka­zer­ne op­viel.
Geslapen van 8.00 tot 9.30 uur. Ik moest op­staan want er kon wel eens alarm ko­men. Dit is ech­ter niet ge­ko­men.
Rond 12.00 plunje­zak in­ge­pakt. Ge­ge­ten. Cir­ca 14.20 weg uit ’t Har­de. Chauf­feur S. van de Staf-com­pag­nie en ser­geant M. van de C-com­pag­nie.
Om 15.20 in Arn­hem stad. Rond 16.00 OK. [Oran­je­ka­zer­ne in Schaars­ber­gen.] Kast ‘in­ge­pakt’, d.w.z. al­les er­in ge­gooid. Niet ge­ge­ten. Ik kreeg een ba­naan van WJ. Bus 17.00: f. 0,90.
Trein 17.32: vrij ver­voer. Via Den Bosch. Al­leen ge­reisd.
Niemand thuis, wan­neer ik opbel. Bus f. 1,15: 19.55. Thuis 20.15.
J. is thuis, is met taxi ge­ko­men. (F. 8,00) [Mijn broer J. is ook dienst­plich­tig mi­li­tair.]
Pap en Mam thuis: 20.30
Post doorgelezen. Brief PTT [mijn werk­ge­ver]: vanaf 7-11-73 krijg ik tach­tig pro­cent van mijn loon.
Gegeten. TV. Koffie. Douche. Dood­moe.
Op bed circa 22.30.
Veertien dagen al­leen naar plaat­jes van mooie meis­jes kun­nen kij­ken. Thuis be­vre­digd sinds veer­tien da­gen.
Nieuwe man op de kamer: RG. Nog niet ge­spro­ken of ge­zien.
Weer: steenkoud, kwam ook om­dat ik te wei­nig slaap heb ge­had. Veel re­gen.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.

28 september 1973

Dagboek 1973

(Dag 608) Ik ben als dienst­plich­tig mi­li­tair ge­le­gerd in de Oran­je­ka­zer­ne te Schaars­ber­gen, bij het Re­gi­ment Gar­de Ja­gers: 12e Pant­ser­in­fan­te­rie­ba­tal­jon. (12painfbat) – Ik werk in het ma­ga­zijn voor au­to-on­der­de­len van een ga­ra­ge voor mi­li­tai­re voer­tui­gen. – Ik ben ac­tief lid van de sol­da­ten­vak­bond VVDM. – Het is week­einde en ik reis naar mijn ou­ders. In de trein zit ik te­gen­over een bij­zon­der aan­trek­ke­lij­ke en sexy jon­ge­man.

MenuIndex en het einde.

Vrijdag, 28 september 1973.
Op 7.00. Gegeten.
Een keer appèl.
Bevolen dienst: om 9.00 wer­ken in het of­fi­ciers­ho­tel.
Eerst in het Ma­ga­zijn tot 8.45. Van­we­ge de hoe­veel­heid werk: uit­pak­ken van ma­te­ri­aal, pro­beer ik on­der de be­vo­len dienst uit te komen. Dat lukt niet.
Om 9.00 moet ik in of­fi­ciers­ho­tel de kel­der­bar ver­sie­ren (met ju­te). Er is een feest­je van de Gre­na­diers en Ja­gers: het 144-jarig be­staan. De lei­ding is in han­den van Elnt VD. van de A-Cie. [Elnt: Eers­te-lui­te­nant; A-Cie: A-com­pag­nie.]
Tot 11.00. Dan terug naar het Ma­ga­zijn.
Tot 12.15 materiaal uit­pak­ken.
Gegeten: stampot: (ma­tig), ker­sen­yog­hurt.
Een keer appèl.
Magazijn: verder met uit­pak­ken tot 16.00.
Geen inspectie meegemaakt. [Op de ka­mer?] Om­kle­den.
Eten: drie haringen, twee be­kers yog­hurt.
Samen met JvL. en AG. af­spra­ken voor de VVDM ge­maakt. Ik moet maan­dag de Ho­jel­ka­zer­ne [Utrecht] bel­len naar NvN.
Om 16.50 weg. Bus 0,75. Arn­hem: vrij ver­voer.
Trein van 17.32. Die was erg vol. Ik liep op zoek naar twee plaat­sen (HV. en ik) door. Ik vond twee plaat­sen. HV. bleef in de druk­te han­gen. Ik zat schuin te­gen­over een jon­gen, mis­schien wel de mooi­ste die ik in mijn le­ven heb ge­zien. Hij was niet in Arn­hem in­ge­stapt, maar eer­der. Hij had een en­gel­ach­tig ge­zicht. Mooie zicht­ba­re juk­been­de­ren, brui­ne ogen, krul­lend half­lang zwart haar. Was door de zon ge­bruind. Hij had slan­ke han­den. Zijn rech­ter­arm liet hij tus­sen zijn be­nen door naar be­ne­den han­gen. Hij had slan­ke be­nen en een strak­ke broek aan. Als hij zijn arm af en toe om­hoog deed zag ik dat hij een stij­ve pe­nis had (of die moest zo dik en groot zijn).
Hij was gekleed in een strak­ke licht­blau­we broek, een wit hemd en een zwart wol­len jas­je. Ik schat­te hem 17 à 18 jaar. Door zijn ma­ten, die er­gens an­ders za­ten en het over dienst had­den, ver­moed ik dat hij ook in [mi­li­tai­re] dienst zit.
Hij beantwoordde in het Maas­trichts en­ke­le vra­gen, maar bleef des­on­danks in Den Bosch in de trein naar Roo­sen­daal zit­ten. La­ter, toen hij zijn hand op­tilde was zijn pik klei­ner en dun­ner, dus hij had een stij­ve ge­had.
Omdat hij zulk een mooi ge­zicht had noem ik hem maar An­gel (En­gels voor en­gel.)
In ’s Hertogenbosch stap­ten wij uit. Hij niet. Ik zal hem wel­licht voor­lo­pig niet weer zien. Wat was dat een heer­lijk mooie jon­gen. Ik heb van zijn aan­blik, zijn mooie ge­zicht ge­no­ten. Ik wil­de dat ik een fo­to­gra­fisch ge­heu­gen had, zo­dat ik dat mooie ge­zicht nog ve­le ma­len te­ke­nen kon.
Tegen 19.30 in Roer­mond. Fiets naar huis. Rond 20.00 thuis. Kof­fie en tv: De bra­ve sol­daat Schweijk. Hoofd­rol: Fritz Mu­liar.
Van 22.00 tot 23.00 douche.
Bed 23.40.
Weer: koud, regenachtig.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.

15 september 1973

Dagboek 1973

(Dag 595) Ik ben als dienst­plich­tig mi­li­tair bij het 12e Pant­ser­in­fan­te­rie­ba­tal­jon. (12­pa­inf­bat), bij de Staf-Staf Ver­zor­gings­com­pag­nie. We zijn sinds maan­dag jl. op oe­fe­ning in Duits­land voor de groot­ste NATO / NAVO – oe­fe­ning sinds het ont­staan van die or­ga­ni­sa­tie: Big Fer­ro*. Dit is dus de zes­de dag dat we on­der­weg zijn. Voor al­le deel­ne­men­de mi­li­tai­re een­he­den geldt de zo­ge­naam­de ‘Zoe­loe­tijd’, waar­op al­le klok­ken ge­lijk­ge­steld zijn. – Ook tij­dens de­ze oe­fe­ning is mijn func­tie, even­als in Ne­der­land, me­de­wer­ker van het ma­ga­zijn voor re­ser­ve­on­der­de­len voor mi­li­tai­re voer­tui­gen.

MenuIndex en het einde.

Zaterdag, 15 september 1973.
Alle tijden: zoeloetijd
Op 2.00. Wacht­lo­pen. Een wacht­woord is niet be­kend.
Weer: fris.
Circa 3.45 uur kwa­men er twee voer­tui­gen het kamp bin­nen. YP408 PWCO (Pant­ser Wiel Com­man­do). Die moes­ten brand­stof (die­sel) en re­ser­ve­de­len heb­ben. Na­me­lijk een scha­ke­laar 7-stan­den en re­flec­tor kop­lamp. Voer­tui­gen: S32 ging even la­ter weer weg. C2 bleef op het kamp. (Tot de laat­ste dag.)
Tegen 4.00 in bed. Rond 6.00 een de­ken in slaap­zak ge­daan. (Koud.)
Cira 9.00 Op­ge­staan. Niet ge­ge­ten.
Tot ongeveer 13.00 rond­ge­han­gen. Daar­na kon­den we dou­chen in de le­ger­plaats Hoh­ne (Ber­gen) in het ge­bouw van het Staf­es­ka­dron van het 41­Tank­ba­tal­jon. Er was daar al­leen maar koud wa­ter.
Terug op het kamp tegen 14.00. Rond­ge­han­gen en ge­ge­ten uit het voed­sel­pak­ket. Krant van vrij­dag ge­le­zen. (Cou­rant Nieuws van de Dag: aan­hang­sel van de Te­le­graaf.)
’s Avonds mijn wa­pen in­ge­le­verd bij Kor­po­raal Tech­nisch Spe­ci­a­list (Kpl TS) H. in diens YP408 PWVr. (Pant­ser Wiel Vracht) S35.
Vanaf 17.00 op wacht tot 17.30. Toen gaan eten. Sla, kom­kom­mer en twee stuk­ken vlees. Mes­tins om­spoe­len (na één week) in warm wa­ter. [Mes­tin: een mi­li­tair voer­der­bak­je.]
Tot 19.00 rondgehangen.
Café: drie pils, twee co­la. Sa­men met OW. en DH. die nu de bij­naam Den Dooie heeft. (Wat een ver­ve­len­de ke­rel.)
Circa 23.00 in bed.
Weer: overdag heer­lijk warm. ’s Avonds koud.

*
BIG FERRO: NATO / NAVO-oe­fe­ning on­der lei­ding van de Ne­der­land­se lui­te­nant-ge­ne­raal F. (Ferry) E. Meijn­derts.
– 12 – 21 sep­tem­ber 1973 in Hoh­ne, Duits­land.
– Hoogste aantal mi­li­tai­ren in vre­des­tijd op de been ge­bracht.
– 24.000 Ne­der­land­se mi­li­tai­ren.
– 8.000 Bel­gen, Ame­ri­ka­nen en Duit­sers.
– 120 ton le­vens­mid­de­len per dag.
– 1800 ton brand­stof per dag.
– 10.000 voer­tui­gen en tanks.

– Majoor Schuur­mans: ‘Je moet door die lan­ge ha­ren heen­kij­ken en dan zie je wat een pracht­ke­rels het zijn.’ [Lan­ge ha­ren: vrij­wel al­le Ne­der­land­se sol­da­ten heb­ben lan­ge ha­ren. Van de bui­ten­lan­ders geen één.]

Voor een niet on­aan­zien­lijk deel dank­te men het suc­ces­vol­le ver­loop van Big Fer­ro aan het sta­biel zo­mer­se weer. Zon­dag­avond toen de een­he­den tus­sen Lü­ne­burg en Uel­zen de nieuwe po­si­ties voor fase II had­den in­ge­no­men, vie­len de eer­ste drup­pels, maar toen had het zon­net­je het mo­reel al zo hoog ge­hou­den, dat 40.000 man, die vier da­gen en nach­ten met 13.000 voer­tui­gen had­den rond­ge­re­den, niet één bur­ge­mees­ter­lij­ke klacht had­den ver­oor­zaakt. De scha­de be­perk­te zich tot en­ke­le licht be­scha­dig­de ber­men.

Big Ferro, het hu­za­ren­stuk van het Le­ger­korps is voor­bij.
Don­der­dag 20 sep­tem­ber om 13.00 uur geeft lui­te­nant-ge­ne­raal F.E. Meijn­derts het sig­naal ‘ein­de oe­fe­ning’. De com­man­dant van Eer­ste Le­ger­korps kan de ba­lans op­ma­ken van bij­na twee we­ken oe­fe­nen en de veer­tig­dui­zend deel­ne­mers kun­nen de tocht naar huis aan­van­gen. Te­vre­den, want hun in­zet heeft de­ze mam­moet­oe­fe­ning tot een ge­denk­waar­dig feit in de ge­schie­de­nis van de Ko­nink­lij­ke Land­macht ge­maakt.

Bron (originele tekst iets aan­ge­past): 13 ZVE.
Wikipedia: Luitenant-Generaal Ferry E. Meijnderts.

Te­rug.

Index

Index van ter­men:
Index van per­so­nen:
.
Index van lo­ca­ties:
.

Me­nuBe­ginHoofd­in­dex Over­zicht 1972-1990.